Wij mensen mogen bijzonder gelukkig zijn met de speciale gave om te musiceren. Dit werkelijke voorrecht ontstaat op een plaats waar inspiratie, emotie en een beetje talent samensmelten tot een kern. Overal in de wereld vinden wij van deze kernen, en zo ook in het Noord-Hollandse Hoorn. We kennen de groep ‘Johan’, maar veel meer heeft deze relatief kleine stad toch niet de bieden? Na het verschijnen van het debuutalbum ‘Tim Knol’, bewijst dit puur Hollands talent het tegendeel…

Het album ‘Days’ gaat net een stapje verder dan het zelfbetitelde debuutalbum ‘Tim Knol’. Opvallend is de grotere rol van de band als geheel, waardoor Tim soms meer op de achtergrond staat. Wat dit betreft is zijn nieuwe album ook goed in balans. Het album knalt stevig open met het nummer (tevens een single) ‘Gonna get there’, waarbij het blaasorgel goed op de overige instrumenten aansluit. Een nummer voortgebracht uit een goed geoliede machine, oftewel een strak op elkaar in gespeelde band. Later, bij een nummer als ‘Don’t expect me too soon’, pakt Tim deze min of meer achtergestelde positie terug en trekt hij alle aandacht van de luisteraars naar zijn heerlijk heldere stem en naar zijn emotievolle spel op de akoestische gitaar. Zo staat deze twintiger nog altijd een stapje boven de band, maar meer ruimte voor de groep wordt duidelijk gegund, en dit zorgt toch voor wat meer variatie binnen de nummers die vrij repetitief zijn qua zanglijnen.

Dat Tim is beïnvloed door de platenkast van zijn vader, is behoorlijk expliciet te horen. Een nummer als ‘1966’ doet direct sterk denken aan het werk van ‘the Fab Four’. Hoge tonen galmen uit de stembanden, en achtergrondvocalen zijn eveneens duidelijk aanwezig. Met name deze achtergrondvocalen maken het geheel nog voller en nog sterker dan dat het al is, en dit komt mede door het rijkelijke assortiment aan instrumenten. Toch staan er op de plaat ook weer nummers die de kracht van eenvoud proberen aan te tonen, zoals het eerder genoemde ‘Don’t expect me too soon’: gitaar, minimale piano en zang. Niks meer en niks minder, maar ook dit nummer is weer een genot voor het oor.

Dit album zou kunnen worden bestempeld met de termen ‘warmte’ en ‘rust’. Het intro nummer ‘Gonna get there’ is een relatief stevig nummer, terwijl de rest duidelijk meer ingetogen, minder krachtig maar meer emotioneel en sfeervoller is. Hierdoor word je als luisteraar bij een eerste luisterbeurt wel direct op de verkeerde been gezet, maar op bijzonder positieve wijze want het intronummer is op z’n zachtst gezegd niet de minste.

Zoals reeds vermeld wordt vervolgens de rem meer ingedrukt, maar de kwaliteit wordt er in de meeste gevallen niet minder om. Wat dat betreft is dit geen plaat voor een echte rockliefhebber, daar is het simpelweg te zacht voor. Maar door de ervaren bandleden die achter dit talent staan kan dit beter gezegd een plaat zijn van ‘Tim Knol en zijn band’, in plaats van enkel zijn eigen naam, maar dit is voor het gemak weggelaten. Al met al, is dit album erg aangenaam om naar te luisteren, maar helaas wordt de kwaliteit van nummers als ‘Gonna get there’, ‘Years’ en ‘Do you leave the light on’ niet constant behouden. Met deze plaat zet de heer Knol zijn peilsnelle opmars prima voort, en is deze Hollandse musicus iemand om goed in de gaten te houden.