Home » Motsus: wij halen energie uit het samen in het repetitiehok aan songs te zitten sleutelen

Motsus: wij halen energie uit het samen in het repetitiehok aan songs te zitten sleutelen

door Filip van der Linden
653 views 16 minuten leestijd

De Belgische instrumentale stonerrockband Motsus heeft sinds eind januari een nieuw album, het tweede nog maar in de nochtans al lange geschiedenis van deze band. Dat vonden wij een mooie aanleiding voor een interview met frontman Tom Maene. Omdat hij ook nog eens de baas is van Polderrecords, hebben we het daar uiteraard ook over.

Laten we beginnen bij het begin. Wat betekent de bandnaam Motsus?

Tom: Motsus is een neologisme – een woord gevormd uit een acroniem. Wat het precies betekent? Dat blijft een groot mysterie. Eigenlijk loopt er al sinds dag één van de band een open oproep: stuur je ideeën over de betekenis van de bandnaam door naar info@motsus.be We hebben ondertussen al een indrukwekkende lijst met suggesties verzameld!

Wat was in 2012 het plan om te beginnen met Motsus?

Tom: Na het zien van de film “Ex-Drummer“ en het optreden van de band Drums Are For Parades in de AB, sloeg bij mij de vonk over. Mijn twee vorige projecten waren plots stopgezet en ik had zin in iets nieuws. Na twaalf jaar basgitaar gespeeld te hebben, kocht ik een gitaar. Ik belde twee van mijn beste vrienden op en vroeg of ze zin hadden. Het plan was simpel: we wilden riffs stapelen en zo veel mogelijk shows spelen.

Welke bands waren toen de grote voorbeelden? En zijn die tot vandaag nog steeds de referentie? Tom: Bij de start waren dat vooral Drums Are For Parades, Raketkanon, Torche, Melvins, Shellac, Queens of the Stone Age en Kyuss. Door de jaren heen zijn daar ook Deftones, Black Sabbath en Russian Circles bij ingeslopen – niet geheel onverwacht. Ik denk dat je die invloeden ook wel kan horen in onze sound en songs.

Waarom is het nieuwe Motsus-album er nu gekomen, na een lange stilte (toch inzake opnames)?

Tom: Het is een cliché, maar de reden is corona. In 2018 brachten we met Motsus ons debuut uit, eerst enkel op CD, later ook op vinyl. Er stond een volledige tour klaar – tot corona alles platlegde. Toen we opnieuw konden repeteren, belandden de nieuwe riffs in de koelkast en focusten we ons terug op de liveshows. Pas in 2023 besloten we bewust een pauze in te lassen om die nieuwe nummers eindelijk eens af te werken. In december 2023 namen we vier nummers op in pre-productie. Pas een jaar later, december 2024, lukte het ons drieën om onze drukke privéagenda’s gelijk te trekken en de studio in te gaan. Mixing en mastering volgden in april 2025. Daarna pas zijn we beginnen nadenken over een release – al wisten we toen nog niet goed wat we ermee zouden doen. Het label was ondertussen druk bezig met de nieuwe plaat van Beaten By Hippies én had al een knaller klaar voor het najaar: de nieuwe Mantah. Pas toen we de kans kregen om de releaseshow in de 4AD te organiseren, zijn we naar die datum toe beginnen werken.

Was er voor Atlas een andere aanpak dan voor Oumuamua?

Tom: Zeker. Het schrijfproces verliep moeizamer. De helft van de nummers zijn geschreven tijdens corona, via video’s die we naar elkaar doorstuurden. Achteraf bleek dat niet de ideale manier van werken voor ons. Wij zijn een band die veel meer energie haalt uit het fysiek samen in het repetitiehok aan songs te sleutelen. Ook de sound was deze keer een prioriteit. We wilden alles opnemen op ons eigen materiaal, in een goed klinkende ruimte, om zo dicht mogelijk onze live-sound te benaderen. Vandaar de keuze voor Dunk!Studios, waar ik eerder Idealus Maximus en Fire Down Below had horen opnemen. De pre-productie konden we er zelf doen, en de mogelijkheid om er te overnachten in zo’n inspirerende omgeving is gewoon een meerwaarde. De uiteindelijke studioopnamen zelf waren in de goede handen van Jannes Van Rossom.

