Press_Cover_03Nummer elf is eind maart gelanceerd en het heeft de titel Brief Nocturnes And Dreamless Sleep gekregen. Het geluid op het nieuwe product van Spock’s Beard is vernieuwend maar tevens vertrouwd en heel herkenbaar. Een bijzondere prestatie voor de groep die sinds de vorige cd X toch weer bestaat uit een gewijzigde line-up. Drummer Jimmy Keegan, die live al geruime tijd de honneurs waarmaakt, lag voor de hand toen stemgeluid en drummer Nick D’Virgilio besloot om vaste drummer bij Circue du Soleil te worden. Daarnaast is Ted Leonard de nieuwe stem bij de band. En ik moet zeggen dat zijn stem wonderbaarlijk goed past in het complete geluid op Brief Nocturnes And Dreamless Sleep.

Daarnaast komen we Neal Morse als mede-componist weer tegen in de nummers Afterthoughts en slotnummer Waiting For Me. Eerstgenoemde zou weleens de laatste kunnen zijn in de Thoughts cycle. De conclusie is dat Brief Nocturnes And Dreamless Sleep een zeer veelzijdig, doch stabiele cd is geworden waarbij de nadruk dit keer meer lag op het opnemen van composities die ook live bestaansrecht kennen zonder buitensporige arrangementen. Gelukkig hebben de heren de tijd genomen om de nummers te laten groeien waardoor de kwaliteit van grote klasse is.

Openingsnummer Hiding Out lijkt te starten met het intro van Wuthering Heights van Kate Bush, maar krijgt al snel een andere wending. Wat mij zo aanspreekt is de meerwaarde van toetsenist Ryo Okumoto die zo heerlijk zorgt voor een symfonisch karakter. In Hiding Out komt dit al naar voren en krijgt een vervolg in I Know Your Secret. Bovenop het keyboardgeluid ligt daar dan een funky gitaarriffje. Het geheel wordt mede door een goed klinkende tekst bijna luchtig neergezet. A Treasure Abandoned geeft een andere wending. Het gebruik van dwarsfluit (en harpsichord) geven het geheel een middeleeuws folkloristisch karakter; door het geheel met een orkestrale sfeer te overgieten, krijgt het nummer een tweede dimensie. De zangsnede “he was lost in the land of the angels” is hier wel op zijn plaats. De sfeer veroorzaakt door dwarsfluit komt verderop in het nummer weer terug om via een keyboardintermezzo terug te komen bij de basis. Submerged dat oorspronkelijk voor de solocd van Ted Leonard geschreven was, heeft een plek gekregen op deze cd. Het nummer is langzaam en het refrein wordt opgebouwd naar een meeslepende climax. Er is genoeg ruimte voor het gitaargeluid van Alan. Dit geluid is door alle nummers eigenlijk bijzonder aanwezig en Alan weet op de een of andere manier het aantal noten te beperken tot het minimum om daarmee uiteindelijk een maximaal effect te creëren. In Afterthoughts grijpt de zang van Ted Leonard een beetje terug naar het stemgeluid van naamgenoot Ted Neeley in Jesus Christ Superstar. Het fraaie stukje vierstemmig acapella is heel bijzonder. Met Something Very Strange nadert het einde. Het nummer is fraai opgebouwd en kent uitmuntende zang en een refrein dat je grijpt en zich nestelt in je geest. Met ruim twaalf minuten eindigt de cd met Waiting For Me. Het intro geeft me het idee van een outro, maar herstelt zich. Het is een beetje een Alan Parsonsgeluid, maar dan een stuk steviger. In eerste instantie lijkt het nummer heel eenvoudig, maar misschien juist door deze eenvoud sluit het de cd perfect af. Het nummer raakt me en neemt me mee in een emotionele muziekrondleiding. Na zeven minuten weet Alan Morse weer een prachtige solo uit zijn gitaar te persen om daarna in een soort kat-en-muis-spelletje met Ryo Okumoto een sfeer te scheppen die je geboeid laat luisteren.

De elfde cd van Spock’s Beard is daarmee een prachtig voorbeeld van een band die zonder zijn geluid te verloochenen toch durft te experimenteren.