Moebius is een Italiaans collectief dat het principe van metal een andere dimensie geeft. Met Hybris leveren ze hun eerste album af dat omschreven wordt als een conceptalbum waarin wiskundige ideeen, filosofie en oude Griekse drama thema’s gecombineerd worden. De bandnaam is dan ook vernoemd naar de Moëbiusstrip, gemaakt door de Duitse wiskundige en sterrenkundige August Ferdinand Moëbius.

De band is al interessant genoeg op papier. Neem daarbij ook het zeer onorthodoxe metalgeluid dat sterk gericht is op ritmes en grooves en je hebt toch een bijzonder album in handen. Dat Daniel Bergstrand (Meshuggah, Behemoth) voor de mixing en de mastering heeft gezorgd is bijna geen toeval.

De single Mercury waarvan ook een video online is gezet, laat je vanaf de eerste seconden weten wat voor vlees je in de kuip hebt. Negen woorden in morse-code werden gebruikt om het ritmepatroon vorm te geven. Deze onregelmatige, doch logische, strakke ritmes zetten je meteen in de goede mood voor de stevige zang van Matteo Guida die sinds juli 2017 echter vervangen is door Andrea Orru’.

De eerdere single Coal is minder afwijkend qua geluid en richt zich meer op melodieën die wel regelmatig wijzigen en waarin juist het gitaargeluid leidend is voor de sfeer. Niettemin weet de drummer ritmes telkens zo’n ander accent mee te geven dat even ontspannen luisteren naar deze compositie niet mogelijk is. Wat dat betreft laat Moebius je alle kanten van de kamer c.q. het heelal of iets dergelijks zien.

Dat kan door middel van een zwaar en log geluid in Obsidian, Limestone, Uranium of Diamond waarin een zwaar karakter de boventoon voert, maar altijd geïnfiltreerd is door bizarre stijl- en ritmewisselingen.

Iron daarentegen voert je mee in een meer uptempo achtbaan terwijl Moebius in Lead, mede door een karakteristiek gitaargeluid je funky groovend achterlaat in een polyritmische droom waarbij het stemgeluid van Matteo voor de zwaartekracht zorgt.

Door het album heen verweven vindt de luisteraar Inflection 0, I en II. De band schuwt het in deze composities om juist te kiezen voor rust en stiltes. In het eerste gedeelte lijkt een tribalbasis de sfeer te bepalen, terwijl deel I en II meer gevuld zijn met een heerlijke meeslepende gitaarsolo en in mindere mate een stuk didgeridoo.

Hybris is daarmee een album dat je niet eventjes opzet. Het geluid dat Moebius neerzet op Hybris is een geluid dat je wel meteen ligt, maar waar je iedere keer weer nieuwe dingen/geluiden/ritmes ontdekt die vooralsnog onontgonnen waren. Het is bijna te verleidelijk om Hybris aan te prijzen bij de metalnerd die de wereld wiskundig en filosofisch waarneemt. Hybris is toch meer dan alleen een wetenschappelijke muzikale trip. De polyritmiek en zwaarte van de composities geven nu juist iedere metalfan die buiten de tel kan headbangen een mooi album om van te genieten.