Geen nieuwe release voor BRUCE dit jaar. Toch niet als we Springsteen even buiten beschouwing laten en het enkel hebben over de Belgische punkrockband BRUCE. Wel verzamelde BRUCE hun twee meest recente albums op één vinyl. En die verkoopt bijzonder snel uit. De derde persing is inmiddels onderweg. Dat is meteen een mooie aanleiding voor een interview.

 

Voor Rockportaal is dit het eerste interview, dan is het netjes om bij het prille begin te starten. Wanneer en hoe is BRUCE begonnen?

BRUCE: Wij spelen al sinds 1990 met ons drieën samen in The Leftovers, waarvan de roots eerder in de garagerock lagen. Met die band brachten we een CD en wat singles uit via het – toch in België legendarische Boom! Records van wijlen JP Van. Toen onze toenmalige zanger de band in 1993 opdoekte, maakten we een doorstart onder de naam BRUCE. Daarbij zijn we teruggegaan naar onze punkroots. BRUCE speelt dus best al een hele tijd samen, met steeds dezelfde bandleden.

 

The Leftovers was al geen unieke bandnaam, maar BRUCE is dat zeker ook niet. De google-baarheid was in ’97 nog geen criterium?

BRUCE: Inderdaad, met de naam BRUCE hebben we het onszelf niet makkelijk gemaakt, want al gauw kom je terecht bij Bruce Springsteen, Bruce Willis en Bruce Lee. Ons vind je ergens terug op pagina 527 bij de zoekresultaten. Onze bandnaam heeft wel degelijk te maken met Bruce Springsteen. Met The Leftovers speelden we op de halve finale van de Rock Rally, gepresenteerd door toenmalig Humo-journalist Frank Vander Linden (van De Mens). Hij kondigde ons aan met de historische woorden “de volgende band heet Leftovers, maar dat had net zo goed Bruce kunnen zijn”, want onze zanger/gitarist leek (vooral toen) heel erg op Springsteen, wat hem nog jaren achtervolgd heeft. Toen we in 1993 de doorstart maakten, moesten we dus niet lang nadenken over een groepsnaam.

Als The Leftovers deden jullie supports voor Ed Kuepper van The Saints en de Cosmic Psychos. Is daar de liefde voor Australische punkrock ontstaan?

BRUCE: Die voorkeur was er al eerder. Wij luisterden veel naar Australische bands als The Saints, Radio Birdman, Celibate Rifles, Hard-Ons, New Christs, Cosmic Psychos, enz. We vonden dat goed en dat was hoe onze muziek moest worden.

 

Waarin verschilt de Aussie-punk van die van Belgische, Britse of Amerikaanse?

BRUCE: Australische punk is voor ons met de kenmerkende gitaar-riffs zoals The New Christs en The Eastern Dark, en uiteraard de door alles kervende wah-wah op de drie akkoorden bij Cosmic Psychos. Vandaar ook dat je veel wah-wah in BRUCE-nummers hoort. Wij hebben dus een heel ander geluid dan wat je meestal tegenkomt in sub-genres als street punk, skate punk of garagerock.

Waarover gaan de lyrics bij BRUCE?

BRUCE: Onze teksten gaan gewoon nergens over. Alle BRUCE-nummers ontstaan met een vuil gitaarrifje en wat Engels gewauwel. Pas wanneer de hele groep de song ziet zitten ontspinnen zich in Wim’s brein allerlei rare hersenspinsels die uiteindelijk leiden tot wat absurde teksten. Dus daar moet je vooral niets diepzinnigs achter gaan zoeken.

 

Live brengen jullie al eens een cover van een usual suspect als Buzzcocks of Wipers, maar jullie versie van postpunk-nummer Warsaw springt dan wat uit de toon. Wat is het verhaal daar achter?

BRUCE: Als ik het me goed herinner speelden we Warsaw al van in de Leftovers-periode, en zijn we het nummer altijd blijven spelen tot vandaag. Het staat zelfs op ons laatste album. Waarom we precies Warsaw zijn gaan coveren, kwam wellicht omdat het een heel mooi Joy Division-nummer is, maar vooral omdat het één van de weinige covers was die we foutloos konden spelen. En het nummer past bij ons BRUCE-geluid.

Het heeft lang geduurd vooraleer jullie die Warsaw-cover mochten uitbrengen. Wat was eigenlijk het probleem?

BRUCE: We hebben toestemming gevraagd aan Universal om het nummer op ons laatste album uit te brengen. Dat mocht mits we toestemming kregen van de rechthebbenden. Dat heeft liefst negen maanden geduurd omdat er nogal wat van die rechthebbenden zijn, naar verluidt tot de erfgenamen van David Bowie toe. En net toen we het opgenomen nummer dan toch niet op het album wilden zetten door de intussen opgelopen vertraging, kregen we alsnog groen licht.

 

Na de naamsverandering was er een lange pauze in de band. Wat is er toen gebeurd?

BRUCE: Na de doorstart als BRUCE in 1993 hebben we best wat opgetreden in België en Nederland. Ook hebben we in 1996 ons eerste album The Vaticano Trail opgenomen en een jaar later uitgebracht. Daarna hebben we nog een paar jaren opgetreden. Daarna zijn we wat blijven aanmodderden: vooral repeteren en nieuwe nummers maken, en dat was genoeg. Ons zal je nu eenmaal nooit kunnen verdenken van overdreven veel ambitie of motivatie. Tot de bevriende band Unwanted Tattoo ons in 2009 kon overtuigen om weer eens met hun samen op te gaan treden. Dat was dermate leuk dat we sindsdien muziek zijn blijven maken en blijven optreden.

Het valt mij op dat jullie nummers soms al heel lang spelen vooraleer jullie ze opnemen. Is dat omdat jullie niet snel tevreden zijn?

