De Noorse black metal band Gorgoroth kent, zoals vele genregenoten, een turbulente geschiedenis. Vecht-, en scheldpartijen, drugs en uit de hand lopende tournees zijn schering en inslag. In 2007 zette vocalist Infernus, Gaahl en King ov Hell zelfs uit de band waarna beiden verder gingen onder de naam Gorgoroth. Na een slepende rechtzaak was het echter Infernus, oprichter van de band, die de naam Gorgroth rechtmatig mocht gebruiken. En zo geschiedde. Wat echter, tussen alle Privé en Story perikelen door, weleens vergeten wordt is dat de Noren in de jaren negentig prachtige werkstukjes hebben voortgebracht en tot de ware top behoorde. De eerste singles van de band zijn inmiddels veel gezochte zeldzame exemplaren. “Under The Sign Of Hell” uit 1997 wordt gezien als opus magnus van de band, zoals vaker met debuutplaten. Een veelzijdige plaat met ultrasnelle stukken, maar ook midtempo en laaggestemd brutale passages. Black metal in zijn puurste vorm; blasfemisch, rauw, intens en krankzinnig, zoals het hoort te zijn.

Er volgden nog vier platen waaronder “Destroyer”en “Ad Majorem Sathanas Gloriam”. Het laatste werk is tevens het eerste sinds lange tijd zonder Gaahl en King. “Quantos Possunt Ad Satanitatem Trahunt” klinkt weer heerlijk primitief zonder opsmuk. Het tempo ligt een stuk lager dan op de voorgaande albums waardoor het geheel als een lompe sloophamer op je afkomt. De productie is echter wel van deze tijd waardoor het geheel niet gedateerd klinkt. Voor de fan van het eerste uur is dat laatste wellicht een doorn in het oog, voor de nieuwe aanwas een welkome verandering. De plaat was dan ook terug te vinden op menig jaarlijstje. Gorgoroth bewijst anno 2010 nog steeds tot de top te behoren.