Met het nieuwe album Bones Don’t Lie komt Kingsmen met het vervolg op het debuut Revenge. Forgiveness, Recovery uit 2020. Daarop liet de band een puik geluid horen dat voornamelijk gestoeld was op de basis van de metalcore. De titel van het nieuwe album komt voort uit de term ‘what skeletons are in your closet?’. Het gaat over jezelf ontdekken en het verleden, met alle fouten en successen, te omarmen omdat juist dat je karakter heeft gevormd. Muzikaal heeft de band naar mijn idee andere accenten naar voren gehaald.

Vanuit de metalcore zijn ze voor een groot gedeelte meer richting de nu-metal gegaan. Na het intro Hiding In The Noise wordt dat wel duidelijk in het titelnummer Bones Don’t Lie. Er ligt een enorme groove aan de basis die krachtig wordt ingezet. Bij het couplet raakt deze wat op de achtergrond maar de riff is continu aanwezig en de zang doet sterk denken aan de manier van zingen bij KoRn. Dat krijgt een mooi vervolg in Bitter Half. Het is meer uptempo, maar mist de scherpte en het energieke van de metalcore. Het zijn ook hier de groovy riffs die de show stelen en van Bitter Half een dijk van een compositie maken.

Dat groovende karakter komt in Memory weer terug. Het is hier, naast het gitaargeluid, het drumwerk dat opvallend aanwezig is. Strak en afwisselend zorgt het voor de aantrekkingskracht. Na het tweede refrein volgt er een fikse verzwaring met een goede diepe grunt dat in schril contrast staat met de clean vocals in de compositie. Het is hier een mix van metalcore, nu-metal met een fikse dosis Five Finger Death Punch. Die laatste band zou naar mijn idee ook wat graag de compositie Trial By Fire op een album willen zetten. Maar ook Dead Letter, met een easymelodie is gericht op het geluid van Five Finger Death Punch. Naar het einde toe wordt het wat zwaarder aangezet. Over de hele linie is het vrij gelijkmatig. Dat is niet per definitie slecht, maar verhoogt mijn adrenalinepeil ook niet echt.

Dat is met Catalyst meer het geval. Het gas gaat er weer op en de strakke vette beat zorgt voor het opzwepende karakter. Vanuit FFDP beweegt Kingsmen zich hier richting het geluid van Slipknot.

Met Prayer Man gooit Kingsmen het dan weer compleet over een andere boeg. Een dikke industriële beat is hier de stimulans en Rammstein en Lordi ontmoeten elkaar hier. De groove is langzaam en bezwerend. Het grooved wel, maar is ook verwarrend. Met Diamondize laten ze horen dat het geen toevalstreffer was, want ook de afsluiter heeft een heftige industriële groove. Langzaam, gortdroog en groovend duikt Kingsmen de diepte in.

Het album kent daarnaast met No Road Home nog een verrassing. De ingetogen, nogal kale compositie kun je halverwege het album vinden. Het is een beetje Rag’n’Bone-man met een hoog tiktokgehalte.

Bones Don’t Lie is niet de opvolger die ik had verwacht van de band. Het album op zich is lekker omdat ik wel een liefhebber ben van het geluid van de nu-metal, maar alle metalcore-elementen lijken te zijn verdwenen als sneeuw voor de zon en dat vind ik jammer. Toch blijft het een album met verrassingen en lekkere rock/metal.