Het nieuwe solo album van Reuben frontman Jamie Lenman is een bizarre mix van stijlen.

Een album met covers, maar dan anders. Lenman geeft een geheel eigen draai aan bekende nummers en door de toevoeging van andere elementen wordt het album een bonte mix. Voor de invulling van het album heeft Lenman niet alleen covers van bekende nummers ingespeeld, er staat bijvoorbeeld ook een heel telefoongesprek op en een nummer dat uitsluitend uit gesproken woord bestaat. Het mag duidelijk zijn dat Lenman geslaagd is in zijn opzet om wat aparts neer te zetten.

Er staan metalversies op van onder andere de jaren tachtig hits Killer (Adamski) en She Bop (Cyndi Lauper). De nummers blijven herkenbaar, maar zijn aanzienlijk steviger in de uitvoering dan het origineel. Er is minder synthesizer te horen en uiteraard meer, en steviger gitaarwerk. De cover van Hey Jude (The Beatles) laat gedurende twee minuten uitsluitend de outro van het nummer horen, het is de eigen interpretatie van het nummer.

Het album opent met een stevige versie van Tomorrow Never Knows (The Beatles). Het nummer kent ruig gitaarwerk en veel echo’s op de zang. Naast covers van bekende nummers deinst Lenman er ook niet voor terug om bijvoorbeeld de tune van Popeye onder handen te nemen. Ruig en meedogenloos hard schalt Popeye uit de speakers. Met deze tune zou er geen kind fan van zijn geworden, dat is wel duidelijk.

You’re The Boss is een telefoongesprek tussen twee mannen en The Perquod Meets The Delight is een stuk proza dat voorgelezen wordt. Het album sluit af met The Remembrance, een rustig nummer bestaande uit zang en piano. Met deze veertien nummers laat Lenman horen dat hij een duidelijk beeld heeft van hoe hij nummers wil laten klinken. Hij doet duidelijk waar hij zin in heeft, ongeacht wat de markt vraagt. En dat is altijd goed voor een artiest.