[singlepic id=11346 w=320 h=240 float=left]Tijdens de jubileumeditie van vorig jaar werd Bospop “geteisterd” door een hittegolf waardoor enige fysieke inspanning vrijwel onmogelijk was en je eigenlijk niks anders kon doen dan veel drinken om het lichaamsvocht op peil te houden. Gelukkig was het afgelopen weekend veel beter gesteld met de omstandigheden want met ongeveer 22 graden en een lekker zonnetje was het perfect festival weer en dus optimaal genieten geblazen van veel goede muziek.

De aftrap word verricht op het hoofdpodium door The 101’s, een jonge band uit Eindhoven die met hun energieke punkrock direct de aandacht opeisen. Gezien de jeugdige leeftijd van de “heren” is het opmerkelijk hoe volwassen hun sound nu al is. In de tent word het spits afgebeten door The Resistance Plot, een eveneens jong gezelschap uit Weert die dus een thuiswedstrijd spelen. De melodieuze gitaarrock van de band valt prima in de smaak bij het aanwezige publiek. Dit is tevens een van de leuke aspecten van Bospop. Jonge bands van eigen bodem die de kans krijgen om hun kunsten te vertonen op een groot podium.

Voor Gianni Nannini is een groot podium gesneden koek. Deze veterane was in de jaren 80 zeer succesvol in haar thuisland Italië maar was gedurende die jaren ook een populaire live act in Europa. Zo heeft ze o.a. op Pinkpop gestaan. Haar optreden op Bospop maakt in ieder geval duidelijk dat ze het rocken nog steeds niet verleerd is. Ze is inmiddels mid-50 maar qua energie kunnen veel jongere zangeressen hier nog een voorbeeld aan nemen. (Anouk bijvoorbeeld, maar daarover later meer). En ja, je moet natuurlijk wel van Italiaanse teksten houden maar het groepje fanatieke fans op de eerste rij konden er in ieder geval geen genoeg van krijgen. Van Yasmin valt ook moeilijk genoeg te krijgen. Ze is namelijk niet alleen leuk om naar te kijken, gitaarspelen kan ze ook en bovendien klinken haar nummers aanstekelijk en heeft ze een dijk van een stem. Uiteraard staat het album Friend or foe centraal tijdens dit optreden .Ook geslaagd is een stampende versie van de Eurythmics klassieker Sweet dreams.

[singlepic id=11353 w=320 h=240 float=right]Maar hoe leuk en goed het ook allemaal is, Bospop komt pas echt tot leven op het moment dat Foreigner het hoofdpodium betreed. Want op een festival gaat het voornamelijk om herkenning. Nummers die je kunt meezingen en gepaard gaan met nostalgische gevoelens. Nou, dan zit je bij Foreigner wel goed. Nummers als Cold as ice en Feels like the first time zorgen voor kippevel en ook de ballads en publieksfavorieten als Waiting for a girl like you en I want to know what love is gaan erin als koek. Opvallend is dat alleen gitarist Mick Jones het enige overgebleven originele bandlid is maar dat het muzikaal nog net zo klinkt als 25 jaar geleden. Dat is tevens de verdienste van zanger Kelly Hansen. Niet alleen een geweldige frontman maar ook gezegend met een uitstekende stem die grote gelijkenissen vertoont met originele zanger Lou Gramm. Een lang uitgesponnen uitvoering van Jukebox hero besluit dit te gekke maar korte optreden. Hoewel kort, een uur is inderdaad niet lang maar als je dat, net als Foreigner, volpropt met bekende nummers dan maak je daar optimaal gebruik en hoeft het op zich ook niet langer te duren.