BRUCE: Dat komt vooral omdat we niet de ambitie hebben om veel op te nemen. Het is niet zo dat er een of ander uitgekiend plan achter BRUCE zit. Als DIY-band die van niemand afhankelijk is en wil zijn doen wij maar wat. En pas wanneer we vinden dat we voldoende album-waardige tracks hebben, gaan we opnemen.

 

De heruitgave van jullie laatste twee albums op vinyl kwam een beetje als een verrassing.

BRUCE: Met de covid-crisis heeft de evenementensector en sector van de live-muziek enorm te lijden onder de lockdowns. Van optreden is geen sprake en er is nog altijd heel weinig perspectief. Daarom kwam het idee om onze twee laatste albums Captain, We’ve Lost Bruce (2019) en My Latest Popstar Crush (2017) op één 12”gekleurd vinyl uit te brengen, elk op één zijde van de LP. Die vinyl is inderdaad goed ontvangen en ligt inmiddels in de betere platenzaken. De eerste persing op roze vinyl was op een paar weken de deur uit. De tweede persing op groene vinyl is nu net uit en de derde persing op paars vinyl volgt begin 2021.

 

Dit jaar hebben jullie niet vaak kunnen optreden. Hebben jullie die tijd dan gebruikt om nieuwe nummers te schrijven?

BRUCE: Wij zijn de hele tijd in de weer geweest met het maken van de vinyl. Als DIY-band neemt dat enorm veel tijd. We krijgen gelukkig hulp van heel wat vrienden, die we niet genoeg kunnen bedanken. We hebben wel nog wat nummers liggen die we in de toekomst wellicht zullen opnemen, maar er zijn nog niet echt concrete plannen. Volgende zomer willen we wel onze eerste CD The Vaticano Trail heruitbrengen op vinyl. Die tracks zijn we aan het remasteren. Het wordt opnieuw een DIY-release, dus we hebben nog wel een tijdje wat om handen.

 

Voor een diy-band zonder label of management worden jullie prima opgepikt wereldwijd door radiostations en voor reviews. Gebeurt dat allemaal spontaan of schuilt er een gewiekste marketingmanager in één van jullie?

BRUCE: Wij doen maar wat. We proberen wereldwijd contacten te leggen met punk-radiostations. Een aantal radiostations in Europa, VS en Australië hebben ons al opgepikt en toegevoegd aan hun high rotation list, en daar zijn op regelmatige basis BRUCE-nummers te horen. In Australië kreeg ons vorige album een on air-review van 10 minuten op een punkradio, waarbij men het grappig vond dat een Belgische punkband die pretendeert Australisch geïnspireerde punk te spelen op de Australische radio terechtkomt.

Bovenop concerten in België en Nederland hebben jullie ook al in Istanbul gespeeld.

BRUCE: De jongste jaren was het vooral België, maar vroeger deden we veel meer shows in Nederland. Die optredens in Turkije kwamen er op uitnodiging van de Turkse punkband Reptilians From Andromeda. We hadden samengespeeld in België en het klikte. Het optreden in Ankara werd in laatste instantie afgelast, maar de twee optredens in Istanbul waren heel leuk.

 

Is een punrockshow in Istanbul te vergelijken met een punkrockshow in Aarschot of Eindhoven?

BRUCE: Turkije heeft een relatief kleine maar heel fanatieke punkscene met heel wat alternatieve clubs en heel veel optredens, waar heel vaak dezelfde namen opduiken. Het Turkije van Erdogan is niet alleen ver weg wanneer je in de alternatieve clubs bent, maar in de hippe suburbs (Kadiköy/Uskudar) aan de Aziatische zijde heerst er algemeen een alternatieve en meer vrijgevochten vibe, en is Erdogan is daar niet erg geliefd om het zacht uit te drukken. Onze twee optredens daar waren bijzonder leuk. We mochten daar zowaar een Halloween-avond afsluiten en de sfeer was knotsgek. Het Belgische publiek kennen wij als braaf en terughoudend, terwijl de Turkse fans meteen bij het eerste nummer het podium bestormden. Dat geeft je als band echt wel een boost.

 

Worden jullie wel vaker gevraagd voor concerten in het buitenland?

BRUCE: Op een bepaald moment zou er een tour in Duitsland opgezet worden, maar met onze drukke beroepsbezigheden is het niet makkelijk om dat allemaal te organiseren. Bovendien kost het enorm veel tijd om de juiste contacten op te bouwen. We bekijken alles wat ons aangeboden wordt. Momenteel zijn er in een aantal landen goede contacten, maar door de coronacrisis volgt daar nog niets concreets uit.

 

Wat was tot dusver het hoogtepunt met BRUCE?

BRUCE: Zonder twijfel ons optreden op Sjock Festival in 2017 (met Bad Religion, Zeke, The Hellacopters, …). Optreden op je favoriete festival, waar je zelf al zo lang naartoe gaat, dat is gewoon de max, zeker wanneer je achteraf complimentjes krijgt. Voorts ook de support van TV Smith van The Adverts in Leuven, maar dan vooral voor de cover van Voor De Dood, die we diezelfde avond samen met Elvis Peeters, zanger van Aroma di Amore, in een uptempo BRUCE-versie gebracht hebben.

 

Welke ambities hebben jullie nog met BRUCE?

BRUCE: We willen het gewoon leuk hebben en hopelijk ergens in 2021 of 2022 nog eens in de studio staan. En vooral hopen we dat de schade door de coronamaatregelen in de muzieksector wat meevalt, zodat we met z’n allen weer kunnen optreden en de scene meer bloeit dan ooit tevoren. Als er toch iets op onze bucket list staat, dan misschien een paar concerten in Australië.