CoverDit vijftal uit Nantes, Frankrijk, startte Ellipse al in 2007 maar bracht de eerste EP L’Ampleur Du Vide pas uit in 2012. Hoewel de EP, vooral in de Franse undergroundscene, goed werd ontvangen heeft het tot eind 2015 geduurd voordat A Nos Taitres op de markt verscheen. Het post-hardcoregeluid klinkt strak en je zou op het eerste gehoor niet meteen bedenken dat het stemgeluid bij een dame, met de naam Claire, hoort.

Het begin en de tussenstukken I, II, III en IV delen het album in vier delen zonder bijzondere reden. Het is even een oase in de zandstormen die je gehoorgang teisteren. De overige nummers, allen franstalig,  zijn energiek van aard en eenvoudig te doorgronden. Hoewel er af en toe met het tempo wordt gespeeld, weet je over het algemeen snel hoe een nummer in elkaar steekt. Die voorspelbaarheid kan er voor zorgen dat het gehele album als eenheidsworst wordt ervaren. Dat is op zich jammer, omdat dat de dynamiek en de energie in de nummers eigenlijk te kort doet.

Alle nummers worden nagenoeg gesierd door pakkende grooves die in een nummer als Ascension prominent aanwezig zijn terwijl het gitaarduo het nodige accent toevoegt. In Epsilon komt het basgeluid van Arthur even prominent om de hoek kijken. Bijzonder nummer op het album is Dans La Gueule Du Loup. Het is een nummer dat een mooi intro heeft en al snel evolueert. Het tempo neemt toe en de intensiteit is bijna voelbaar. Hoewel het nummer vrij voorspelbaar is voor Ellipse, verandert het door een afwijkend drumgeluid en werkt het daarna toe naar een meeslepende atmosfeer waar het gitaarspel vooral debet aan is, terwijl Clarie nagenoeg gekweld haar ding doet. Het daaropvolgende Ruins heeft sterke overeenkomsten met Dans La Gueule Du Loup en zorgt ervoor dat het album me meer gaat grijpen, zeker en wederom door het gitaarspel die bovenop de basis zijn ding doet.

In afsluiter La Chute gebruikt de band bijna zeven minuten om hun kunnen te etaleren. Alle elementen uit het geluid passeren de revue. Van ultrasnelle en snoeiharde hardcore tot groovende en meeslepende muziekstukken, waarbij de zang meer variatie in zich heeft dan voorheen.

Ik kan concluderen dat dit album me zeker niet tegenvalt. De eerste nummers warmen je goed op, terwijl de tussenstukken je doen bezinnen tot het moment dat het einde van het album je goed bij ballen grijpt en je tevreden achterlaat. Ben benieuwd wat de toekomst deze Fransen gaat brengen.