Terwijl buiten de laatste resten sneeuw verdwijnen hebben genoeg mensen de Kleine Zaal van de Effenaar weten te vinden en de kou getrotseerd om het gezellig druk te maken. Lekker warm binnen met een biertje en leuke muziek. Fleddy Melculy en zijn Vlaamse carnavalsmetal blijkt populair bij jong en oud, de leeftijden in de zaal lijken uiteen te lopen van acht tot in de vijftig en de T-shirts en petjes met het logo van Fleddy zijn niet te tellen.

De Rectum Raiders mogen het publiek verder opwarmen. Ze zijn zich ook goed bewust van deze nobele taak en doen hun best om het publiek al helemaal in de stemming te brengen.  Het is wel duidelijk dat deze band intussen ook een kleine, fanatieke fanschare heeft weten te verzamelen dat voor het podium al meteen uit hun dak gaat bij het eerste nummer. Met een dergelijke bandnaam snap je al dat hier geen serieuze gothic metal gespeeld gaat worden… Nee, dit is ouderwetse rock ‘n’ roll met een flinke scheut glam- en hairmetal. De outfits van de heren met veel leer en zelfs een ontblote sixpack lijken ook een beetje de draak te steken met dat soort muziek. Een groot aantal nummers van hun eerste en enige album komt voorbij, maar ook een tweetal nieuwe nummers waarvan I Like You Better When I’m Drunk een instant crowdpleaser blijkt te zijn waarbij de moshpit explodeert. Hoogtepuntje is als er een jongen uit het publiek door de band het podium op wordt getild met de woorden ”Deze jongen gaat crowdsurfen” en even later inderdaad door de zaal wordt gedragen. Prachtige manier om de zaal mee te krijgen!

Afgesloten wordt met de opzwepende ode aan de bakker, Boulanger en publiek en band geeft nog een keertje alles wat ze hebben. Wat dat betreft, complimenten voor de grenzeloze energie die deze band al meteen vanaf het begin heeft laten zien, het sloeg perfect over op het publiek. Het is niet vaak dat een opener de zaal al zo goed in beweging krijgt.

Natuurlijk start Fleddy Melculy met Kerk zoals hij ook doet op zijn nieuwe album. Andere persoonlijke favorieten van het nieuwe album zoals het meest klassiek klinkende metal nummer 668, Camouflage, meezinger Foto Van Uw Hoofd en het hardcore anthem Voor Altijd Jong maar ook de leukste nummers van het eerste album zoals Feestje In Uw Huisje en Brood komen voorbij. Alle nummers missen hun uitwerking op de pit niet en er wordt vrolijk geduwd en getrokken. Fleddy is de uitvinder van de Duck Wall of Death waarbij het publiek net als een normale Wall of Death van twee kanten opelkaar af komt gerend maar dan vanuit een zittende positie als, jawel, een eend. Dat is het publiek nog niet gek genoeg en ze gaan zelfs met zijn allen achter elkaar zitten om ouderwets te roeien, alsof het carnaval is. Dat lijkt zelfs Fleddy te gek die er zelfs even van zijn apropos af van lijkt te zijn.

Zelf krijg ik nog de microfoon voor mijn neus bij het nummer over nep-vegetariër Geen Vlees, Wel Vis nadat mijn enthousiasme voor dat nummer bij Fleddy opgemerkt lijkt te zijn. Ja, ik ben net als Fleddy niet vies van een beetje maatschappij kritiek van de koude grond. Gelukkig zijn de gitaren luid genoeg om mijn niet zo zoet gevooisde stemgeluid redelijk te overstemmen.

Apu van de Nightshop, bezongen in het nummer met dezelfde naam is ook van de partij. Hij schijnt recentelijk zijn shop ingeruild te hebben voor een kameel kondigt Fleddy aan en jawel hoor… Daar komt hij het podium op met een kamelenpak! Dat soort carnavaleske taferelen zouden je kunnen doen denken dat deze band het moet hebben van  dit soort gekkigheid maar laat je daardoor niet misleiden. De deels gemaskerde muzikanten van Fleddy, zijn Leger des Heils zijn ontzettend goed en spelen superstrak. De riffs en breakdowns zijn perfect van timing en de heren zijn bij hun spel ook een genot om naar te kijken. Ja, ook zonder de fratsen zou deze band goed zijn maar de typische, absurdistische Vlaamse humor maak het geheel gewoon af.

Over humor gesproken, Fleddy steekt ook nog even de draak met het begrip toegift door met een vette knipoog aan te kondigen dat hij het laatste nummer gaat spelen nadat hij al heeft laten weten dat ze natuurlijk gewoon terugkomen. En terugkomen doen ze… Niet bang om het publiek te geven waar het om vraagt is de hekkensluiter natuurlijk het liedje waar het allemaal mee begon voor deze band, de aanklacht tegen de H&M shirts van bands als Metallica: T-shirt van Metallica. Bij het podium spotten ik en de gitarist een trotse bezitter van een dergelijk shirt, maar het mag natuurlijk prima gedragen worden als je wel degelijk een echte metalhead bent.

Na afloop is Fleddy ook bereid om bij de merchandise tafel praatjes te maken met zijn fans en met ze op de foto te gaan. Daar is hij een stuk rustiger, maar zeker sympathiek. Een praatje met hem is dan ook een prima afsluiter van een gek en energiek avondje muziek. En oh, ironie dat ik bij de reis naar huis buiten bijna op mijn bek ga op het gladde trottoir nadat ik wel de moshpit heb overleefd. Zouden buiten ook zoveel mensen me hebben opgeraapt zoals bij de heren in de pit?