Jullie kozen Karl Daniel Lidén, drummer van Dozer als producer. Hoe ben je bij hem uitgekomen?

Tom: Ik was op zoek naar iemand voor de mixing en mastering en was volledig van mijn sokken geblazen door de productie (en sound) van An Empire van A Swarm of The Sun (uitgebracht in 2024 via Pelagic Records). Ik zocht uit wie de mixing gedaan had en kwam uit bij Karl Daniel Lidén. De puzzel viel helemaal samen toen ik las dat hij ook de drummer is bij zowel Dozer als Greenleaf. En de cirkel was rond toen ik hem vorig jaar live aan het werk zag als drummer van A Swarm of the Sun op het Dunk!Festival.

Jullie zijn het album gaan opnemen in de studio van Dunk!Records en zelf heb je een eigen label. Zijn die van dunk eerder collega’s, eerder concurrenten of beetje van beiden?

Tom: Als labelowner moet ik hier even van hoed wisselen. Dunk!Records zie ik als collega’s – er is maar een kleine overlap tussen de labels en we vullen elkaar vooral goed aan. Ik zit ook geregeld samen met hen en we delen onze kennis en ervaring. Dunk!Pressing is trouwens mijn leverancier van het eerste uur. We zijn zo een beetje samen groot geworden. De allereerste vinylrelease op Polderrecords, Stone of the Fifth Sun van Atomic Vulture, was de tweede persing ooit bij Dunk!Pressings. Sindsdien zijn alle vinylpersingen daar gebeurd en worden ze steevast vermeld op de hoezen. En de Dunk!Studios? Een uitstekende plek om je sound op te nemen zoals die écht klinkt!

Waarom Atlas als albumtitel?

Tom: Atlas komt van ‘3I/ATLAS’ – het derde bekende interstellaire object dat ooit door ons zonnestelsel is gepasseerd, na ‘1I/‘Oumuamua’ (2017) en ‘2I/Borisov’ (2019). Het werd op 1 juli 2025 ontdekt door het Atlas-telescoopnetwerk in Chili en is een komeet die afkomstig is uit de ruimte tussen de sterren. Zulke dingen boeien me gewoon enorm. Het maakt ons zo klein in een gigantische ruimte – en het is uiteraard ook een logische verderzetting van wat we in 2018 gestart waren met Oumaumua als eerste albumtitel.

Heel wat instrumentale bands werken aan de ‘inhoud’ van hun tracks. Hoe zit dat bij Motsus?

Tom: Het is eigenlijk hetzelfde denkproces als wanneer je lyrics zou schrijven. Voor die lyrics er zijn, denk je ook na over een thema of een gevoel. De riffs en de songs ontstaan ook altijd vanuit een gevoel, en via songtitels, beeldwerk of video’s probeer je daar een invulling aan te geven. Het leuke is dat dat voor iedereen anders kan zijn – bij instrumentale muziek is er nog meer ruimte om je eigen interpretatie te vormen. En soms komt die inhoud ook gewoon heel onverwacht en puur. De openingstrack van Atlas, Intro (El Toro de Fuego) bijvoorbeeld, is een kort akoestisch gitaarstukje, ingespeeld door mijn 12-jarige zoon. Geen grote conceptuele beslissing, gewoon een moment dat klopte en precies doet wat het voor mij ook moest doen: klein en kwetsbaar zijn, waarna de rest van de plaat als een goederentrein over je heen rijdt.

Waarom was er nog een Pt 2 nodig van Exploder? Komt er ook nog een Pt3?

Tom: Tijdens de opnames van Oumuamua was het al duidelijk dat dat verhaal nog niet helemaal verteld was. Vandaar ook meteen de naam Pt. 1, want een Pt. 2 was van bij het begin onvermijdelijk. Dat tweede deel kwam er trouwens heel snel na de opnames. Live spelen we nu een epische versie waarbij Pt. 1 naadloos overgaat in Pt. 2. Maar iets doet me vermoeden dat er ergens nog een Pt. 3 verscholen zit… Als kind van de jaren ’80 vond ik het fantastisch dat je verschillende Transformers tot één grote Super-Transformer kon samenvoegen. Ik heb zo’n vermoeden dat dit ook met Exploder kan gebeuren.