In de tent gaat The Answer er inmiddels vol gas tegenaan. Deze sympathieke Ieren overdonderen een groot deel van de aanwezigen met hun enthousiaste en energieke optreden. Nummers van de eerste twee albums worden prima met elkaar afgewisseld maar ook krijgt het publiek uitstekend nieuw werk te horen van het album Revival dat later dit jaar uitkomt. Zanger Cormac Neeson gooit zijn hele ziel en zaligheid in het optreden al gaat hij inclusief baard wel steeds meer op Black Crowes zanger Chris Robinson lijken. Na afloop is er geen tijd om bij te komen want The Faces staan inmiddels op het punt van beginnen op het hoofdpodium. Met drummer Kenny Jones, toetsenist Ian McLagan en Rolling Stones gitarist Ronnie Wood staan er drie originele Faces op het podium. Met Simply Red zanger Mick Hucknall als vervanger voor Rod Stewart lijkt het op papier een nogal vreemde combinatie, toch blijkt hij qua stem een schot in de roos te zijn. Met de ogen dicht denk je af en toe echt dat het Stewart is. Een dikke pluim voor Hucknall dus. Het is alleen jammer dat zijn stem niet altijd even goed doorkomt omdat het geluid niet optimaal is. Wel optimaal is het typische Faces gitaargeluid van Wood die veel meer indruk maakt dan bij de Stones. Niet dat het allemaal vlekkeloos is maar in sommige solo’s maakt hij best wel indruk en is het eigenlijk jammer dat hij binnen de Stones veel minder ruimte krijgt. Soms komt het optreden wat rommelig over waardoor de vlam niet echt in de pan slaat. Toch valt er met nummers als Ooh la la, de Small Faces klassieker All or nothing en het onvermijdelijke Stay with me waarin Hucknall excelleert genoeg te genieten.

[singlepic id=11306 w=320 h=240 float=left]Rival Sons heeft onlangs met Pressure and time een van de beste albums van het jaar uitgebracht. Muzikaal brengen de heren niks nieuws maar de invloeden van Led Zeppelin en The Doors worden bijzonder smaakvol samen gekneed tot een heerlijk geheel. De nummers komen op het podium nog beter tot hun recht. Alleen is er qua uitstraling nog veel te leren en dan voornamelijk voor zanger Jay Buchanan. Want als je gezegend bent met zo’n formidabele stem (misschien wel de beste zanger van het hele festival) en ook nog eens beschikt over de “looks” dan valt er nog veel meer uit te halen. De toekomst zal het leren. Aan de muziek zal het niet liggen. Geweldige band! Er zijn veel fans van Journey deze dag en die zullen niet teleurgesteld worden. Voor het podium is het geluid uitstekend en is het genieten geblazen van een behoorlijk gedreven Journey. Onder aanvoering van zanger Arnel Pineda komen de meeste klassiekers aan bod en ook van het nieuwe album Eclipse worden de beste nummers gespeeld. City of hope, Edge of the moment en Tantra van Eclipse klinken overtuigend maar de beste reacties zijn zoals gewoonlijk voor favorierten als Lights, Faithfully, Wheel in the sky en Don’t stop believin’. Gitarist Neal Schön en drummer Deen Castronovo zijn zoals altijd prima op dreef en Pineda is goed bij stem al is zijn podiumpresenatie soms een beetje over the top. Hij staat geen seconde stil en doet erg zijn best om het publiek te vermaken. Toch gaat dit op sommige momenten wel ten koste van de zang. Wat Buchanan van Rival Sons te weinig heeft, heeft Pineda in overvloed. Ook Texas heeft veel succes in de tent. Niet raar omdat ook zij de nodige hits hebben gehad die voor velen een feest der herkenning zijn. Bovendien is zangeres Sharleen Spiteri nog altijd prima bij stem. Dat geldt ook voor Joe Cocker die de eerste dag op professionele wijze afsluit.

