cover HonkyBassist JD Pinkus van The Butthole Surfers richtte in 1996 Honky op. Hij wist Bobby Ed Landgraf te stricken voor het gitaargeluid en sinds 2006 bezet Justin Collins de drumkruk. Dit Texaanse trio lanceerde in augustus van het jaar 2012 hun nieuwe cd 421. In navolging daarop waren de drie heren onder andere al in Nederland te zien met Karma To Burn en Peter Pan Speedrock.

Honky heeft zijn wortels duidelijk in het zuiden van de Verenigde Staten liggen. De basis van hun muziek bevat voornamelijk ontzettend rauwe (vuile) rock doorspekt met (rhythm’n) blues en countryinvloeden. Vooral in de nummers WFO, Just A Man en Black Joe’s Bitch komt dit lekker zwaar en opvallend naar voren. De drie nummers klinken als woede, als zweet, als stroperige aardolie. Ook Handful Of Nails kun je aan het rijtje toevoegen; opvallend verschil ligt hier echter voornamelijk in het tempo. Het nummer is gezegend met een onmiskenbaar blues-basloopje dat het bruggetje slaat naar de overige nummers die blues als secundaire invloed mee hebben gekregen. De nummers Over Easy en Woke Up Dead hebben een kwaliteit dat makkelijk naast  het laatste werk van ZZ Top geplaatst kan worden. Ook de nummers 4:21 en Walton County zijn duidelijke nummers met een bluesaccent. Eerstgenoemde is instrumentaal en vooral de slidegitaar van Bobby Landgraf mag hier de credits krijgen. In Walton County ligt de basis in een funky/blues-bedje. Hoewel bas en gitaar een belangrijke plaats innemen in dit nogal Stevie Ray Vaughanachtig nummer, is het geweldig om weer eens een echte drumsolo op een cd te horen. Honky heeft naast de rasperige, ruwe kant ook een wat meer populaire, gladdere kant dat in Riddle Cap, Erson en vooral All For Nothing naar voren komt. Laatstgenoemde zou in menig (alternatieve) hitlijst makkelijk een top 10 kunnen halen.

Het bijzondere trio uit Texas heeft met 421 een even zo bijzondere cd afgeleverd die net wat minder gelikt klinkt dan het werk van ZZ TOP. Voor de liefhebbers van een stevige pot rockblues, dus.