Waarom was het nu tijd voor de definitieve versie van Short Notice?

Tom: Short Notice is waarschijnlijk één van onze allereerste nummers en ook meteen onze kortste. We hebben het al elke keer als back-upnummer meegenomen naar de studio, voor het geval dat we nog tijd over hadden. Er bestaan ondertussen minstens al vier drumversies en een drietal basversies van. Maar de gitaar? Daar hadden we telkens net geen studiotijd meer voor. Tot nu. Het is altijd moeilijk inschatten hoeveel je kan opnemen op de beschikbare studietijd. Maar ik ben blij dat dit nummer eindelijk zijn definitieve versie heeft gekregen.

Sinds de release van Oumuamua was er nog het nummer Dopjesut op de PolderRiffs-verzamelaar. Waarom staat die niet op Atlas? Komt er nog een Polder Riffs 3?

Tom: Dopjesut was een unieke opname-ervaring – live ingespeeld, allemaal tegelijk, in de Shellshock Studios van Pieter Nyckees. We zijn daar heel tevreden over. Het paste perfect op PolderRiffs Volume I, een mooi initiatief van het label ter compensatie van de afgelaste Alcatraz-showcase in 2020. Voor ons voelt het nummer aan als ‘2I/Borisov’ – een nummer dat volledig op zichzelf staat en niet hoort bij Oumuamua of bij Atlas. Net zoals we ooit Lange Max uit Demo 2 enkel op een verzamelalbum (Doomsauce) uitgebracht hebben. Misschien moeten we eens polsen naar een album met al die losse nummers op…. Een volume 3 van PolderRiffs staat momenteel niet gepland, maar als de noodzaak er is, komt er zeker een vervolg. Persoonlijk heb ik dat altijd leuk gevonden, die verzamel-CD’s of platen waar verschillende bands op stonden.

Het artwork van de singles en van het album is sterk. Tom, waarom doe je dat niet vaker?

Tom: Eigenlijk heb ik dat al altijd gedaan, zowel voor Motsus als voor mijn andere bands, en af en toe voor bevriende bands. Van affiches, flyers tot logo’s en albumhoezen. Altijd wel in de stijl van de band zelf, waardoor het waarschijnlijk niet altijd duidelijk is dat het van mij komt. Misschien moet ik daar maar eens een overzicht van maken. Voor Motsus was het tot nu toe altijd een samenwerking met onze drummer Wouter Velle, want ook hij is enorm creatief en had telkens een sterke inbreng in de vorige artworks. We staan er ook altijd op om die samen in elkaar te knutselen. Het juiste karton zoeken, verschillende verftechnieken uitproberen, zeefdrukken, sealen in zakjes. (Shout out to Printbaar in Lichtervelde). Het kost veel tijd, maar we voelen dat we het zelf moeten doen. Het is een essentieel onderdeel van wat we de wereld in willen sturen.

Voor Atlas was het ietsje anders. Ik had van bij het begin een heel duidelijke visuele visie in mijn hoofd – ook al kon ik die op voorhand moeilijk onder woorden brengen. Ik had gewoon de drang en de nood om opnieuw zelf te tekenen. Dan heb ik mijn schetsboek en potlood bovengehaald, en eigenlijk kwam het artwork vanzelf. Ik ben enorm dankbaar voor het vertrouwen van de andere bandleden om mij daarin te laten gaan. Na het ontwerp zijn ze ook gewoon komen helpen om die ook opnieuw te zeefdrukken en samen te stellen, zodat het opnieuw een groepsgebeuren werd.

Wat zijn jullie eigen favoriete tracks op Atlas?

Tom: Misschien wat makkelijk, maar ik kies ze allemaal. En dat is geen diplomatisch antwoord – het is de reden waarom elk nummer op onze live setlist staat. We spelen ze stuk voor stuk, de akoestische intro uiteraard uitgezonderd. Als ik echt maar één zou mogen kiezen dan is dat nu Duna, maar vraag het mij morgen opnieuw en het kan een van de andere 4 nummers zijn.