[singlepic id=11255 w=320 h=240 float=right]Zaterdag is met afstand de drukst bezochte dag van deze Bospop editie. In totaal zijn er zo’n 25.000 kaarten verkocht verdeeld over drie dagen. Dat hadden er best een paar meer mogen zijn maar dat zal mede veroorzaakt zijn door het verhoogde btw tarief. Bospop is een van de eerste festivals dat te maken heeft gehad met de verhoging. Bij binnenkomst waren de optredens van The Dirty Denims en Harrie en De Gebroeeke Zwiegelkes al achter de rug. Het was dus wakker worden met Coldplace en het moet gezegd, er zijn ergere dingen. De sound van Coldplay komt akelig dicht in de buurt en ook qua stem en podiumpresentatie lijkt het heel erg op het origineel.

Serena Pryne is de eerste verrassing van de dag. Met een aanstekelijke mix van rock/pop/country en een geweldige rauwe stem maakt Pryne veel indruk. Dat kan niet gezegd worden van KT Tunstall die op het grote podium totaal niet op haar plek is. Wat dat betreft had ze beter in de tent kunnen spelen maar zelfs dan is het maar de vraag of de muziek van Tunstall wel geschikt is voor een groot festival. Want het publiek op een festival wil herkenning en dat is exact waar het bij The Ultimate Eagles om draait. En dit zijn niet zomaar een stel bij elkaar geraapte muzikanten want met o.a. Tyketto zanger Danny Vaughn en Thunder bassist Chris Childs in de gelederen staat er veel kwaliteit op het podium. De vijf frontmannen beschikken allen over geweldige stemmen en de samenzang is uitmuntend. Het publiek vind het prachtig en reageert enthousiast op nummers als Lyin’ eyes, Life in the fast lane, Already gone en Desperado. Het optreden eindigt geheel is stijl met Hotel California.

[singlepic id=11287 w=320 h=240 float=left]Ringo Starr is natuurlijk een van de publiekstrekkers deze dag. In zijn All Star Band zitten o.a Edgar Winter, Gary Wright en Rick Derringer die allen de ruimte krijgen om een eigen nummer te spelen. Vooral Derringer’s Rock and Roll hoochie koo krijgt de handen op elkaar. Het zijn uiteraard Starr’s solohits als It don’t come easy en Photograph die enthousiast onthaald worden om over de nummers van (zoals Starr aankondigt) “that other band I used to be in” maar te zwijgen. Yellow submarine, I wanna be your man en With a little help from my friends zorgen voor de nodige kippevel. In de tent gaan The Bosshoss er inmiddels flink tegenaan en niet zonder success. Ultieme feestmuziek en uitermate geschikt voor een festival.

Dat zou je ook zeggen van Brian Setzer maar helaas komt zijn “Rockabilly Riot” op het hoofdpodium niet goed uit de verf. Daar brengt een gastoptreden van Stray Cats drummer Slim Jim Phantom geen verandering in ondanks dat er een aantal Stray Cats hits gespeeld worden. Het optreden van Gregg Allman veroorzaakt bij menigeen gemengde gevoelens. De voorman van The Allman Brothers Band en tevens levende legende oogt breekbaar en enigszins onzeker. Vooral in het begin lijkt hij nogal zenuwachtig te zijn en vergeet hij zelfs zijn teksten. Een vreemde gewaarwording voor iemand met zoveel ervaring. Maar ja, het rock ’n roll leven zal inmiddels zijn tol wel eisen. Toch heeft hij een uitstekende band meegenomen die de typische Southern blues prima vertolkt. Dit optreden maakt deel uit van zijn huidige tour naar aanleiding van zijn onlangs verschenen album Low country blues waarvan een aantal nummers de revue passeren.

