Buiten mag het zonnetje nog schijnen, binnen heerst het duister deze avond in de Pul. Een avond vol internationale black metal wacht ons in Uden.

Het is nog niet erg druk in de zaal als de eerste band, Lömsk de avond aftrapt. De band is ietwat mysterieus aangezien de namen en gezichten onbekend zijn. We weten wel dat ze uit het Zweedse Göteborg komen. Natuurlijk altijd een goede bron van metal. Je zou echter denken dat ze uit Polen komen, afgaande op de Mgła invloeden qua geluid. Gekleed in lange, zwarte jassen en gasmaskers is het oorlogsthema van de band vrij duidelijk. Ook in wat samples, zoals van een luchtalarm komt dit terug. De podiumpresentatie is vrij statisch. Zo’n beetje de enige beweging komt van de bassist/vocalist, die soms met de rug naar het publiek gaat staan. Het ingetogene lijkt een soort respect te zijn voor het gruwelijke thema van de muziek. Het zorgt er ook voor dat die de meeste aandacht krijgt, zodat je ten volle kunt genieten van de atmosferische, melodieuze riffs. Zonder woorden worden de nummers gespeeld, en als eindgroet staan de heren even, met instrumenten rustend op de grond voor ons stil. Het geeft een soort sfeer als bij een dodenherdenking, waarschijnlijk precies waar deze Zweden voor gingen.
Een stuk minder ingetogen is het Zwitserse Tyrmfar. Vocalist Jonas Babey doet met zijn krullen wat denken aan een Jochem Myjer die te lang in de sportschool heeft gezeten en is een energieke brulboei. Bassist Yannick lijkt zich in een hardcore band te wanen, getuigende de karatetrappen die hij tijdens zijn spel maakt. Muzikaal gezien klinkt de band vaak even zo death- als black metal. Niet op de laatste plaats door die strot van Jonas. Zijn nek zwelt op als die van Corpsegrinder Fisher als hij in de microfoon brult. Zowel grunts als screams zijn enorm hard. Soms werpt hij zijn lichaam naar achteren, of buigt hij helemaal naar voren. Alles komt werkelijk vanuit zijn diepste binnenste. Zonder meer is hij dan ook het meest opmerkelijke aan de band. Uiteindelijk waagt hij zich ook nog even van het podium en zingt tussen het publiek. Met deze agressieve aanpak hebben ze vast wat extra zieltjes gewonnen vanavond.
Het Italiaanse Patristic heeft een wat meer paganistische uitstraling. De death metal invloeden zorgen ervoor dat je niet ontkomt aan vergelijkingen met Behemoth. Ze hebben een sterke drummer aan boord, wat nog eens extra duidelijk wordt als regelmatig het geluid uitvalt, en die alleen nog maar te horen is. Iets wat overigens vocalist Jacopo dermate irriteert dat hij de geluidsman op een middelvinger trakteert. Met enkele stiltes en poses waarbij hij rituele handgebaren maakt tracht hij ook een zekere atmosfeer te creëren, die echter niet helemaal overkomt. Wat mij betreft de minst overtuigende band vanavond.
Dat Gorgoroth de onbetwistbare headliner is blijkt wel uit het feit dat het ineens een stuk drukker is voor in de zaal. Niet gek, want tenslotte hebben deze Noorse black metal pioniers 34 jaar de tijd gehad hun reputatie op te bouwen. Die ervarenheid blijkt ook uit de strakke set die wordt neergezet. Vocalist Hoest (ook bekend van Taake) is een indrukwekkende, vrij angstaanjagende verschijning op het podium met zijn gespierde armen, en met bloed doordrenkte kale kruin. Zijn delivery is agressief, hij beweegt de microfoonstandaard rond als een duivel met een drietand. Zijn stem is ook verdomd hard, en komt moeiteloos boven de mokerdrums uit.
Alles aan deze band straalt trve black metal uit, van de licht gruizige gitaarsound tot de overdosis aan spikes in de kleding. Compromisloos, energiek en fel worden de nummers er doorheen gejaagd. Alle periodes van hun 34-jarig bestaan komen aan bod, met songs als uit de prille beginjaren als Destroyer tot recenter werk als Kala Brahman en Blood Stains The Circle. Zonder meer weet deze band dan toch de andere bands van het podium te blazen en te bevestigen waarom deze band al meer dan drie decennia garant staat voor echte, Satanische extreme metal.