In de jaren 80 was alles beter. Metallica’s Ride The Lightning, The Terminator, de magnetron (pizzaaaa). Daarom was men zo blij met Stranger Things, de Netflix-serie die zich afspeelt in dat decennium. Gedragen door een soundtrack die deed denken aan de muziek van John Carpenter maar dan iets lichter, namen de warme synths en spacey achtergrondgeluiden je mee terug naar die geweldige jaren. Perpacity en DVL doen ook een dappere poging om de luisteraar te laten timetravellen.

Convergence is het eerste album waarop Perpacity en DVL, samenwerken. Perpacity bestaat uit twee heren met meer dan 20 jaar ervaring in muziek en DVL is een éénmansgroep, is elektronica artiest en multi-instrumentalist en neemt de zang voor zich.

De muziek op dit album roept echt dat zachte 80´s gevoel op: slechte kapsels, te ver open geknoopte overhemden en korrelige slechte videoclips. Alleen: het merendeel van de plaat blijft niet hangen. In de liedjes gebeurt niet zoveel spannends. Komt dat doordat de muziek in dienst staat van de zang? Jep. En de muziek is beter dan de zang. DVL heeft wel een rasp in zijn stem zoals Reznor en Garvey, maar waar Trent venijnig klinkt, en Guy uiterst zacht en warm, zit DVL er precies tussen in. Oftewel: saai.

Er blijven drie liedjes hangen: Shift, een ballad met mierzoete gitaarsolo, The Edge Of Everything, met mooie intro, beeldende titel, en als laatste The Truly Broken waar je wel even met een gezicht vol pijn I knoooow mee moet kreunen bij de eerste minuut terwijl je een denkbeeldige panty over je hoofd heen trekt.

Convergence is een plaat die je snel weer vergeet, wat eigenlijk niet moet kunnen als je 20 jaar ervaring hebt in de muziekwereld. Misschien ligt het daar ook niet aan. Misschien ligt het aan de maatschappij, zou tante Thea zeggen.