Het kan je zomaar overkomen dat je samen met professor Barabas deze tijd ontvlucht en in zijn tijdmachine drie à vier decennia teruggaat in de tijd om daar met Jerommeke, met getoupeerd kapsel, de glam-/hairmetal met spierballen van bands als W.A.S.P., Ratt en Cinderella op MTV tegen te komen. Het oude bloed in de aderen krijgt een boost en stroomt in volle kracht door het lijf terwijl de snerpende zang je stijgbeugeltje bewerkt. Eenmaal terug in onze eigen tijd, blijken de heren van Mädhouse meegekomen te zijn om in deze 21e eeuw de sfeer van weleer in eigentijdse muziek te gieten en uit te brengen als album. Bad Habits is het tweede album dat het vijftal voorziet van aanstekelijke rockcomposities, goedgekeurd door de Nederlandse vereniging van rockers uit de jaren tachtig.

De muziek, de uitstraling en zelfs de titels van de vijftien composities stralen pure rock uit. Bang Bang opent daarmee het album. Doeltreffend eenvoudig krijg je als luisteraar een puike compositie voor je oren en Mädhouse bewijst daarmee dat een band als Mötley Crüe rustig van het pensioen kan gaan genieten. De ‘umlaut’ heeft Mädhouse al in bezit. Het gevoel ook wanneer je verderop composities als Rodeo,

Met Sick Of It All is het stemgeluid van Tommy Lovelace bij de start net wat scherper dan gewend en lijkt U.D.O. een goed leermeester/voorbeeld te zijn voor de zanger die verderop overtuigt door net dat scherpe randje. Ondertussen zorgen de gitaristen Mikky Stixx en Thommy Black voor de goede vibe met hun spel terwijl een stabiele ritmesectie van Rickey Dee en Casey Jean Eiszenmann de basisgroove vormgeeft.

Steeds zoekend naar het randje start First Lick Then Stick met een ‘veelbelovende’ vrouwenstem die de riff aanstuurt. Het tempo blijft in zijn 4-kwarts-maat precies goed en de coupletten en refreinen wisselen elkaar heel goed af. Een fraai stuk muziek waarin de invloed van bijvoorbeeld Ratt en Cinderella sterk naar voren komt. Hetzelfde gevoel komt naar boven bij het luisteren naar Live It Up en Itch To Scratch waarin het gitaarspel even voorbij de helft het geheel een iets ander karakter meegeeft en de variatie hierin is prettig.

Ritmes wisselen elkaar daarna weer goed af in I Walk The Ponygirl. Een compositie die traag van start gaat, maar qua ritme nogal wisselend. Tekstueel heb ik daarbij het idee, ondanks mijn gebrek aan de Engelse taal, dat het lied over iets anders gaat, dan ik eigenlijk in eerste instantie voor mogelijk houd. Dat spel met ritme komt terug in Fake It Till You Make It.

Mädhouse weet zo gaandeweg een aantal succesfactoren uit het verleden te combineren en laat in Atomic Love en Say Nothing At All horen dat Def Leppard niet ver weg kan zijn. Rifftechnisch mogen Mikky en Thommy zich uitleven in het titelnummer. De riffs worden met precisie neergezet en drummer Casey weet met zijn slagen de klinknagels ertussen te slaan. Het geheel staat daardoor als een huis.

Op een album als Bad Habits mag een echte (Cinderella) ballad natuurlijk niet ontbreken. Pure Oxytocin. Oxytocine wordt omschreven als “Oxytocine is een neuropeptide dat als hormoon en neurotransmitter fungeert. Het lijkt een belangrijke rol te spelen bij het verbinden van sociale contacten met gevoelens van plezier. (wikipedia)” En wordt ook wel het knuffelhormoon genoemd. Dat ademt Pure Oxytocin dan ook helemaal uit.

Met de laatste vier composities maakt Mädhouse het album in stijl af. Hoewel we alle invloeden en stijlen wel gehoord hebben op het album zorgen de laatste composities er niet voor dat er een gevoel van verzadiging optreedt.

Bad Habits raakt met zijn invloeden uit de jaren tachtig van de vorige eeuw toch een gevoelige snaar. Een snaar die nooit gestopt is met trillen en nog altijd de glam-/sleaze-/hardrock tot de dag van vandaag springlevend houdt. Mädhouse heeft dit weten te vertalen in een uur prettige rock (and roll) waarbij de oude ‘legendes’ als Ratt en Cinderella naar voren worden geschoven. Bad Habits zorgt daarmee voor een portie oxytocine aan mijn kant.