Opvallend dat de Stone Temple Pilots na negen jaar een nieuw album uitbrengen. Hoewel het wel past in de revival van de grunge beweging, na Alice In Chains en Soundgarden. Toch leken de heren zover uit elkaar gegroeid door drugs en ruzies dat een reünie van STP niet te verwachten viel. Zeker niet gezien het succes van Velvet Revolver (Scott Weiland) en het mindere succes van de andere heren met Army Of Anyone (project met Richard Patrick, bekend als zanger van Filter). Niet getreurd echter, want “Stone Temple Pilots” is een dijk van een rock plaat geworden. Het is minder psychedelisch en onnavolgbaar dan voorheen en dat zal de oude fans mogelijk nog kunnen weerhouden. Met opener ‘Between The Line’ wordt de toon al gezet. Een recht toe recht aan rocker die sterk doet denken aan het Velvet Revolver werk. Grappig is de verwijzing naar drugsgebruik. STP is echter veelzijdiger dan het eendimensionale rockwerk van Velvet Revolver en bevat leuke verwijzingen naar David Bowie en, zelfs, the Beatles (refrein ‘Dare If You Dare‘). Productioneel en instrumentaal klopt het aan alle kanten, maar dat kan ook gezien worden als kritiek. “Stone Temple Pilots” staat als een huis, het rockt maar het schuurt niet. Voorheen wist men dat te doorbreken door psychedelische (door drugs beïnvloede?) trekjes die nu helemaal glad gestreken zijn. Aan de andere kant weet STP de sleur te doorbreken met mierzoet single materiaal als ‘Cinnamon’ en ‘Maver’ of de rock van ‘Fast As I Can’. Het moet gezegd, met “Stone Temple Pilots” levert STP het meest constante album af in hun historie. Geen echte uitschieters, maar zeker ook geen enkel slecht nummer. Gewoon levendige, goed gespeelde, rock ‘n roll!