De aanloop naar Headbanger’s Balls Fest in het Belgische stadje Izegem was niet ideaal. Zoals bij zovele festivals en concerten werd de datum een paar keer opgeschoven en de namen op de affiche veranderd. Een pluim voor de organisatie dat ze toch enkele bijzonder fraaie internationale bands naar Izegem konden halen terwijl de omstandigheden nog steeds als uitdagend kunnen beschouwd worden. Ondanks dat kon de organisatie het bordje met ‘uitverkocht’ aan de deur hangen van cultuurhuis De Leest.

De eerste band van de dag was Cobra The Impaler, een nieuwe band met oudgedienden van Hæster, Aborted, Almighty Mighty, Von Detta, Majestic Sun en BEAR. En met sinds hun allereerste try-out in JH Asgaard met Ace Zec op drums, als opvolger van Gert Stals (Soul Grip, The Zygoma Disposal, Arson, …). Een album is er nog niet. Dat komt pas volgend jaar in februari uit op Listenable Records.

 

Muzikaal is Cobra The Impaler een mash-up van  verschillende genres: furieuze passages met agressieve gitaarduels wisselen met wat meer ingetogen atmosferische momenten en de groove is strak. Deze band werd al vergeleken met Mastodon, maar er kunnen wel meer referenties naar andere bands gemaakt worden. Cobra The Impaler bestormde De Leest met het mes tussen de tanden. De gitaristen zochten vaak de rand van het podium op. Veel variatie in de gedreven set met Tempest Rising als knappe afsluiter, met een gitarist die dan tussen het publiek staat en zanger Manuel die naar hem reikte vanuit de fotopit. Er was flink wat volk opgedaagd om kennis te maken met Cobra The Impaler, maar voor meer dan enthousiast applaus was het zo kort na de middag misschien nog wat vroeg.  Een fijne ontdekking en de vooruitzichten zijn goed.  Cobra The Impaler is een band die we zeker nog zullen tegenkomen op de Belgische podia.

Toxic Shock kwam met veel ambitie afgezakt van Antwerpen naar Izegem. Een crossoverband met een prestigieuze track record: split-albums met Amerikaanse bands als Reproach en Iron Reagan, Metallica-producer Flemming Rasmussen die hun jongste album opnam, erkenning in het buitenland, … De set startte veelbelovend met een introdeuntje van Ennio Morricone, maar de Sturm und Drang van Toxic Shock viel in Izegem evenwel op een koude steen.  De band speelde nochtans een sublieme set met een mix van agressieve thrash en bitsige hardcore en vooral zanger Wally ging als een bezetene te keer.  Al bij het tweede nummer droeg hij niet veel meer dan een shortje zodat het publiek een mooi zicht kreeg op zijn tattoos. Hij rende het hele podium af en sprong overal op en af waar hij maar kon. Zijn microkoord fungeerde als de ketting waar je een dolle hond mee in bedwang houdt. Telkens zijn vraag naar een moshpit genegeerd werd, werd Wally een stukje driester. Muzikaal putte Toxic Shock uit het jongste split-album met Reproach (SPOS, Inner Demons en City Of Love) en hun albums TwentyLastCentury (366ick Days, Godless, 1986, 2016 Mentality, ..) en Daily Demons (Mr. T, I Shot Joe Biden (lang voordat hij president werd) en On Thin Ice). Veel applaus en gejoel, maar niet de verwachte moshpit. Toxic Shock mag keihard terugslaan en overtuigen met een nieuw album.

Ook bij de metalcore van Signs Of Algorithm sloeg de vlam niet meteen in de pan, maar na een strakke set die met veel professionalisme en overgave gebracht werd, werd er uiteindelijk toch wat geduwd en getrokken voor het podium. De uitschieters op Headbanger’s Balls waren Harbinger en Shadows Remain. Deze band brengt niet gek veel studio-materiaal uit, maar touren doen ze dan weer wel, en veel. Ze speelden al een paar Europese tournees en stonden o.m. op Graspop en Metaldays. Als alles goed staat staan ze volgende zomer opnieuw in Slovenië op Metaldays en misschien wel met een nieuw album, want in Izegem kreeg het publiek enkele nieuwe nummers voorgeschoteld.  Signs Of Algorithm was bijzonder blij terug te kunnen spelen na de coronapauze en bevestigde in Izegem alles waarvoor ze bekend staan met een energieke en bevlogen set.

De laatsteBelgische band op Headbanger’s Balls was Psychonaut. Het gaat hard voor dit trio uit Mechelen. Vorig jaar dook de band voor het eerst op in de Zwaarste Lijst van Stubru en dit jaar mocht bassist Thomas Michiels de lijst al presenteren. Deze zomer stonden ze op Alcatraz. Deze postmetalband kan steevast op veel enthousiasme rekenen en dat was in Izegem niet anders. Het was hun derde show in drie dagen, na een concert in Nijmegen en een label-night van Pelagic Records in de Trix. Hun set was opgebouwd uit tracks uit hun recentste album Unfold The God Man: met Halls Of Amenti, The Story Of Your Enslavement, Nothing Is Consiousless, All I Saw As A Huge Monkey, Kabuddah en The Fall Of Consciousness. De hele zaal reageerde bijzonder enthousiast en de band stond dan ook met een glimlach van oor tot oor op het podium. Dat Psychonaut ook nog heel wat nieuwe zieltjes gewonnen heeft werd duidelijk aan de lange rij aan hun merch-stand na hun show.

