The Dead Daisies waren vorig jaar verantwoordelijk voor een van de beste concerten van 2016. Toen was De Helling in Utrecht volledig uitverkocht en maakten de vijf rasmuzikanten er een groot feest van middels een uitstekende mix van eigen nummers en covers die bovendien met groot enthousiasme gespeeld werden.

De Boerderij in Zoetermeer is deze avond weliswaar niet uitverkocht, het is wel gezellig druk en de sfeer is er niet minder om. Sterker nog, het wordt weer net zo’n groot feest als vorig jaar. Maar dat is ook niet moeilijk. De songs zijn aanstekelijk en zorgen voor een hoog meezinggehalte. En als je als toeschouwer niet hard genoeg meedoet dan zorgen de vijf Daisies op het podium er wel voor dat je door hun enthousiasme alsnog overstag gaat.

The Dead Daisies is een bijzondere groep. Met zanger John Corabi (Mötley Crüe), gitarist Doug Aldrich (Whitesnake) en bassist Marco Mendoza (Whitesnake/Thin Lizzy) in de gelederen staat er  behoorlijk wat kwaliteit op het podium. Maar ook gitarist David Lowy en drummer Brian Tichy (Whitesnake/Foreigner) mogen niet onvermeld blijven. Het is inmiddels namelijk een hechte groep waarin iedereen even belangrijk is. Want ondanks dat de heren gelouterde muzikanten zijn is er geen sprankje ego te ontdekken. En dat is nou juist de charme van The Dead Daisies. Ze staan op het podium alsof ze er voor het eerst staan en gaan er bijna twee uur lang vol tegenaan. De chemie onderling is prachtig om te zien en het lijkt erop alsof ze dit puur voor hun plezier doen. En dat slaat over op het publiek.

Blikvanger is uiteraard Corabi die met zijn rauwe maar loepzuivere stem alles moeiteloos zingt en een uitstekende frontman en persoonlijkheid is. Onbegrijpelijk dat hij naast zijn korte verblijf in Mötley Crüe verder nooit echt is doorgebroken. Aldrich is de grote publiekslieveling. Alles wat hij doet wordt met gejuich ontvangen. Zijn plectrums vliegen door de zaal en iedereen op de eerste rijen wordt nadrukkelijk betrokken bij de show. Mendoza mengt zich op een gegeven moment zelfs tussen het publiek om de feestvreugde nog iets te verhogen.

De show heeft ook een “hello Cleveland” momentje. Halverwege het optreden denkt Corabi namelijk dat hij in Rotterdam staat. “Thank you Rotterdam” klinkt het tot drie keer toe. Pas als iemand uit de zaal hem tegen het einde van het concert een stuk karton overhandigd waarop staat geschreven dat dit niet Rotterdam is beseft hij dat hij iets goed te maken heeft. Dit overigens tot grote hilariteit van de overige bandleden maar vooral van zichzelf.

The Dead Daisies wordt ook wel een supergroep genoemd maar Corabi zegt daarover “Wij zijn geen supergroep. Wij zijn gewoon fans van ouderwetse hardrock, net als jullie”. En ouderwets mag het zijn maar het klinkt wel erg aangenaam allemaal. Eigen nummers als Long way to go, Mexico, Make some noise en We all fall down worden afgewisseld met uitstekend gespeelde covers als Rockin’ in a free world (Neil Young), Join together (The Who) en Helter skelter (The Beatles). En wanneer hoor je covers als  Midnight Moses (Sensational Alex Harvey Band) en We’re an American Band (Grand Funk Railroad)? Het optreden is een groot feest van herkenning.

En dat de heren ook na afloop niet te beroerd zijn om fans te ontmoeten blijkt wel uit het feit dat er na ieder optreden tijd wordt gemaakt voor een meet & greet in de zaal. The Dead Daisies is de ultieme live band.