Ruim 25 jaar geleden mocht ik op een zaterdagochtend bij een regionale omroep komen uitleggen waarom ik nooit naar concerten ging. Ik weet niet meer precies hoe het gesprek verliep, maar kan me nog wel heugen dat ik op een goed moment riep dat als De Dijk in de buurt zou zijn, ik welzeker zou gaan! Het bandje bestond toen net een paar jaar en was bezig waanzinnig populair te worden. Een beetje zoals Kensington nu , denk ik. Het duurde uiteindelijk tot 2012 voordat ik de band voor het eerst live zag. Toen de aankondiging voor het concert vanavond voorbij kwam moest ik weer aan dit gebeuren denken. Ik moest maar weer eens langsgaan.

Het aardige van concertavonden als deze is, dat je niet bang hoeft te zijn dat de tent wordt afgebroken. Bier komt nog net niet gewoon in glas, maar er zijn hangtafeltjes voor bezoekers op leeftijd en een prettig gemoedelijke sfeer. In die sfeer pas ContraContra zeker. Een kwartier eerder dan gepland komt de band op. Vernuftige poëtische teksten (“Een hart vol met gaten is nog altijd een luchtig hart”) worden ondersteund door uiterst subtiele akoestische klanken met flarden jazz, soms uitgroeiend tot bombastische rock. Een serieus interessant kwartet. Alleen jammer dat ze het publiek niet echt mee krijgen, want het gekwetter is soms luider dan de muziek. Hun album “Wrakjuweel”, dat eerder dit jaar uitkwam, zou ik zeker even beluisteren.

 

Al jaren trekt De Dijk door Nederland en al jaren trekken ze volle zalen, of het nu in het theater is of zoals nu een clubshow. In mei kwam de band ook al langs in de Effenaar en toch staat de zaal vanavond wederom vol. Niet bomvol, maar gezellig vol. In een jaar of 30 kun je een aardig repertoire opbouwen en veel van de bekende nummers, over poëzie gesproken, passeren de revue vanavond. We krijgen een gevarieerde, toch niet heel erg verrassende set van ruim 2 uur met daarin zowat alle grote hits. Als de trekzak ter hand wordt genomen waan je je in Limburg. Bij de saxsolo liggen we onder de rook van Veldhoven (woonplaats van Bertus Borgers) en bij Het liedje “Als het Golft” komt Van der Lubbe met een associatie naar Guus. Die zie ik zelf wat minder, behalve dan dat de zaal uitbundig aan het meezingen slaat. Dat is in elk geval heel veel beter dan het geroezemoes van eerder vanavond. Maar liefst twee keer komt de band terug voor een aantal toegiften en dat mogen ze nog wel wat vaker doen ook, als ik de stemming bij het publiek zo pijl. Zij krijgen er geen genoeg van.