[singlepic id=11299 w=320 h=240 float=right]De Zweedse hitmachine Roxette heeft genoeg bekende nummers om een festival optreden tot een succes te maken. Helaas lijkt de tand des tijds voor zangeres Marie Fredriksson  haar niet gunstig gezind te zijn want haar stem laat flink te wensen over. Bovendien heeft haar podiumpresentatie nul komma nul uitstraling wat best vreemd is omdat Roxette groot geworden is in het MTV tijdperk waarbij het showelement juist zo enorm belangrijk was. De andere helft van Roxette, gitarist en songschrijver Per Gessle, moet het dus alleen doen. Iets wat hem wel toevertrouwd is maar ondanks dat hij zijn best doet overtuigd Roxette niet. Overtuigen doet voormalig Supertramp voorman Rodger Hodgson wel degelijk. Sterker nog, zijn optreden zal de boeken ingaan als een van de hoogtepunten in de Bospop historie. In een bomvolle tent komen in een uur tijd alle grote hits van Supertramp aan bod waar Hodgson verantwoordelijk voor is. Dit optreden toont tevens aan dat het onbegrijpelijk is dat het huidige Supertramp het zonder Hodgson moet doen vanwege de jarenlange strubbelingen tussen hem en Rick Davies. Vanaf opener Take the long way home gaat het dak eraf. De sfeer is werkelijk niet te beschrijven. Hodgson word volledig overstemd door de enthousiaste menigte en is er zelf enorm door verrast. Na ieder nummer krijgt hij een oorverdovend applaus dat gepaard gaat met een oorkaan van gejuich dat minuten lang duurt. Hij is er zichtbaar door geroerd en als toeschouwer is het ontroerend om naar te kijken en erbij te zijn. Want dit is een optreden waar nog jaren over zal worden gesproken. School, The logical song, Dreamer, Give a little bit, It’s raining again, Breakfast in America en het geweldige Fool’s overture brengen het publiek in extase. Hodgson kijkt om de vijf minuten op zijn horloge omdat de tijdsduur beperkt is en omdat dit optreden hem waarschijnlijk niet lang genoeg kan duren. Hij geniet met volle teugen waardoor het publiek er nog een schepje bovenop doet. Na een uur is het dan echt voorbij maar het publiek wil meer en na een minutenlange ovatie gaat de organisatie overstag en krijgt Hodgson een paar extra minuten. Wegens tijdgebrek kiest hij ervoor om nogmaals Breakfast in America te spelen omdat het een kort nummer is waarbij iedereen nog eenmaal lekker kan meezingen. Het enthousiasme vanuit de tent is er niet minder om. Een gedenkwaardig optreden dat qua sfeer te vergelijken valt met het eerste optreden van Journey op het Arrow Rock Festival enkele jaren geleden.

[singlepic id=11325 w=320 h=240 float=left]Afsluiter Anouk is ondertussen van start gegaan op het hoofdpodium maar is na het geweld van Hodgson toch even wennen. Anouk raakt steeds meer verwijderd van haar rock roots wat helaas ook in haar optredens tot uiting komt. Bovendien lijkt ze er niet echt veel zin in te hebben vanavond maar dat kan natuurlijk ook schijn zijn want met Anouk weet je het nooit. In ieder geval zingt ze nog steeds de sterren van de hemel en heeft ze een uitstekende begeleidingsband met niemand minder dan Trijntje Oosterhuis in het achtergrondkoortje. Maar ondanks nummers als Girl, Nobody’s wife, Lost en Good God slaat de vonk niet echt over. De anti-climax is compleet als Anouk na vijf kwartier het podium verlaat en niet terugkeert voor een toegift terwijl er volgens schema nog een kwartier te gaan is. Dan heb je je taak als headliner niet helemaal goed begrepen.

Het Nederlandse hardrock trio Vanderbuyst begrijpt in ieder geval heel goed hoe je een festivaldag moet openen. Liefhebbers van traditionele hardrock komen met deze sympathieke jongens prima aan hun trekken. Bovendien staan ze zeer zelfverzekerd op het podium en is hun uitstraling hartverwarmend. Vooral het enthousiasme van gitarist Willem Verbuyst werkt zeer aanstekelijk. Toch is het de combinatie van Verbuyst, bassist/zanger Jochem Jonkman en drummer Barry van Esbroek die Vanderbuyst bijzonder maakt. Alles klopt aan deze band. Van het debuutalbum dat eind vorig jaar verscheen worden uiteraard diverse nummers gespeeld als Tiger en Tracy Lords. Maar ook nieuw werk word niet geschuwd. De heren gaan binnenkort de studio in voor het opnemen van een nieuw album dat later dit jaar moet uitkomen. Een band om te koesteren! De tent is deze dag voornamelijk het podium voor “the blues”.

