Twee jaar na het album Ghost Mile komt het Australische Voyager met het nieuwe album Colours In The Sun. En, eindelijk, hebben ze een deal kunnen sluiten met het label Season Of Mist. Het moest er ook wel eens van komen, want Voyager weet ook met dit zevende album weer een fraai product af te leveren waarin zij progressieve rock weten in te kleden met een wat populair geluid. Ondertussen is dit kenmerk van de band zijn vruchten gaan afwerpen want de band speelt geregeld met succes in Europa (voor een steeds groter publiek).

Het album telt tien nieuwe composities waarvan Brightstar al bekend zou kunnen zijn door middel van de bijbehorende video. Met Brightstar weet je ook waar Voyager de kracht vandaan haalt. Het zijn juist deze composities die het populaire geluid met het progrockgeluid weten te vermengen en dan ook nog met een flinke knipoog naar de elektronische elementen uit de jaren tachtig. Het geheel swingt gewoon en een heerlijk refrein met daar doorheen pittige prog-elementen laten het geluid nog lang natrillen in je gehoorgang. Het inmiddels kenmerkende zanggeluid van Danny Estrin past uitstekend en is helder en duidelijk aanwezig. Composities die in het verlengde liggen van Brightstar zijn Colours en Runaway. Ik ontkom er bij Colours niet aan dat Danny qua stemgeluid dicht bij Morton Harket (A-ha) blijft liggen. Het keyboard zet de toon in Colours dat daarna in een lekker opzwepend ritme verder uitgebouwd wordt. Colours is extreem dansbaar (wat misschien in progrockkringen niet gangbaar is). Het couplet werkt heel goed naar het refrein en het is vooral het eindstuk in Colours dat sterke prog-elementen in zich heeft. In Runaway is het keyboardgeluid ook prominent aanwezig. De zang is in meerdere lagen neergezet en steeds moet ik denken aan Together In Electric Dreams van Giorgio Moroder en Phil Oakey.

In Severomance en Saccharine Dream zijn de onregelmatigheden vanuit de progressieve kant meer aanwezig en word je qua ritme meer uitgedaagd. In Reconnected krijgt het meer tegendraadse ritme meer aandacht en ruimte en ligt Reconnected eveneens meer in de prog- dan in de pophoek. Binnen het basisgeluid is de zangmelodie mooi geïntegreerd in het geheel.

Qua zang is Entropy, mede door de bijdrage van Einar Solberg van Leprous, steviger van aard. Het zorgt er voor dat er een pittig scherp randje aan de compositie is toegevoegd. Herhaling is hier de kracht van de compositie. Water Over The Bridge verenigt het populaire en het progressieve op een andere manier. Aanvankelijk rustig neergezet ontwikkelt de compositie zich naar een stevig proggeluid waarbij de naam van Devin Townsend zelfs bij mij om de hoek komt kijken. De basis blijft daarentegen heel toegankelijk.

Colours In The Sun is een mooi album in de beste traditie van deze Aussies. Ten opzichte van de vorige albums is het geluid heel herkenbaar en zorgt het populaire proggeluid ervoor dat ook dit album prettig wegluistert en doet Voyager op dit nieuwe album waar het goed in is.