Klangstof is de band die ontsproten is uit het brein van Koen van de Wardt, voorheen bassist van Moss. Van de Wardt is nu het enige ex-Moss bandlid; hij stopte met Moss om zich volledig op Klangstof te richten. De polder-indie van Moss was voor Van de Wardt niet spacy genoeg – hij koos ervoor om met Klangstof een andere koers te varen. Op vrijdag 8 december landde het ruimteschip dat Klangstof heet in de 013.

Qua instrumentarium past de sound van voorprogramma Dakota dan weer beter bij Moss, maar dat wil geenszins zeggen dat er hier sprake was van een mismatch. Als je kort door de bocht wat wilt zeggen over Dakota, dan zeg je dat dit de Nederlandse kopie van Warpaint is en dan is daarmee de kous af. Maar dat is wel heel erg makkelijk, en bovendien ontneem je jezelf dan een hele leuke band. Want als je verder luistert dan je oren lang zijn, dan hoor je een band die dromerig, maar ook rockend uit de hoek kan komen. Singles Silver Tongue en Icon doen het goed, en ook toekomstige single Four Leaf Clover is er klaar voor.

Het zal je maar gebeuren. Je gaat bassen in een band en vormt daarnaast een band die helemaal ‘jouw ding’ is. Maar doordat je eerst in die bekende band speelde (Moss), staat je nieuwe bandje (Klangstof) bekend als Moss-light. Om zich van dat juk te ontdoen – en anderzijds om Moss te redden – ging Koen van de Wardt door zonder zijn Moss-maatjes Michiel Stam en Finn Kruyning. De huidige bezetting is deels Nederlands, deels Noors; Van de Wardt groeide in Noorwegen op en trommelde wat jeugdvrienden bij elkaar om zijn band te completeren.

De band heeft net een nieuwe EP uit – Everest, naar de gelijknamige single – maar begint het optreden met Doolhof en Sleaze, twee tracks die eerste album Close Eyes To Exit ook samen openen. Direct laat Koen van de Wardt middels zijn zoemende, ronkende oscillator (zoekend naar the brown note) weten dat het vanavond geen letterlijke uitvoering van het album en de EP gaat worden. Het mag allemaal wat harder, wat stoerder, en bovenal wat beweeglijker.

Singles Hostage en Island worden uitgevoerd in versies die in bijna alle opzichten subliemer zijn dan hun evenbeelden op schijf. Het is niet zo zeer dat Klangstof de nummers wil laten horen, maar meer de sfeer die de nummers neer moeten zetten. Dat daar die nummers bij horen, lijkt bijna bijzaak. De band speelt hecht en vormt een bijna esoterisch geheel; toch mag het publiek daar deel van uitmaken. In het ruimteschip dat Klangstof heeft is meer dan genoeg plek voor de niet volledig gevulde Jupiler-zaal. Deze ruimtereizigers komen voor de spacy soundscapes. We horen invloeden van Radiohead en Sigur Rós, maar de band is ver genoeg ontwikkeld om hun leermeesters tot voetnoten te reduceren.

Single Everest lijkt het voorlopige hoogtepunt van de nog jonge band. Mount Everest, de grootste berg op aarde (maar in dit nummer eigenlijk vooral de verbastering van ‘all I want is ever rest’). Je vraagt je af waar ruimteschip Klangstof heen moet om die berg te overtreffen. Zijn buitenaardse proporties de volgende stap voor Klangstof’s spacy schilderingen?

Setlist: Doolhof / Sleaze / Resume / Hostage / We Are Your Receiver / Ignore Me / Names / Everest / The Lows Will Keep You High Enough / Amansworld // Island