Een optreden dat me altijd is bijgebleven is dat van de Georgia Satellites in de Amsterdamse Melkweg in 1988. Rock ’n Roll zoals het bedoeld is, hard, energiek en vooral spontaan. Van een setlist hadden de mannen nog nooit gehoord. Er werd gewoon gespeeld wat er in hun opkwam. Het is dan ook prettig te kunnen constateren dat voormalig Georgia Satellites voorman Dan Baird dat spontane na ruim twintig jaar nog steeds hoog in het vaandel heeft staan. Want ook nu is er geen sprake van een setlist. Ook niet van roadies trouwens. De bandleden staan voor aanvang van het optreden zelf op het podium om de gitaren te stemmen. Voor de fans is dat mooi natuurlijk omdat ze op die manier de kans hebben om wat foto’s te nemen en handtekeningen te scoren. De band bestaat naast Baird uit voormalig Georgia Satellites maatje Mauro Magellan op drums, Keith Christopher op bass en gitarist Warner Hodges, die we nog kennen van de te gekke band Jason & the Scorchers. Bassist Christopher heeft trouwens aan de wieg gestaan bij het ontstaan van de Georgia Satellites. Hij was de bassist van de band voordat ze doorbraken.

Vier gelouterde muzikanten dus en dat straalde er ook vanaf. Zoals gezegd, geen setlist. Na het stemmen van de gitaren werd besloten om maar meteen te beginnen. Even kort overleggen met welk nummer te starten en vanaf dat moment gaan alle remmen los. Er worden veel nummers gespeeld van het vorig jaar verschenen album “Dan Baird & Homemade Sin” maar uiteraard ook veel oud werk van de Georgia Satellites en Baird’s solo albums. Zo krijgen we onder meer zeer energieke uitvoeringen voorgeschoteld van I dunno, Dan takes five, Sheila, Railroad steel, Dixie Beaux Deraunt en Six years gone. Uiteraard worden de publieksfavorieten I love you period, Another change en Keep your hands to yourself niet vergeten.

Het is mooi om te zien dat Hodges het gitaarspelen nog niet is verleerd. Dat geldt ook voor zijn podiumact. Met enige regelmaat draait hij zijn gebruikelijke pirouettes zonder ook maar een noot te missen. Ook gooit hij zijn gitaar nog steeds over zijn schouder waarbij het lijkt dat hij geen idee heeft dat de lampen die vlak boven het podium hangen op een haar na gemist worden. Maar ook drummer Magellan mag niet onvermeld blijven. Ik ken geen enkele drummer die zo hard slaat als hij. Dat viel me twintig jaar geleden in de Melkweg ook al op en het is verbijsterend te zien dat hij na al die jaren nog niets aan energie en kracht verloren heeft. Petje af voor deze oude rotten.