De weergoden zijn ons goed gezind, de temperatuur is aangenaam toeven, er staat al bier klaar, er staan 200 vrijwilligers paraat op alle vlakken en de lineup met drie headliners is kei goed. Devin Townsend Project, Testament EN Gojira!! Zeker als je kijkt naar de toegangsprijs is het niet gek dat het festival al drie jaar op rij compleet is uitverkocht. Wat natuurlijk ook helpt is de rijke historie van Dynamo als organisatie, inclusief natuurlijk het grote Dynamo Open Air van vroegah. De kunstijsbaan in Eindhoven zal weer het toneel zijn van Dynamo Metalfest, wat nu al weer voor de derde keer hier georganiseerd wordt en het belooft weer een mooi dagje te worden.

De dag wordt geopend door White Boy Wasted uit Eindhoven. Deze jonge band heeft de plek en de eer gekregen om het festival te openen door hun energieke optreden en pakkende, agressieve speedrock. De band begint lekker stevig met een fors tempo speedrock en heeft het over natte baarden, de gevolgen van bier en uiteraard de liefde en speelt zelfs een cover van Herman Brood, die ook op hun single te vinden is. De single is overigens ook netjes op vinyl uitgebracht! Het publiek vindt het in ieder geval lekker, de band zelf ook. De set wordt ietsje trager naar mate hij vordert, maar zeker niet slechter. Ze komen van de metal factory in Eindhoven en op het logo is dan ook met trots te lezen: Bottled in Eindhoven!!! Een lekkere opener van het festival is een feit.

Voor dat de tweede band Vuur begint, stroomt het veld ineens vol. Er stond een flinke rij bij de ingang, maar deze heeft ineens vaart gekregen, er zijn een hoop geïnteresseerden in deze band, met goed recht. Er staat een enorm goede zangeres op het podium, die samen met de band die ze hebben samengesteld een kwalitatief enorm goed concert neer zetten. De eigen muziek is bombastische stevige metal, met hier en daar een pauze. Men wisselt lekker af tussen de stem van Anneke en het uitstekende gitaarsolo werk van Jord. De band kan het natuurlijk ook niet laten om wat werk van The Gathering te spelen, zowel On Most Surfaces als Strange Machines worden met verve gespeeld. Na deze laatste blijkt het echter gedaan te zijn met de pret en helaas vertrekt de band van het podium.

Al gauw gaat het door met het snoeiharde Toxik. De band is al een behoorlijk oud gediende, een echte klassieker. Wat wel vaker wordt beweerd is toch wel waar, de echte thrash metal komt toch uit de jaren tachtig. Ook bij deze band is dat niet anders, de grote album successen stammen uit 1987 en 1989! Vandaag komt de band wat langzaam op gang qua zang. Over de metal zelf niks dan goeds, lekker hard en bedoeld voor het vormen van een flinke pit. Nu lukt dit laatste nog niet echt, maar haar vliegt er al wel flink rond. Charlie Sabin, die tegenwoordig de vocals doet is niet helemaal zuiver af en toe, maar dit mag de pret niet drukken. Het ene na het andere snoeiharde nummer komt uit de speakers geknald. Echt geknald, want het geluid staat hard, misschien een beetje te hard! Charlie neemt tussendoor af en toe even de tijd om zijn dank uit te spreken voor het feit dat ze dit mogen doen en gaan daarna wel weer op volle kracht door. Als het publiek nu nog niet wakker is geworden, dan gaat dat vandaag niet meer gebeuren.

Dat het publiek toch wel wakker aan het worden is blijkt wel tijdens Prong, want onder het genot van nummers als Ultimate Authority, I Beg to Differ en zelfs nieuw materiaal in de vorm van Divide and Conquer blijkt dat er toch eindelijk wat gepit en gemoshed wordt. Ook de eerste crowdsurfers worden waargenomen en het is vooraan een lekker feestje. De band is veelzijdig want ze combineren een aantal stijlen; ze hebben wat thrash, wat industrial en gewoon lekkere recht toe recht aan metal in een jasje gegoten. Technisch doen ze het uitstekend en de drummer is een genot om te zien. Die krijgt zelfs tijdens Pick up the Broken Pieces zijn drumstokjes aangegooid vanaf de zijkant van het podium. Deze vangt hij tijdens het spelen op en gaat gewoon door, er is niks van te merken! Dat de band het goed doet bij het publiek blijkt ook wel uit het aantal vuisten wat omhoog gaat als daar om gevraagd wordt voor Whose Fist is This Anyway. Een top band. Niet te ingewikkeld maar wel verrekte goed. Wat ook helpt: het geluid is intussen ook wat beter geworden, of de afstelling is beter, of het staat gewoon minder hard.

