Nighthawker is een jonge band uit Maastricht met twee dames en twee heren in de band. De zang wordt afgewisseld tussen Kiki en Steven en die tweestemmigheid helpt als je zelf referenties als Fleetwood Mac naar voren schuift, naast Led Zeppelin. Ze hebben zopas hun tweede EP uit: Escape The Hornets’ Nest (Side Two). Er is dus ook al een (Side One) uitgebracht, maar die is aan onze aandacht ontsnapt.z

Met Fleetwood Mac en Led Zeppelin mikt Nighthawker heel hoog, maar je kan als band maar beter genoeg ambitie hebben. Tussen die twee bands ligt bovendien nog een heel breed spectrum van genres en invloeden, zodat ze als band wel wat bewegingsruimte overhouden.  Deze EP telt slechts vier tracks. Die blijven mooi binnen dat aangegeven spectrum, maar kiezen toch elk een andere richting. Inferno, de eerste op deze EP, is swampy, southern bluesrock met misschien een klein beetje stoner naar het einde toe. Er komen geluiden langs die we kennen van Alabama Shakes, Lynyrd Skynyrd, ZZ Top en de Allman Brothers Band. Degelijk inzake songopbouw en uitvoering, maar nu ook niet dat je van je sokken geblazen wordt.

Sweet Sinner is een tweekoppig monster. Het eerste deel is lekker poppy, beetje Crowded House, terwijl het tweede deel, en dan vooral de laatste gitaarsolo, deze track in de richting van The Black Crowes duwt. Vooral het eerste deel kan weinig boeien. Het is een heel lange aanloop naar het goud op het einde van deze track. Misschien werkt Sweet Sinner beter als ze er gewoon twee tracks van maken.

The Runaway is dan weer catchy hardrock. Denk aan The Dirty Denims, Thundermother en The Runaways.  Vernieuwend is het niet, maar dat vraagt dit genre ook niet. Dit smaakt naar meer. Inzake productie zijn er wel een paar opmerkingen over deze EP: de stemmen zitten te ver naar achter in de geluidsmix, terwijl die toch de troeven zijn van deze band, en vooral de drums hadden wat meer tlc mogen hebben. Misschien missen deze opnames ook de strenge hand van een externe producer, die het allemaal wat compacter, meer geconcentreerd zou houden.

De laatste track, Wait, is een beetje de vreemde eend in de bijt. Deze begint als de licht onderkoelde indierock van talloze bands van 4AD in de jaren ’90 (Throwing Muses, This Mortal Coil, … Magnapop ook), om dan alsnog open te bloeien tot stomende blues-grunge. Wait is overigens een raak gekozen songtitel, want ook hier krijg je een lange aanloop en de ear candy helemaal op het einde, met een gitaarsolo die heel soms doet denken aan zowel Eric Clapton als The Edge.

Nighthawker is een prima band die al ongeveer weet waar ze willen uitkomen met hun muziek. De nieuwe Fleetwood Mac of Led Zeppelin zullen ze niet worden, maar dat hoeft ook niet. We moeten deze band de tijd gunnen om te groeien. Dat eerste volledige album, dat wordt vast een knaller.