Bij Joan Osborne gaan de gedachte direct uit naar dat ene liedje. Haar grootste hit. One Of Us galmde in 1995 wereldwijd over alle radio’s en stond (terecht) hoog in verschillende hitparades. Grootste kracht van dat nummer is de aanstekelijke eenvoud, maar ook de zwoele stem met dat mooie timbre van Joan. Daarna verdween Joan Osborne naar de achtergrond in een wereld vol met gospel, motown en pop. Ze bleef echter al die tijd netjes met platen uitkomen. Met Trouble And Strife laat Joan horen nog steeds die mooie zwoele stem te hebben, maar dat nergens dat ene liedje a la One Of Us te bekennen is. Trouble And Strife is wel een lekkere luisterplaat met over het algemeen positieve liedjes. Tekstueel heeft het echter regelmatig een zwaarliggend thema. Daar voelt Joan zich schijnbaar uitstekend bij. De plaat is geen eigenzinnige of unieke hoogvlieger, maar de sfeer op de plaat werkt. Lekker in het gehoor liggende rockpop nummers als Take It Any Way I Can Get It, Boy Dontcha Know wordt net zo makkelijk afgewisseld met funky soul zoals op What’s That You Say en Meat & Potatoes. Verder is er de pop met jaren tachtig keyboard van Never Get Tired (Of Loving You). Bij de bluesrock van protestsong Hand’s Off en het titelnummer beweegt het hoofd lichtjes mee op de gitaar riff. In die zin is Trouble And Strife best een gevarieerde plaat. Wel met slechts een doel. Lekker relaxed muziek maken die het best te omschrijven is als gemoedelijke luistermuziek.

Joan Osborne