Pestilence mocht aantreden als vaandeldrager van de Nederlandse deathmetal-scene met voorts bands als Gorefest, Asphyx, Sinister en Hail Of Bullets. Albums als Consuming Impulse en Testimony Of The Ancients hebben na zowat 30 jaar nog niets aan kracht moeten inboeten en ook het nieuwe album Exitivm is een pareltje. De set wisselde dan ook constant tussen die drie albums en de fans kregen zelfs Lost Souls te horen, een track die al lang niet meer in de live-set zat. Zanger-gitarist Patrick Mameli is de enige van de originele bezetting, maar de ‘jonkies’ in de band spelen met net zo veel vuur als de frontman. De Nederlandse band speelde al vaak in België (Graspop, Alcatraz, Antwerp Metal Fest, …) en stelde ook deze keer niet teleur. Hoewel de rijen voor het podium niet zo dik waren als bij de vorige band, ontstond er wel spontaan een enthousiaste mosh- en circlepit. Dan toch. Leuk terugzien met een goeie band en een leuke en interessante set, wat kan je nog meer wensen.

Het was alleen al aan het aantal Motörhead-shirts in Izegem duidelijk dat Phil Campbell And The Bastard Sons de absolute publiekslieveling van de dag zou worden. Campbell was decennialang de vaste gitarist bij Motörhead en na het overlijden van Lemmy trad de Brit uit de schaduw met zijn eigen band, met daarin drie van zijn zonen en zanger Neil Starr. Die laatste werd inmiddels ingeruild voor Andrew Hunt. Zijn stem klinkt niet als die van Lemmy en toch zorgt hij ervoor dat de Motörhead-klassiekers in de set heel vertrouwd klinken. En dat waren er nogal wat: Ace Of Spades, Rock Out, Born To Raise Hell, R.A.M.O.N.E.S, Killed By Death, Going To Brazil, .. Die werden aangevuld met Silver Machine van Hawkwind en Sharp Dressed Man, een ode aan ZZ Top’s Dusty Hill, die andere (pas) overleden legendarische bassist. Het eigen werk van Phil Campbell And The Bastard Sons, gebrouwen volgens het Motörhead-recept, werd luidkeels meegezongen: We’re The Bastards, These Old Boots, Dark Days, Get On Your Knees, … Andrew Hunt moest weinig moeite doen om het publiek in Izegem mee te krijgen: meezingen, meeklappen, de zanglijnen overnemen, een moshpit, … hij moest het niet eens vragen. Volgend jaar ziet België deze fijne band terug op Graspop.

 

Of het met de Brexit en de douane-perikelen te maken heeft is niet duidelijk, maar geen van de twee Britse bands in Izegem had shirts of muziek meegebracht. Fans die dachten na de show een leuke vinyl te scoren zonder post- of douanekosten, waren er aan voor de moeite.

Het was uitkijken of Orange Goblin als headliner nog beter kon doen dan het familiebedrijfje van de Campbells. De intro van de oranje dwerg was It’s A Long Way To The Top van AC/DC en dat geldt zeker voor Orange Goblin. Deze Britten waren in de jaren ’90 van vorige eeuw één van de grondleggers van de stonerscene. De band heeft een heel stabiele bezetting, maar sinds dit jaar is er Harry Armstrong (in Izegem voorgesteld als de nieuwe Cliff Burton) als nieuwe bassist. Zanger Ben Ward nam zijn tijd om het publiek en de organisatie te bedanken en legde uit waarom Orange Goblin ondanks alle corona-ellende zo vastberaden was om in Izegem te komen spelen. “België was het eerste ‘buitenland’ dat ons in de armen sloot en daar zijn we nog steeds dankbaar voor.”  Ook waren er woorden van lof voor Pestilence (“heroes of ours”) en Lemmy, aan wie ze The Devil’s Whip opdroegen.

Orange Goblin bracht op Headbanger’s Balls Fest een dwarsdoorsnede van het verzamelde werk, met uit elk full album minstens één track. Hoogtepunten waren o.m. The Filthy And The Few en The Fog (met in de intro de gitaar die klinkt als een misthoorn) en Blue Snow. Ben Ward heeft lak aan het klassieke gegeven van de bisronde. “Dat wij van het podium gaan en jullie dan laten schreeuwen voor meer, dat is enkel tijdverlies. Ik ga er gewoon van uit dat jullie meer willen.” En wat een toegift: behalve The Devil’s Whip kreeg België nog Quincy The Pigboy en Red Tide Rising.

Het geduld en doorzettingsvermogen van de ploeg achter Headbanger’s Balls Fest werd beloond met een uitverkochte zaal en een enthousiast publiek dat wat tijd nodig had om helemaal los te komen. Volgend jaar in mei is er alweer een nieuwe editie van dit fijne indoorfestival. We houden je op de hoogte van de bands die dan zullen aantreden.