De Belgische band Barabbas bracht zijn debuut The Locksmith uit bij Consouling, het label dat o.m. Amenra, Alkerdeel en Wiegedood onder de aandacht bracht. Barabbas ligt inzake genre een heel eind verwijderd van de meeste andere Consouling-bands. 

 

Barabbas staat voor groovy up-tempo desert stoner, een beetje tussen Kyuss en Triggerfinger in, al zijn er ook momenten dat er wat dark noise, psychedelica of doom op het bord gegooid wordt. Inzake productie zijn er wat slordigheden en onvolmaaktheden, of het zou moeten zijn dat dit bewust een nieuwsoortige slacker-stoner is. Omdat de twee gitaristen en de bassist elkaar aflossen achter de microfoon wordt het nooit eentonig, maar daardoor mist het album ook consistentie. Omdat het songmateriaal heel juist en scherp weet te raken inzake compositie, mix en sfeer wil je die soms wat sjofele productie en het ontbreken van een volbloed-zanger wel door de vingers zien.  Het openingstrio Goldstone, Sister en Right Where You Want Me zijn welgemikte stoner-rockers.  Daarna volgt een track die de luisteraars in twee kampen zal verdelen: Guy Tells Us How To Make An Omelet. Daarin vertelt iemand letterlijk en met veel geschreeuw hoe je een omelet moet bakken. Te absurd voor de enen en voor anderen de perfecte sneer naar lyric-fetisjisten  die overdreven veel aandacht toekennen aan de teksten. Zuiver instrumentaal zou deze track meer mysterie uitstralen. Een paar over-the-top-psychedelische gitaarsolo’s hadden hier het absurde tekst-plaatje perfect kunnen aanvullen.

 

Daarna gaat Barabbas door op de formule van Kyuss meets Mastodon meets Triggerfinger meets Monster Magnet: retestrakke stonermetal met de spontaan meezingbare refreinen die Triggerfinger ontbeert.  Thorn In My Side heeft een lichte southern rock-toets dankzij een heel eenvoudig ah-ah-koortje dat van de Black Crowes had kunnen zijn. Het moet gezegd dat Barabbas op dit album Amerikaanser klinkt dan heel wat andere Europese stoner-bands.

 

Steal The Crown is inzake compositie en gitaarsolo’s een pareltje, maar wordt genekt door de povere productie. De solo’s krijgen op deze track wel alle tijd en ruimte om zich in je hoofd te nestelen, maar gaan op geen enkel moment vervelen. Afsluiter All In Sweet Time maakt duidelijk dat deze band nog heel wat meer in zijn mars heeft dan vuige woestijnrock. Van Pink Floyd wordt opgebouwd naar Black Sabbath, met haltes bij Masters Of Reality en Soundgarden.

 

Als The Locksmith één ding duidelijk maakt, is het dat Barabbas overloopt van potentieel. Alle ingrediënten zijn aanwezig om de wereld met verstomming te slaan, maar er ontbreekt misschien nog een kok in de Barabbas-keuken die met strenge hand een aantal beslissingen moet doordrukken. Vanaf dat moment ligt de wereld gegarandeerd aan hun voeten.