Het mag zo zijn dat als het om voetbal gaat we onze Duitse vrienden niet zo weten te waarderen, maar als het om metalcore gaat is dat heel anders. Dat blijkt dan ook wel uit een lekker volle zaal met een overwegend jong publiek, zoals vaak het geval bij dit soort bands. Complimenten nog aan de ontzettend jonge fan die verschillende nummers weet mee te brullen met de bands op het podium. Goude toekomst in de metalcore is voorzien!

To The Rats And Wolves speelt het subgenre Trancecore, vanwege de electronische dance-invloeden. Geen reden om je daar als echte metalhead druk over te maken hoor. Het is lang niet zo erg als bijvoorbeeld het dubstep avontuur van Korn enige tijd geleden. De basis is nog steeds hardcore en metal en de gecomineerde zang van vocalisten Nico en Dixi is origineel.

Any Given Day uit Gelsenkirchen is mijn persoonlijke ontdekking van het jaar. Ik ben dol op bands die op het ene moment snoeihard kunnen zijn en vervolgens kunnen inspireren met clean vocals en sterke, opbeurende teksten. Any Given Day is zo’n band dus. Frontman Dennis Diehl is een indrukwekkende, gespierde verschijning op het podium en gelet op hoe de spieren in zijn nek zich spannen als hij zingt geeft hij zich helemaal. Na het optreden spreek ik hem nog even en hij blijkt zeker ook een aardige kerel.

Mijn persoonlijke favoriete nummers, Arise (helaas natuurlijk zonder Trivium’s Matt Heafy die op de cd wel meezingt) en Home Is Where The Heart Is, die perfecte voorbeelden zijn van die sterke combinatie van hard en zacht ontbreken gelukkig niet op de setlist.

Suicide Silence is vervolgens zonder twijfel de hardste band van de avond en tegelijk de vreemd eend in de bijt aangezien ze uit Riverside, Californië komen in plaats van uit Duitsland zoals de rest. Hun deathcore is compromisloos,  hier is dan ook de wildste moshpit te vinden van de avond. Er ontstaat een waar slagveld in de zaal waar gelukkig wel de code ”when someone falls, pick him up” van kracht is.

Het geluid is zo hard dat ik dan toch af en toe bedenk dat ik oordopjes mee had moeten nemen en soms zijn de geluidstrillingen tot in mijn maag te voelen.

Ze laten het publiek nog even weten dat hun nieuwe album met de simpele titel Suicide Silence zal uitkomen in februari.

Hoofdact Caliban opent helaas wat minder sterk, de backing vocals van de bandleden zijn wat zwakjes en de eerste paar nummer simpelweg niet zo strak gespeeld. Op zich jammer, want ze zijn de perfecte band om na Suicide Silence te komen, want harder dan de eerste twee bands maar dan toch een sound om een beetje bij te komen na het geweld daarvoor. Wat er na de eerste paar nummers precies  gebeurt is me onduidelijk, want of de mensen van het geluid hebben de boel kunnen redden of de heren moesten  gewoon even hun groove  vinden, maar naarmate hun set vordert worden ze steeds beter.

Ze verstaan in ieder geval hun vak als entertainer want ze weten het publiek perfect te verleiden tot springen, circle pits, wall of death etc. Erg vermakelijk is ook hun cover van Rammstein’s Sonne, en  meezinger We Are The Many (met de sterke tekst “You’ve got to be fucking kidding me”)  waarbij alle zangers van de voorgaande acts samen het podium betreden. Bij het laatste nummer is het nog drukker op het podium want het oude hardcore gebruik dat het publiek gezellig mee op het podium mag staan wordt hier ook uit de kast gehaald en op het laatst staan er dan ook meer mensen op het podium dan ervoor.

Kortom, een mooie interland in Dynamo, waar iedereen een winnaar was!