Opener Elephant Tree staat net op de planken wanneer ik het uitverkochte concert in Doornroosje in de kleine zaal binnenkom. Vanavond is een ding overduidelijk, alle drie de bands hebben er zin in. De bands weten tussen de sets zo snel om te bouwen dat een deel van het publiek, die zich in die pauzes uit de zaal verwijderd om bijvoorbeeld te roken, telkens de start van de set missen. Uitgangspunt van vanavond blijkt ‘No rest for the wicked!’ Dat de drie bands elkaar ook muzikaal hebben gevonden blijkt uit de vele gastoptredens bij elkaar. De sfeer zit er prima in.

 

Wat bij de opener van vanavond opvalt is de iele zang. Het klinkt veel breekbaarder dan op plaat. Nu past dit prima bij de zwaar aangezette gitaarpartijen, de psychedelische keyboard deuntjes en de groezelige bas. Elephant Tree laat zich niet opjagen, maar kiest voor de trage, typische stoner/ doom aanpak. Dat doen de heren uit Engeland gedegen, maar zonder echt opvallende hoogvliegers. Het aimabele karakter van de bandleden en vooral de bassist (wiens middelnaam Holland is en die zich dus als een vis in het water voelt in Nederland) ten spijt. Het wordt pas echt interessant wanneer de gitarist van Mothership laat horen dat felle gitaar riffs en solo’s ook prima bij Elephant Tree passen.

De Texanen van Mothership hebben eerder in Nijmegen laten zien en horen dat ze een prima show kunnen geven. Zangtechnisch valt er veel op aan te merken bij de broers Juett. Daar kraait vanavond echter geen haan naar, want de muziek draait eigenlijk om een ding. Felle gitaarpartijen die gedragen worden ondersteund door een solide bas en drums. Daar voldoen de heren glansrijk aan. Dat is ook de kracht van nummers als Cosmic Rain en Hot Smoke And Heavy Blues. Vanavond is er weinig ruimte voor het psychedelische deel van de band, zoals een nummer High Strangeness nog laat horen. Mothership levert vanavond veruit het energiekste optreden van het stel.

Het uit de Oekraïne afkomstige Stoned Jesus levert de meest gedurfde set en muziek af. Wapperende broekspijpen komen slechts sporadisch voor, maar als de muziek opzwelt dan doen ze dat ook goed. De muziek wisselt net zo makkelijk van stoner naar progressieve invloeden, maar ook energieke gitaarrock die soms doet denken aan de Foo Fighters komt voorbij. Hun laatste, net uitgebrachte, plaat Pilgrims staat er vol mee. Het langzaam opbouwen van nummers als Thessalia, Distant Light of Feel heeft de band tot kunst verheven. Belangrijke ingrediënten zijn de inventieve bas, drum en gitaar breaks. Helaas is ook hier de zang kwalitatief niet zo best. Het klinkt aardig, maar een echt goede zanger kan veel meer uit deze muziek halen. Natuurlijk heeft de band aandacht voor ouder werk zoals I’m The Mountain waarop het publiek een deel van de tekst mag zingen. Ander hoogtepunt is het explosief rockende Here Come The Robots.

Als een sneltreinvaart, mede door het snelle ombouwen, ging de avond voorbij. Zelfs sneller dan het gepubliceerde speelschema. De bands hadden er, net als het publiek, duidelijk zin in.