[singlepic id=11351 w=320 h=240 float=right]Aan onze eigen Stefan Schill de eer om het bluesbal te openen. Dat doet hij met verve. Het bijzondere aan Schill is dat hij niet alleen een uitstekende gitarist is maar ook een begenadigd zanger en weinig moeite heeft om het publiek voor zich te winnen. Dat laatste is iets waar Malina Moye een stuk harder voor moet werken op het grote podium. Ze ziet er weliswaar erg sexy uit in een strak maar vooral kort broekje, het toegestroomde publiek komt uiteindelijk toch voor de muziek. Niet dat er muzikaal veel mis is met dit optreden maar op de een of andere manier slaat de vonk niet over. Dat kan niet gezegd worden van The Juke Joints die met hun simpele maar doeltreffende blues/boogie de tent in no time voor zich weten te winnen inclusief de gebruikelijke ode aan Rory Gallagher in de vorm van Gallagher’s Going to my hometown. In Australië is Jimmy Barnes een grote ster. In de rest van de wereld is de man eigenlijk alleen bekend bij de echte liefhebbers. Het Bospop publiek krijgt een energieke show voorgeschoteld waarin Barnes laat horen een geweldige zanger te zijn ondanks het feit dat zijn stembanden tijdens de eerste nummers duidelijk moeten opwarmen en hij meer schreeuwt dan zingt. Maar eenmaal opgewarmd is het optimaal genieten van o.a. geweldige nummers als Drivin’wheel.

[singlepic id=11334 w=320 h=240 float=left]Ondertussen brengt de “grote” Popa Chubby de tent in vervoering en doet dat, zoals we dat van hem gewend zijn, met veel charisma en zweet. Onze Belgische vrienden van Triggerfinger zijn in Nederland inmiddels wereldberoemd en daarom is een plek op het hoofdpodium volkomen terecht. Muzikaal zijn ze misschien een vreemde eend in de bijt tussen al het classic rock geweld van deze dag, toch zijn er wel degelijk overeenkomsten. En Triggerfinger heeft natuurlijk Ruben Block als frontman die op zijn eigen unieke manier het publiek weet te bespelen. De Canadese gitarist Philip Sayce is misschien wel een van de betere gitaristen deze dag. Muzikaal maakt zijn optreden grote indruk en is zijn gitaarspel om de vingers bij af te likken. Ook Thin Lizzy vermaakt de menigte voor het hoofdpodium al moet er wel bij gezegd worden dat het optreden nogal plichtmatig overkomt. De praatjes tussendoor van zanger/gitarist Ricky Warwick zijn exact hetzelfde als een paar maanden geleden in Paradiso en de echte bezieling lijkt te ontbreken. Bovendien is gitarist Vivian Campbell inmiddels vervangen door Richard Fortus (Guns N’Roses) waardoor de sound iets minder authentiek is. Campbell speelde volledig in dienst van de songs en bleef zo dicht mogelijk bij de originele uitvoeringen. Fortus speelt gewoon zijn eigen stijl waardoor het toch net even anders klinkt. En het blijft een raadsel waarom toetsenist Darren Wharton erbij zit. Op papier is het natuurlijk leuk om hem erbij te hebben omdat hij nou eenmaal deel heeft uitgemaakt van Thin Lizzy, maar hij is totaal niet te horen. Dat was in Paradiso al zo en is nu nog steeds het geval. Zijn keyboards komen niet boven het gitaargeweld uit en staat hij er voor spek en bonen bij. Ondanks dat slaan tijdloze nummers als Don’t believe a word, Jailbreak en The boys are back in town goed aan bij het publiek.