Wouter Velle: Voor mij is dat Exploder pt2. Dat is   bijna 10 minuten, je krijgt dus het meeste Motsus voor je geld, haha. Als drummer een heel fijn nummer om te spelen, een avontuur dat mij meeneemt naar verschillende plekken in het Motsus-universum.

Wouter Verhelst: Voor mij is het Driver. Dat is een op en top Motsus-nummer met alle daarbij horende hoekjes en kantjes. Lange nummers zijn bij ons geen uitzondering, maar dit nummer specifiek zet je van begin tot einde op de rollercoaster. Bij de release werd trouwens een unieke intro in elkaar geflanst met zowaar origineel opgenomen repetitiemateriaal.

De band is in al die jaren niet veranderd. Zijn jullie behalve bandmaten ook gewoon goeie vrienden? Tom: Absoluut – en eigenlijk begon het daar allemaal mee. We hebben elkaar leren kennen in het JOC ’t Scharnier, ons gemeenschappelijk jeugdhuis in Oudenburg, waar we samen achter de toog stonden en shows organiseerden. De band was dus eigenlijk al een logisch gevolg van een vriendschap die daar was gegroeid. En het mooiste detail? We repeteren daar nog steeds. Hetzelfde jeugdhuis, dezelfde vrienden – gewoon met wat meer versterkers 😉 Ik denk dat je dat trouwens ook hoort in onze muziek, je stapelt geen riffs op gevoel en vertrouwen als dat er niet écht is.

Motsus zien we vooral optreden in Vlaanderen. Komen er geen aanvragen/kansen vanuit het buitenland?

Tom: We speelden al shows in Frankrijk en de interesse vanuit het buitenland is er zeker. Atlas krijgt intussen ook mooie reviews van over de hele wereld, dus de weg naar het buitenland is alvast geplaveid. Maar we zijn niet het type band dat koste wat het kost een buitenlandse affiche wil afvinken. Een tour blijft een droom, maar dan wel eentje die we op onze eigen manier willen realiseren – en de fase waar we ons alle drie nu in bevinden, met werk en gezin, maakt dat nu eenmaal niet eenvoudig. En laten we eerlijk zijn: met Oudenburg als uitvalsbasis rij je al snel vier uur voor je ook maar net de Nederlandse of Duitse grens voorbij komt.

Ik vermoed dat het (voorlopige) hoogtepunt uit de carrière van Motsus de passage op Alcatraz in 2022 was. Wat zijn de andere hoogtepunten geweest voor jullie als band?

Tom: Alcatraz was zeker een hoogtepunt, maar misschien niet de boost om aan een nieuw album te beginnen. Daar waren we op dat moment eigenlijk al mee gestart. Wat Alcatraz wél deed, was ons het besef geven dat er ook ruimte én publiek bestaat voor onze sferische, donkere muziek op een groter podium. We kijken dan ook enorm uit naar onze passage komende zomer op het Plectrumfestival in Ichtegem (B). Andere hoogtepunten zijn er genoeg – de twee shows in de 4AD, de Zwerver, de Grote Post en festivals zoals Doomsauce, Kioskrock en de Gentse Feesten…. Maar vooral de zelf georganiseerde jeugdhuistours samen met Idealus Maximus waren voor ons als band zeer waardevol.

Van Motsus kregen Demo 1 en Demo 2 nog geen vinyl-release. Zit dat er nog in? Of gaan jullie die tracks recycleren op volgende releases?

Tom: We hebben geen plannen om tracks te recycleren, al is er nog altijd één ouder nummer dat we graag eens opgenomen zouden hebben – één die zelfs niet op die demo’s staat! Maar misschien is het een idee om al die losse nummers en demo’s samen op vinyl te zetten? Wie weet voor ons 15-jarige bestaan

Moeten we nu opnieuw 8 jaar wachten op een volgend Motsus-album?

