‘Muziek uit de kelder’, zo noemt Novastar-geestesvader Joost Zweegers zijn solo-tour. Uitgeklede versies van overbekende nummers, verstopt achter het schaarse licht van lampen zoals je die in een kelder mag verwachten.

chantal acda - foto patrick - 001Voordat de Belgische Nederlander (of Nederlandse Belg, zo u wilt) aantreedt mag eerst Chantal Acda enkele liedjes spelen. Net zoals het hoofdprogramma heeft ze binding met zowel Nederland als België: ze is geboren in Eindhoven en woont inmiddels al weer vijftien jaar bij onze zuiderburen. Het is singer-songwriter-muziek waarbij je de herfstbladeren bijna kunt zien vallen. Haar liedjes zijn sober, vaak somber en melancholisch, maar de verborgen romantiek is de zaal ook niet ontgaan als de handen van stelletjes elkaar opzoeken.

Na de pauze maakt Novastar zijn opwachting, met een in eerste instantie nerveus ogende Zweegers die bijna kruipend het podium op schiet, een gitaar pakt, en zich achter zijn muzikant-zijn verstopt. De eerste twee nummers zegt hij helemaal niets. De interactie met het publiek komt, wellicht ook door de formele setting van het muziekgebouw, in eerste instantie maar moeizaam op gang (“Ik voel me net een professor in deze zaal”). Zeker voor iemand die in Eindhoven gewoond heeft voelde het niet direct een thuiswedstrijd.

novastar - foto patrick - 008Het is zijn virtuositeit, en de kracht van zijn muziek, ook in uitgeklede vorm, die het publiek desalniettemin vanaf de eerste noten geboeid houden. Van de naam van openingsnummer The Best Is Yet To Come blijkt dan ook geen woord gelogen. De nummers van Novastar hebben de tanden des tijds met verve overleefd en zijn nog steeds pareltjes voor het gehoor. Bekende gitaarlijnen worden door een mondharmonica overgenomen of verdwijnen volledig, als de piano alleen al genoeg blijkt te zijn.

Naast Novastar krijgen we ook steeds meer Joost Zweegers te zien en te horen. Hij vertelt over zijn leven als straatmuzikant, en dat hij zijn grootste hit Wrong in Eindhoven schreef. “Die schreef ik op Heistraat 46, zo stoned als een aap. Jullie krijgen nu de straatmuzikant-versie te horen.” Hij vertelt hoe hij Never Back Down een beetje beu was was, maar dat de oude Wulitzer die hij in zijn kelder vond er een nieuw elan aan gaf. Ook Millersan, niet vaak live uitgevoerd, krijgt een bijzonder warm geluid van het oude keyboard.

De man die de tweede helft van het optreden ineens op het podium staat kan op steeds luider applaus rekenen. Hij praat meer, hij grapt hier en daar, en bovenal trekt hij de jas van muzikant en troubadour aan alsof die voor hem gemaakt is. Met name in de toegift, met het wonderschone Caramia en verzoeknummer Sundance, eet het publiek uit de handen van Zweegers. Hij toont zich een ware vakman, die zijn nummers ook in een intieme uitvoering nog steeds tot diamanten weet te vormen. In Wrong verwoordde hij het zelf nog eigenlijk het beste: “You need less to become more”.