Van Ooij bij Nijmegen, naar Eindhoven (voor Phantasium) en dan naar Amstelveen voor een optreden van het Zweedse electro pop gezelschap Covenant en de Nederlandse industrial/ electro band Contrast. Nu ben ik voor het eerst in de P60 en het moet gezegd het is een prima zaal voor concerten. Het geluid is erg goed vanavond en gezien de apparatuur zal dat wel vaker het geval zijn. De zaal is niet te groot en eerder intiem te noemen met een balkon en fijn gesitueerde rookruimte (op het balkon en met uitzicht op het podium).

Eindelijk Contrast live zien. Aangezien de band al een tijd meeloopt (en ik ook) is dat met recht het gevoel dat mij bekruipt. Hun laatste CD “Antidote” is al een tijd uit (2009), maar schijnbaar is dit album nog steeds de leidraad voor de live optredens. Voor mij niet zo erg, want de nummers van dat album gaan erin als koek. Zeker hits als ’Follow The Leader’ en ’Dare’ die de alternatieve dansvloer laten vullen bij menig underground party. Het is duidelijk dat de band ervaring heeft met optreden, want het klinkt (gecombineerd met het goede geluid) opzwepend en de live show (met prima passend videomateriaal) is overtuigend. Leuk en oprecht is ook de ode aan Alien Sex Fiend met ‘In God We Trust’. Fijn optreden van een band met een internationale uitstraling.

Het duurt even (het ombouwen), maar dan krijg je ook wat. Nu heeft ondergetekende al heel wat optredens van Covenant mogen aanschouwen, maar vanavond was één van de betere zo niet het beste optreden van deze heren die ik ooit heb mogen aanschouwen. Wat het eerst opvalt is de uitgeklede live show. Weinig lichteffecten en geen videoprojecties. Wat overblijft is een band in vorm waarin Daniel Myer (voorheen Haujobb) de serieuze muzikant blijkt te zijn. Daniel maakt indruk, zijn samples, gebruik van de stem als instrument en zijn percussiewerk zijn vanavond subliem. Aan de andere kant staat, springt en schreeuwt/ zingt Joakim Montelius (die behoorlijk veranderd is toen ik hem de laatste keer zag). In het midden staat, swingt en zingt Eskil Simonsson die prachtig bij stem is vanavond. Het belangrijkste vanavond is de chemie tussen band en publiek. Het levert een energiek optreden en een enthousiast swingend, meezingend, klappend en joelend publiek op. Nadat de rook opgetrokken is en de band ook door de lichtshow meer zichtbaar wordt is de vlam al in de pan. Met nieuwe nummers ‘Judge Of My Domain’, ‘Dynamo Clock’ en nummers als ’Monochrome’ , ‘No Man’s Land’ zijn het publiek en de band los. Enig minpuntje is dat de microfoon van Eskil het af laat weten tijdens het fantastische ‘The Beauty And The Grace’ waardoor het een beetje een gemankeerde versie wordt. Gelukkig is de sfeer dan al zo extatisch dat niemand zich hierdoor laat leiden. Wanneer dan ook de grote club klassiekers als ‘Ritual Noise‘, ‘We Stand Alone’, ‘Call The Ships To Port’ voorbij komen gaat de zaal op tilt. Toegiften zijn dan ook noodzakelijk en met ‘20hz’ en ‘Figurehead’ wordt daar aan voldaan. Als tweede en laatste toegift komt ‘Dead Stars’ natuurlijk voorbij. Het teken dat deze show werkelijk een einde kent. Wat werkelijk echter het meest bij blijft is de furieuze versie van ‘Lightbringer’ waarin Daniel Myer gal lijkt te spuwen. Covenant kwam zag en overwon. Soms zou een avond nooit ten einde moeten komen.