Tom: Ik hoop echt van niet. We hebben intussen al twee nieuwe nummers zo goed als klaar. Als er daar nog een paar bijkomen, kunnen we hopelijk eind volgend jaar al opnieuw de studio in. De ambitie is er zeker, maar zoals bij onze muziek: soms gaat het razendsnel, en soms tergend traag

Polderrecords is ontstaan in het jaar dat Oumuamua werd uitgebracht. Is het label een beetje uit de hand gelopen?

Tom: Officieel bestaat Polderrecords pas sinds 2018, maar informeel eigenlijk al sinds 2002 – met de eerste (onofficiële) release van mijn eigen band Lickety-Split. Daarna volgden nog een dozijn releases, meestal op CDR, van eigen bands, maar telkens al met de naam ‘Polderrecords’ ergens vermeld. In 2017 begon het ernst te worden: ik zat regelmatig samen met bevriende bands en voelde de nood aan ondersteuning – ondersteuning die ik kon bieden dankzij mijn eigen ervaring. De eerste officiële release was de debuut-EP van Stonemule in 2018, maar wel met catalogusnummer PR014. De demo’s van Motsus hebben dus nog oudere nummers! En ja – het label is ondertussen zeker een beetje uit de hand gelopen. Dat verklaart trouwens ook voor een groot deel waarom de nieuwe Motsus-plaat zo lang op zich heeft laten wachten. Er kwamen telkens mooie kansen tussenin. Maar nu was het echt tijd om de ruimte te geven aan Motsus.

Is het voor Motsus interessant dat de labelbaas in de band zit of hou je je band en je business strikt gescheiden?

Tom: Dat is eigenlijk een goede vraag voor de andere bandleden. Wat ik wel kan zeggen is dat ik altijd vertrek vanuit een artiestenperspectief. Ik ben in de eerste plaats muzikant en beeldend artiest, en pas daarna labelowner. Maar ik durf wel eens van hoed te wisselen als we over de businesskant praten. Als het over merchandise of vinyl gaat, zet ik mijn labelhoed op en begin ik te onderhandelen met de andere bandleden, haha. Het voordeel is dat zij ook mijn meest kritische artiesten zijn. Ze gaan echt geen enkele vraag uit de weg. Mijn visie is om zo transparant mogelijk te zijn, en ik ben heel blij dat die vragen gesteld worden.

Gnome en een paar andere bands op het label veroveren de wereld. Kan je dan als relatief klein label uit het kleine Vlaanderen nog volgen?

Tom: Ja hoor, het was met momenten dubbele shifts draaien, dat klopt. Maar door op tijd nee te zeggen tegen andere projecten lukt het mij behoorlijk goed om ook de grotere bands te blijven ondersteunen. Een groter label heeft misschien meer middelen, maar ook véél meer bands om de aandacht over te verdelen. Ik focus hard op een paar projecten per jaar en kan daardoor optimaal ondersteunen. En het blijft een kleine wereld hoor. Voor de grotere artiesten werk ik gewoon samen met andere (grotere) labels. We zijn allemaal indie labels en ondersteunen elkaar. Dat startte met samenwerking met Consouling Records (BE) en Jackalope Music (DE) maar intussen ook al grotere zoals Napalm Records, Ripple Music en Fuzzorama Records. Door de aanhoudende verzendproblemen naar de VS, heb ik momenteel zelfs een distributiedeal met Ripple Music, die gaat helpen om de nieuwe Cowboys & Aliens plaat in Amerika te verdelen.

Stel dat een groter of bekender label als een Napalm Records of Ripple Music met een aantrekkelijke deal komen voor het volgende album van Motsus, kan daar dan binnen de band over gepraat worden?

Tom: Uiteraard is dat bespreekbaar! Het zal wellicht een licentiedeal worden via Polderrecords dan, maar zeker. Napalm Records is misschien niet het meest voor de hand liggende huis voor MOtsus, maar er zijn zeker labels buiten België waar we goed zouden passen. Een samenwerking met verschillende labels voor verschillende grondgebieden lijkt me sowieso ook de moeite waard om te bekijken, en daar staan zowel de band als het label volledig voor open.

Bedankt voor dit uitgebreide interview.

Kijk ook eens naar