Veteraan Walter Trout laat zien en vooral horen waarom hij al jaren meedraait in de top van het blueswereldje. Trout heeft een unieke sound en is gewoon een fenomenale gitarist. Want hoe goed en technisch andere gitaristen ook zijn, qua gevoel en beleving zijn er maar weinig gitaristen die aan Trout kunnen tippen. De man heeft natuurlijk ook een schat aan ervaring en weet dat op uitmuntende wijze over te brengen. Het hoogtepunt in de tent deze dag. Een ander hoogtepunt is het optreden van “supergroep” Black Country Communion. Onder leiding van zanger/bassist Glenn Hughes en gitarist Joe Bonamassa worden de aanwezigen werkelijk overrompeld door de gedrevenheid en het baggervette geluid. Opener Black Country hakt er direct lekker in waarin meteen al blijkt dat Hughes nog altijd een sensationeel goede zanger is. Maar ook Bonamassa kan er wat van. Dat hij dé bluesgitarist van dit moment is weten we al maar ook als zanger staat hij zijn mannetje en doet hij niet onder voor Hughes zoals hij laat horen tijdens het prachtige Song of yesterday. Zonder twijfel het hoogtepunt van het optreden. Er is niet alleen veel publiek voor het podium, ook op het podium is het een drukke bedoening want aan de zijkant staat zo’n beetje de complete Bospop line-up toe te kijken. Bandleden van o.a. Thin Lizzy, Triggerfinger en Dream Theater staan gebroederlijk naast elkaar om maar niets te missen van dit buitenkansje. Met de Deep Purple klassieker Burn komt er een einde aan een optreden dat nog wel even had mogen duren.

[singlepic id=11311 w=320 h=240 float=right]Na een hele dag blues is het wellicht vreemd voor de progrock formatie Riverside om het festival in de tent af te sluiten. Toch is de band behoorlijk populair en is een plek als afsluiter in dat opzicht niet vreemd. En in combinatie met headliner Dream Theater een ideale opwarmer zelfs. De verwachtingen voor Dream Theater zijn hooggespannen. Want hoe zal de band klinken met nieuwe drummer Mike Mangini nu boegbeeld Mike Portnoy er niet meer bij is? Het antwoord simpel, muzikaal veranderd er niet veel maar de sound van de band is er wel wat steviger op geworden. Mangini blijkt zijn imposante drumstel net even iets harder te behandelen dan zijn voorganger waardoor Dream Theater steviger klinkt dan ooit tevoren. Of dat goed of slecht is moeten de fans maar bepalen, technisch gezien doet Mangini in ieder geval niet of nauwelijks onder voor Portnoy. Met een imposant geluid en sfeervolle lichtshow maakt de band veel indruk. Nummers als Forsaken en Caught in a web worden massaal meegebruld door de fanatieke aanhang op de voorste rijen. Het enige minpuntje zijn de problemen met de microfoon van zanger James LaBrie waar blijkbaar een probleem mee is en gedurende het optreden niet kan worden opgelost. Hij is overigens goed bij stem en het technische probleem is voor het publiek niet of nauwelijks te horen. Toch ergert LaBrie zich er duidelijk aan maar hij laat zich er niet door uit het veld slaan. Sterker nog, het lijkt hem juist extra motivatie te geven om er het beste van te maken want de gedrevenheid spat er vanaf. Een zeer professionele manier van omgaan met onvoorziene omstandigheden. Petje af.

En daarmee is een van de meest geslaagde Bospop edities ten einde. Op naar volgend jaar!

[nggallery id=920]

[nggallery id=921]

[nggallery id=922]

[nggallery id=923]

[nggallery id=924]

[nggallery id=925]

[nggallery id=926]

[nggallery id=927]

[nggallery id=928]

[nggallery id=929]

[nggallery id=930]

[nggallery id=931]