Je kent het wel. Dat album dat steeds weer in je playlist verschijnt. Een plaat die herinneringen oproept. Een klassieker die bekend of onbekend is voor het grote publiek. Rockportaal gaat de komende periode regelmatig een recensie van een classic album plaatsen. Deze keer een van de klassiekers van David Bowie

De keuze is reuze. Die zin zingt door mijn hoofd wanneer ik een keuze probeer te maken bij een van de klassiekers die David Bowie heeft voortgebracht. Het begint eigenlijk al bij zijn tweede album. Oorspronkelijk heet deze David Bowie, maar dat wordt omgedoopt in Space Oddity (1969). Ook bekend als single. Dat de jaren zeventig zijn meest vruchtbare zijn blijkt wel uit alle klassiekers die volgen. Denk aan The Man Who Sold The World (1970), Hunky Dory (1971), het persoonlijke Aladin Sane (1973), Diamond Dogs (1974), de flirt met disco tijdens Young Americans (1975), die andere ultieme plaat Station To Station (1976) of de Berlijnse trilogie: Low, Heroes (beide uit 1977) en Lodger (1979). De start van de jaren tachtig was met Scary Monsters (and Super Creeps) nog veelbelovend. Daarna dwaalde David Bowie een beetje af, maar daarmee haalde hij wel de grootste commerciële successen. In de jaren negentig keerde de eigenzinnigheid en het fijne gevoel weer terug. Tot net voor zijn dood bleef hij zoeken naar vernieuwing en andere stromingen die zijn muziek beter maakten. Dat hij daarnaast creatief en actief was op andere terreinen (acteren, theater) mag ook bekend zijn.

De keuze is dus moeilijk, maar waarom toch (weer) de Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars? Dat heeft meerdere redenen. David Bowie ontwikkelde zich tijdens dit album tot de grootse rockster die hij later zou worden. De muziek is geëvolueerd tot een mix tussen (glam)rock, pop en artistiek theater. De live shows werden een evenement in plaats van alleen maar muziek spelen. David Bowie in de rol van androgyne Ziggy Stardust. Natuurlijk staat de plaat vol met hits en prima nummers. Denk alleen al aan Five Years, Starman, Ziggy Stardust en Suffragette City. Deze plaat en periode is echter ook bekend om de tragedie achter de plaat. Vooral de relatie tussen David Bowie en Mick Ronson (gitaar en piano) is opvallend. De laatste heeft veel bijgedragen aan de arrangementen en de muziek, maar heeft daar nooit echt de credits voor gekregen. Het uiteenvallen van de band is misschien wel een van de pijnlijkste gebeurtenissen in de popmuziek. David Bowie hief de band op tijdens hun laatste optreden in Londen, maar daar wisten bassist Trevor Bolder en drummer Mick Woodmansey niks vanaf. Ook zij hoorden het pas tijdens de show zelf. Mick Ronson bleek het vooraf wel gehoord te hebben, maar zijn solidariteit richting Bowie was ongekend. Zelfs in de periode na de pijnlijke split. Juist daarom en met dank aan een prima, maar schrijnende documentaire Beside David Bowie: The Mick Ronson Story over Mick Ronson (zie trailer hieronder) is The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars het klassieke album van David Bowie. De plaat voorspelde eigenlijk de opgang en neergang van The Spiders From Mars. Het tekende echter ook de opwaartse gang die David Bowie zelf (verder) inzette. Los van die tragiek blijft het elf nummers lang genieten, maar de achtergrond maakt het extra speciaal.

David Bowie

Beside David Bowie: The Mick Ronson Story trailer: