[singlepic id=12747 w=320 h=240 float=left]Afkomstig uit the UK is opener van vanavond: The Sharp Tongues. Gezicht van de band is de gitariste Julia Muth, die bijgestaan wordt door de broers Stewart en Paul Summers op bas en drums.  Ik heb nog nooit van ze gehoord, en ben dan ook best wel verrast door hun mix van garage met vleugjes punk maar ook een knipoog naar de R’n’R periode. Er wordt een uiterste best gedaan om een setlist van toch wel catchy (niet te verwarren met commerciaal!) klinkende nummers op het publiek los te laten, waarbij een rauw randje niet geschuwd wordt. Helaas in de praktijk blijkt ‘rauw’ zo nu en dan synoniem met ‘beetje rommelig’, waardoor het niet altijd even lekker overkomt. Jammer, in potentie een goede band die net niet helemaal de puntjes op de i weet te zetten.

Bij aanvang van de hoofdact van vanavond is de grote zaal intussen lekker vol gelopen met een zeer divers publiek. Het blijkt dat iedereen deze muzikale familie van dichtbij wil zien, want voor het podium is het gezellig volgepakt als de band stipt op tijd opkomt.

[singlepic id=12749 w=320 h=240 float=center]

Ze zijn nog niet eens halverwege de 20 maar hebben wel al in het voorprogramma van Coldplay gestaan: de beide zussen Kitty en Daisy en hun broer Lewis Durham. Live worden ze bijgestaan door pa op de gitaar en ma op de contrabas. De beide albums die uitgebracht zijn, zijn voor een groot gedeelte te danken aan de gedrevenheid van Lewis, naast muzikant een groot van en verzamelaar van 78 toeren elpees. Hij is verantwoordelijk voor hun studio, opgebouwd met allerlei oude apparatuur uit diverse studio’s van de BBC, en het opnameproces verloopt precies zoals vroeger: dus zonder enige digitale inbreng in de vorm van computers. Een identiek opnameproces moet er nl. voor zorgen dat de opnamen ook precies klinken “als vroeger”. Hoewel smaken over muziek verschillen, denk ik dat ik wel objectief kan veronderstellen dat deze benadering geslaagd is.

[singlepic id=12757 w=320 h=240 float=right]Hun show vanavond staat voor een groot gedeelte in het teken van hun tweede album “smoking in heaven”, wat in tegenstelling tot het eerste vol staat met eigen werk. De hele familie zit volledig omgeven door hun instrumenten, en de veelzijdigheid blijkt als met regelmaat van plek gewisseld wordt. En net zo veelzijdig is hun muziek: ska, r’n’b, boogie woogie, r’n’r, de hele show zorgt er voor dat je je even in de 50’s waant. Opvallend ook het gemak waarmee de nummers gebracht worden, het klinkt allemaal zo vanzelfsprekend. Helaas vind ik dit niet bij de interactie met het publiek: een gebrek aan te veel gepraat tussen de nummers door is mij zeer welkom, maar een gebrek aan iedere vorm van interactie vind ik toch wat minder. Op een enkele aankondiging na (pa is vandaag jarig, het is zijn 58e verjaardag) wekt de show af en toe de indruk dat ik thuis na een live dvd aan het kijken ben. En dat is toch een beetje jammer, aangezien het genre toch synoniem staat aan een tijd van kleine danszaaltjes met een swingende band. Maar goed, da’s misschien een beetje analytische benadering: de praktijk wijst toch veel publiek uit wat moeite heeft stil te blijven staan. Onder de streep is ’t toch een geslaagde avond!

[nggallery id=1048]

[nggallery id=1049]