“Unbreakable” is de titel van Primal Fears negende studio-album en het tweede met gitarist Magnus Karlsson, de creatieve bron van Starbreaker, Allen/Lande en The Codex. Als bezitter van vijf andere Primal Fear cd’s beschik ik over enig vergelijkingsmateriaal. Hoezo vijf? Zo veel verschillen die schijven toch niet van elkaar? Tja, sinds Nuclear Fire neem ik me na elke nieuwe aanschaf voor dat dit echt wel de laatste Primal Fear-cd is die ik heb gekocht, om me vervolgens toch weer te laten verleiden. Primal Fear heeft me op een bepaalde manier in de ban. De hypnotiserende riffs, het gillende zanggeweld; de pakkende ritmes – vernieuwend is het misschien niet, maar toch weet Primal Fear een emotie in me aan te spreken die bij andere muziek minder voelbaar is.

Voor de composities en samenstelling van Unbreakable heeft de band zich volgens de bio laten inspireren door de reacties van de fans tijdens de wereldwijde tournee die de band heeft ondernomen sinds het verschijnen van zijn voorganger, 16.6. Dat klinkt op zich sympathiek, maar betekent niet per sé dat met de keuze van de composities risico’s zijn genomen.

De instrumentale opener Unbreakable gaat naadloos over in Strike; een krachtige, tamelijk recht-toe recht-aan metal compositie met een geweldige gitaarlick in het refrein en een strakke dubbele gitaarsolo halverwege. Give ‘em Hell is wat tegendraadser, maar niet verrassend. De refreins (of tenminste de titels) worden veelal in koor gezongen, de slaggitaarriffs in 1/16e of 1/32e noten gespeeld en dubbele basdrums, wat kenmerkend is voor de Duitse metal stroming die ooit met Helloween vlucht nam.

De taal is over de gehele linie gespierd en lijkt veel inspiratie te halen uit de oorlogsliedjes van Iron Maiden en Judas Priest. Ook spreekt Primal Fear zijn luisteraars rechtstreeks aan op een gevoel van erbij horen, deel uitmaken van de natie der metalfans, ergo Metal Nation: nooit de kop laten hangen, er is altijd nog metal en jij hoort er ook bij. Goed voor het saamhorigheidsgevoel in de concertzaal maar niet een erg originele invalshoek – net zoals Bang your head! op Bad Guys Wear Black roepen hetzelfde is als ‘drink!’ zeggen tegen een alcoholist.

Where Angels Die, met 8:10 minuut de langste compositie van de schiijf, is een deels akoestische ballad met een grimmig ondertoontje. In het middenstuk zijn toetsen te horen als inkleuring van een paar gitaarbreaks waarvan de compositie echter niet heel spannend wil worden, waarschijnlijk omdat ze te vaak herhaald worden. Voor de gelovigen onder de luisteraars is de ballad Born Again wellicht een oogopener, wegens de frase “Is there a god? Will we be born again?’ Nooit geweten dat deze gedachten Primal Fear bezig hielden.
Op het eind wordt de schijf muzikaal dan toch wat spannender met de composities Marching Again, Blaze Of Glory en Conviction, waarin wat meer creativiteit en tegendraadsheid aan de dag wordt gelegd.

De muzikale frivoliteiten waarmee op voorganger 16.6 werd geëxperimenteerd zijn op Unbreakable weggelaten, waardoor Primal Fear weer tamelijk strak en rechtlijnig klinkt. Daarmee komen de wortels van de band zoals ze op Jaws Of Death waren te horen weer aardig bloot te liggen.

Titels:

1. Unbreakable (Part 1)
2. Strike
3. Give ‘Em Hell
4. Bad Guys Wear Black
5. And There Was Silence
6. Metal Nation
7. Where Angels Die
8. Unbreakable (Part 2)
9. Marching Again
10. Born Again
11. Blaze Of Glory
12. Conviction

Bezetting:
RALF SCHEEPERS – zang
MAT SINNER – bas
MAGNUS KARLSSON – gitaar
ALEX BEYRODT – gitaar
RANDY BLACK – drums