Moon Machine is een Amerikaanse band met Somerville als uitvalsbasis. Drie vrienden van de lokale Universiteit aldaar hadden een gemeenschappelijk idee over muziek en hoe ze het zouden willen maken. Als er dan in de geleidende persbrief staat dat de heren beïnvloed worden door onder andere Opeth, Alcest, Tool en Porcupine Tree ben ik natuurlijk wel benieuwd hoe ze die smaken in een blender gooien. 

Moon Machine is het debuutalbum van dit jonge trio rond multi-instrumentalist Eric Hochwald. Naast gitaar is hij ook verantwoordelijk voor de baspartijen, drums, aanvullende keyboard, de orkestratie en hij zingt de teksten die hij zelf heeft geschreven. Hiernaast heeft hij de productie en het mixen op zich genomen. Uiteraard kun je niet alles alleen en gelukkig heeft hij zijn vrienden Jonathan Sirota om op keyboards en Angel Castillo om bij drum arrangementen te helpen. Dus of we hier echt met een trio te maken hebben in de zin van gelijkheid in inspraak laat ik maar in het midden. Het gaat uiteindelijk over de muziek en hoe het op een schijfje terecht komt vind ik hier niet zo erg belangrijk persoonlijk.

The Cave opent het album op een knallende manier. Het slaat echter snel om. Eric laat voor het eerst zijn stem horen en dat is niet verkeerd. Ik moet direct denken aan twee Nederlandse bands. De manier van spelen en de stem erbij linken mijn hersencellen aan het helaas ter ziele gegane Infinite Mind uit Bergen op Zoom. Wellicht zijn er wat lezers die nu meteen weten wat ik bedoel. Een andere band waar ik meteen mee in mijn hoofd zit is A Liquid Landscape. Ik ben groot liefhebber van dit genre dat inderdaad ook een link heeft met Porcupine Tree en de dansende manier van zingen van heer Wilson uit die tijd. Het nummer klinkt licht en is lekker gevarieerd. De mix laat horen dat deze vrij getalenteerde man inderdaad wel iets in zijn mars heeft want deze is mooi in balans. De muziek is heel erg prettig om naar te luisteren en eigenlijk zit ik er meteen lekker in. Ik ga er maar eens goed voor zitten en laat het over me heen komen. Het album had eigenlijk al in 2020 uit moeten komen maar door de bekende perikelen is het doorgeschoven naar zomer dit jaar. Echter werden er wel al een klein aantal singles uitgebracht. Reckoning was hier de eerste van en is het volgende nummer op het album. Het is iets krachtiger door de stevige riffs. Eric moet ook iets meer uit zijn stem halen om er bovenuit te komen maar dat doet hij heel erg goed. Als men na drie minuten ineens een trompet uit de speakers tovert zit ik rechtop. Dat is niet iets wat je direct aan ziet komen, maar het loopt wel heel erg fraai mee in het arrangement. Als ik dit nummer eerder had gehoord in de tijd dat het uitgebracht werd had ik zeker reikhalzend uitgekeken naar het complete eindresultaat. Demon is met op een haar na acht minuten het langste nummer dat de mannen ons voorschotelen. Hier is de invloed van Porcupine Tree wel degelijk te horen. Net als de voorgaande nummers gaat het op en neer en gebeurt er van alles. Heel verrassend wordt tegen het einde de geest verdreven met een flinke schreeuw. Left to Wander was de tweede single en is een ballad dat zweeft op keys, riffs en een goede gitaarsolo. De ingetogen zangstem met licht Franse tongval blijft mij intrigeren.
Het eerste deel van het album is op deze wijze schitterend beëindigd. Ik zeg eerste deel want de drie laatste nummers vormen eigenlijk één geheel. Post-Upgrade bestaat uit de hoofdstukken I-Discovery, II-Grief en III-Requiem waarvan de eerste drie minuten instrumentaal zijn. Drums en een zingende gitaar op keys zweven een kleine 3 minuten richting het moment van verdriet. Grief klinkt echter vrolijker dan de titel doet vermoeden. Het geheel is wel wat anders dan al het voorgaande. Iets meer uptempo en heavy. De tekst is wel degelijk erg diep en donker maar door de muziek krijgt het een minder zware lading. Het nummer gaat over het verlies van een dierbare vriend en het verwerken van deze verschrikkelijke ellende. De laatste zin “now it’s time to die” komt met alle hier bij komende emoties knetterhard binnen en ik weet zeker dat dit uit de tenen van Eric komt. Prachtig is wel een woord dat hier bij past. Na deze uitbarsting gaat het heel mooi naar het requiem. Dit zeer sfeervolle eerbetoon is licht orkestraal en lijkt na een kleine drie minuten afgelopen. Echter volgt er na een respectvol moment van stilte een soort kakofonie aan geluiden dat waarschijnlijk de onwerkelijkheid en klap van het verwerken doet simuleren.

Moon Machine is zeer zeker een album dat hier in ons land bij de aanwezige prog liefhebbers aan zou kunnen slaan. Ik weet dat deze stijl een flink aantal liefhebbers heeft en ik raad deze groep dan ook aan om dit te beluisteren en de teksten erbij mee te lezen.