Afscheid nemen doet pijn. Altijd. Maar het is ook een punt waar je een nog onontdekte toekomst in de ogen kijkt met spanning en nieuwsgierigheid. Tijdens het interview in juli 2019 met zanger Johannes Eckerström werd al duidelijk dat het nieuwe, en achtste , album van Avatar anders zou worden dan de voorganger Avatar Country. De eerste single Silence In The Age Of Apes liet al doorschemeren dat Avatar een andere weg was ingeslagen waar de (deathmetal) roots van de band naar voren kwamen.

Toch draagt ook Silence In The Age Of Apes nadrukkelijk de zeer herkenbare en vertrouwde stempel van deze Zweden. Het gitaarspel van Jonas Jarlsby (ex-King) en Tim Öhrström biedt deze basis die aardig opgestuwd wordt door de ritmesectie van Henrik Sandelin en John Alfredsson. Het is echter wel een stuk krachtiger dan de voorganger en daar is niets mis mee. Zeker niet met het veelzijdige stemgeluid van zanger Johannes Eckerström die naar mijn mening momenteel live tot de beste voormannen van de muziekwereld gerekend mag worden en samen met de rest van de band een show neerzet die in de buurt komt van Slipknot, Rammstein of KISS.

Voor Colossus gaat het tempo wat neer beneden en geven elektronische elementen in de start een soort futuristisch beeld. De ultrazware en stroperige riff biedt een krachtig karakter en de coupletten zijn mysterieus en bieden een spanningsveld dat met de heldere zang van Johannes in de refreinen wat lucht geeft. Het gescandeerde Colossus raakt je in de onderbuik met een loodzware doch prettige prikkeling.

A Secret Door lijkt met een fluitmelodie (door Corey Taylor) in het intro daarmee een contrast met wat we al gehoord hebben. Wel een melodie die meteen blijft hangen. Het tempo ligt hier ook niet hoog en bij aanvang is de luchtige zang van Johannes een gebaar naar een meer mainstreamgeluid. Dan is er een versnelling die daarvan weer afwijkt in de refreinen. Ook hier blijkt dat Avatar gerekend mag worden tot de riffmeesters van deze generatie voordat het gas weer wordt terug genomen en het, wat Red Hot Chili Peppers-achtige, couplet weer wordt ingezet. Maar waar RHCP blijft hangen in de kabbelmodus weet Avatar energie te creëren met de versnellingen.

Technology en vooral de angst en het gevaar ervan voor onze maatschappij komt muzikaal terug in God Of Sick Dreams. In alles kan deze compositie gezien worden als een logische stap in de levensloop van Avatar. Het is een compositie die gebouwd is op het concept van de succesvolle composities uit de discografie van de band met strakke riffs, opzwepend drumwerk en een zangmelodie die iedere grens van de stem verkent. Dat gaat verder in Scream Until You Wake. Bijna industrieel vertrekt de band als een perpetuum mobile riffend en beukend uit de startblokken. Een start die verrassend veel op het intro van Silence In The Age Of Apes lijkt. Die basis blijft gedurende de compositie zwaar intact terwijl er flink wordt gesoleerd en grunts en clean vocals het tempo volgend van meer melodie voorziet.

Met Child gaat het Zweedse collectief krachtig en zwaar van start, maar wordt het geheel door de zang van Johannes even van een luchtig karakter voorzien. Daartussendoor gaat de band echter in alle passie en kracht mooi los. Het refrein is aanstekelijk en werkt geregeld naar een heerlijke bombastische climax. Het karakteristieke karakter van Avatar komt hier mooi tot zijn recht en er wordt gaandeweg goed gestoeid met de opbouw van spanning.

In Justice is het drummer John en bassist Henrik die de basis bieden voor een krachtige basis. Tim en Jonas spelen ondertussen haasje-over met hun gitaarspel terwijl Johannes zoals vaker met zijn frivole stemgeluid het geheel aan elkaar smeedt. Maar ook hier laat hij het niet na om zijn diepere ik naar de oppervlakte te laten komen om het geheel wat meer cachet te geven. Ondertussen wordt er binnen de basismelodie nog even flink gesoleerd.

We zijn van Avatar gewend dat er minstens één compositie geheel buiten ieder verwachtingspatroon valt. Meestal is dit aan het eind van het album, maar op Hunter Gatherer komt dat al naar voren in Gun. Piano en zang geven je een inkijkje in dit ‘verborgen’ creatieve proces. Met When All But Force Has Failed komt de deathmetalsfeer als een duvel uit een doosje. Het tempo ligt hoog en de bijna staccatozanglijn volgt het drumvenijn als een schaduw. Dit is even schakelen naar een neurologische hogere versnelling om het geheel bij te kunnen houden. De kick komt daarna zeker.

De afsluiter Wormwole ligt ergens ook buiten de meer gangbare kant van Avatar. Hier wordt weer danig geëxperimenteerd met ultrasnelle en stroperige ritmes en een verzengend gitaargeluid. Johannes lijkt zangtechnisch zijn mond te gorgelen met lava hoewel hij zeker weer laat horen dat hij 1-2-3 kan overschakelen naar bloedzuivere melodieën. Wormhole is daarmee verrassend en verrijkend. Heerlijk als afsluiter van Hunter Gatherer.

Op Hunter Gatherer gaat Avatar de diepte in en zoeken ze de elementen van de duisternis van de huidige maatschappij en gaan ze voorbij aan de utopia van Avatar Country. Van begin tot einde is het zeker een karakteristiek Avatar-album geworden, hoewel liefhebbers van het laatste werk wel even achter hun oren zouden kunnen krabben. Avatar zou Avatar echter niet zijn, wanneer ze een voorspelbaar geluid zouden laten horen. Met Feathers & Flesh lieten ze al horen dat ze buiten de lijntjes kleuren. Avatar is veelzijdig maar spreekt met hun melodieën ook op Hunter Gatherer tot de verbeelding en ik heb het in 2014 al voorspelt dat deze Zweden de nieuwe headliners van deze generatie (en die daarvoor) zijn. Alleen een pandemie staat hen momenteel in de weg om de wereld te gaan veroveren.