Iron maidenAl maanden van tevoren is het concert van Iron Maiden in de Ziggo Dome uitverkocht. Wellicht was zelfs een tweede optreden geen slecht idee geweest om de fanatieke aanhang tevreden te stellen. Want fanatiek is het juiste woord als het om de Maiden fans gaat die zich deze avond luidkeels laten horen. Overal waar de band speelt is het een sfeervolle bedoening en het optreden in Amsterdam is daar geen uitzondering op. 

Het feest begint al wanneer de UFO klassieker Doctor doctor door de P.A. schalt want dat is zoals gebruikelijk het teken dat het optreden op het punt van beginnen staat. Het thema van deze tour is Seventh son of a seventh son, het album uit 1988 waarvan vijf nummers gespeeld worden aangevuld met alleen maar Maiden klassiekers. De setlist is dus om te smullen. Dat geldt ook voor het podium en licht. Niet dat het er allemaal zo mega spectaculair uitziet maar alles heeft een ouderwetse uitstraling waardoor je je als bezoeker ook daadwerkelijk weer even 25 jaar jonger voelt. Bovendien ervaren de jonge fans op deze manier hoe het was om tijdens de jaren 80 naar een Iron Maiden concert te gaan. De tijd staat deze avond dus even stil.

Moonchild en het massaal meegezongen Can i play with madness openen het bal. De band oogt nog altijd vitaal met zanger Bruce Dickinson als gangmaker die gedurende het gehele optreden over het podium raast alsof de duivel hem op de hielen zit. De tand des tijds lijkt op hem totaal geen invloed te hebben gehad. Maar ook bij Iron Maiden gaat er wel eens iets fout. Als de intro tape van The prisoner iets te lang op zich laat wachten besluit Dickinson de gesproken tekst zelf maar te doen. Op het moment dat hij halverwege is wordt echter alsnog de tape afgespeeld waardoor het even een rommeltje dreigt te worden. Toch heeft dit verder geen gevolgen en is The prisoner zeker een van de hoogtepunten van de avond.

Het is vooral het middenstuk van de show wat de Ziggo Dome doet veranderen in een kolkende massa. Achtereenvolgens worden The trooper, The number of the beast, Phantom of the opera, Run to the hills en Wasted years gespeeld waarbij de sfeer regelmatig voor kippenvel zorgt. Wat dat betreft is het uitbundig meegezongen Fear of the dark het hoogtepunt waar zelfs Dickinson van onder de indruk lijkt. Met o.a. Aces high en Running free in de toegift duurt het concert bijna twee uur. Toch lijkt het er even op dat de band voor nóg een toegift terugkomt omdat de zaallichten wel erg lang uitblijven en het publiek steeds enthousiaster wordt naarmate de seconden verstrijken.

Maar helaas blijft het hierbij. Een Iron Maiden concert is nog altijd een spektakel om naar te kijken. Ook muzikaal is het prima in orde al is drummer Nicko McBrain niet bepaald de strakste drummer die er is. Het lijkt de band echter niet te deren wanneer het tempo op sommige momenten twee maten zakt. Ze zijn het blijkbaar gewend en zo op elkaar ingespeeld dat ze zich moeiteloos aanpassen. Gitaristen Dave Murray en Adrian Smith en bassist Steve Harris zijn de muzikale ruggengraat van de band en hebben na al die jaren niets aan kwaliteit ingeboet. Vooral het basspel van Harris blijft indrukwekkend. En ook Dickinson is prima bij stem wat extra knap is gezien zijn energieke podiumpresentatie. Het enige minpunt van de avond is echter de belachelijke act van gitarist Jannick Gers. Het blijft een raadsel waarom deze man ooit is toegetreden tot de band en het is nog opmerkelijker dat hij er nog steeds deel van uitmaakt. Muzikaal voegt hij niets toe (Murray en Smith kunnen het prima alleen af) en zijn podiumact is ronduit lachwekkend. Hij huppelt maar een beetje in de rondte en neemt de belachelijkste poses aan. Het trieste is echter dat het lijkt alsof hij zichzelf zeer serieus neemt.

Maar al met al was dit een heerlijk avondje nostalgie. Iron Maiden kan nog jaren mee!