Vijf jaar na het vorige album komt Claw Boys Claw weer met nieuw materiaal.

Met oudgedienden Peter te Bos op zang en John Cameron op gitaar weet Claw Boys Claw zich weer in de kijker te spelen. Sinds de come-back in 2007 vult bassist Marcus Bruystens de harde kern van de in 1983 opgerichte band aan. In 2013 completeerde drummer Jeroen Kleijn het kwartet. Het is al weer het twaalfde album van de band, en het klinkt weer ouderwets herkenbaar. De nummers zijn een bonte mengeling van sixtries pop en seventies rock, overgoten met dat eigenzinnige sausje waar Claw Boys Claw patent op heeft.

Het album opent sterk met Suck Up The Mountain, een lekker uptempo pop-rock nummer. Te Bos klinkt nog altijd als in de beginjaren en weet de nummers de juiste lading mee te geven. Pakkend gitaarspel en een herkenbaar refrein doen de rest bij dit nummer. In A While verschilt behoorlijk van het voorgaande nummer, maar in het titelnummer komt er weer lekkere uptempo gitaarpop uit de speakers.

Echo Echo is een rustig en ingetogen nummer dat tergend langzaam gezongen wordt Met een stevige drum intro gaat Polly Maggoo van start, het meisje dat nooit zeewier in haar haar droeg. Red Letter heeft een sterke gitaar riff en doet zelfs wat onheilspellend aan. In Waiting For The Sun kunnen we lekker achterover, met je ogen dicht zie je het tafereel voor je dat Te Bos bezingt. Het album sluit af met Fade, een rustig nummer dat een mooie afsluiter van het album vormt.

Dertien nummers lang weet het viertal muzikanten te overtuigen, er is geen plek voor twijfel. Dit is een Claw Boys Claw album waar de band trots op mag zijn, sterke composities, sterke zang en uitstekend gespeeld. De band gaat tot eind april op promotie toer, dus grijp je kans om ze live te zien.