Heavy seventies vintage in een hedendaags jasje; Graveyard doet dat als de beste! Al jaren. Vanaf hun debuut in 2008 tot nu toe, hebben ze alleen maar klasse-albums afgeleverd en bij alle optredens die ik meegemaakt heb, hebben ze me helemaal ingepakt; ik ben dan ook absoluut geen objectief luisteraar in dit geval.

De retro-rock met blues, psych en stoner elementen is gewoon optimaal, als die gebracht wordt door dit gezelschap. Natuurlijk heeft iedere fase, en zo’n beetje ieder album bij Graveyard, wel een soort eigen richting, een ontwikkeling met variaties, maar het klinkt wel altijd oprecht en is kwalitatief helemaal af. Na de wat duistere, melancholischer voorganger 6, is het weer tijd voor rocken! Gruizig, energiek, de fuzz tot de bodem (en verder) ingetrapt; zo gaat dat op Fever.
De opener Back From The Grave maakt direct de koers duidelijk. De titel is al veelzeggend; dit is vuig en heftig! Proto-metal elementen a la Blue Cheer en Black Sabbath in een opzwepende Graveyard-setting. Het sleurt me weer direct helemaal mee. Qua invulling van vintage geluid is er weer lustig op los geëxperimenteerd, denk ik. Ik had wel even willen meekijken in de studio, welk pedaaltje, versterker en settings er allemaal gebruikt zijn.
Het boem-klap-ritme van Tongue Tied is echt even wennen, maar die rauwe invulling en op-het-randje solo (nou ja, eigenlijk er overheen) is wel heerlijk! Een bijzonder smaakvolle afstelling en combinatie van slaggitaar en solo geluid in A Better Cut (Note To Myself), waarbij de overtuigende, intense vocalen en de dwingende drive het compleet maken. Even iets meer uptempo doortrekken in Year Of The Horse en dan de stampende rocker en single A Means To An End. Time To Tell heeft een geweldige fine-tuning in details. Hoe de gitaar “inbreekt” op die tergende beat, de timing, ook wanneer de variatie komt; bedenk het maar eens. Don’t Shoot hapt heerlijk weg en het navolgende, energieke, staccato Room Tempered heeft een boeiende opbouw, variatie en schakelingen, die aardig stimulerend kunnen zijn om bij de les te blijven.
Zelfs de als kabbelende blues aanvangende Dead Note, krijgt een rauwe, gruizige en beklemmende sfeer aangemeten en gaat qua intensiteit helemaal tot het uiterste. Deze past misschien in het verlengde van het straatje van de wereldse Hissingen Blues plaat; een geweldige afsluiter. Gitarist Jonatan Ramm zal er in het vervolg niet meer bij zijn. Naast grondlegger Joakim Nilsson heeft hij wel jaren lang een grote bijdrage geleverd aan de muzikale koers van Graveyard. Wel benieuwd hoe dat in het vervolg (ook live) zal uitpakken.