Entombed A.D. is dan weer een ander uiterste, alles is zwart. De backdrop is zwart, de kleding is zwart, de brulstem van L-G is zwart. De combinatie van death en thrash metal zorgt voor veel rond zwiepend haar. Als de band dan wat echte trash nummers inzet is het ook wel echt thrash. Wat een tempo! Het publiek zet dan ook met liefde de pit in gang. Met nummers als Revel in Flesh lukt dat ook uitstekend. De stem van L-G blijft enorm hard, daarnaast lijkt de set wel steeds harder en sneller te worden. De gitaarsolo’s zijn bijpassend hard en snel en het publiek gaat aardig uit zijn dak. Ook Second to None is zo’n fantastisch nummer. Wat minder snel, maar headbangen gaat hier uitstekend op. Het publiek geniet met volle teugen en het stuk veld vooraan het podium raakt dan ook niet meer leeg.

Al we het dan toch over thrash metal hebben mag Exodus natuurlijk niet ontbreken. Als er iemand op het lijstje van grondleggers van het genre thrash metal mag staan dan zijn deze heren het wel. De band waar Kirk Hammett vandaan is gekomen kan nog steeds met de groten der aarde mee. Meneer Souza is weer terug op het oude nest en kan het publiek als vanouds opzwepen tot een kolkende massa. De set bestaat uit een groot aantal klassiekers uit het rijke verleden van de band. Het publiek vindt het in ieder geval helemaal top, dit is wel duidelijk aan de enorme hoeveelheid response die er is, maar ook uit het vele crowdsurfen, de lekkere pit in het midden en niet te vergeten de wall of death! Children of a Worthless God is er zo’n lekker voorbeeld van, maar zoals het hoort bij thrash zijn er nog veel meer nummers, de meeste zijn namelijk redelijk kort van stof. War is my Shepherd wordt opgedragen aan Lemmy, die kijkt van boven op dit festival mee. Toxic Waltz ontbreekt uiteraard ook niet, maar met Strike of the Beast is het mosh en crowdsurf festijn weer heel even over. Als afsluiter worden er nog twee meiden vanaf de eerste rij geplukt die nog even mee mogen komen gitaarspelen op het podium. Een welverdiend applaus is dan zeker wel op zijn plek en dat krijgen ze dan ook.

Wat we nu krijgen is namelijk Devin Townsend Project. Devin, de front man, is een enorm charismatische kerel, die een vreselijk leuke interactie heeft met het publiek. Zijn zangstem is al prachtig en krachtig, maar de screams mogen er ook zijn. Er wordt een hoop emotie in verwerkt en dit is te zien en te horen. De set zelf is zeer bombastisch, er komt echt een muur van geluid op je af. De songs laten je niet meer los. Je kunt er heerlijk loom op headbangen, of compleet wegdromen. Een enorm rare combinatie, maar het lukt hem wel om dit heel goed neer te zetten. Nummers als Deadhead zijn al gaaf, maar als bij Supercrush Anneke van Giersbergen, liefkozend Annie genoemd, komt meezingen is het zo mogelijk nog sterker. Anneke werkt al veel langer met hem samen, ze doen dan ook een fors aantal nummers van de set met z’n tweeën. Wat Devin een Canadees liefdesnummer noemt, namelijk Kingdom, is ook weer zo’n pracht voorbeeld van deze samenwerking. Devin heeft overigens ook een behoorlijk gevoel voor humor en fantasie, die hij uitstekend weet over te brengen. Na Grace, wat ook weer zo’n bombastisch krachtstuk is, kondigt Devin aan dat ze nog maar één nummer kunnen spelen. Met Higher komt er een einde aan de set, die voorbij gevlogen is. Ook hier komt Anneke weer even helpen en komt er helaas een einde aan dit bijna buitenaards goede optreden.

Als het tijd is voor Testament komt er een geruime tijd helemaal niets. De band lijkt behoorlijke technische problemen te hebben en komt pas ruim een half uur nadat ze eigenlijk gepland stonden te beginnen het podium op. Het lijkt er toch wel op alsof de heren hun dag niet hebben, de signing sessie werd ook al afgezegd. Chuck maakt wel excuses voor het te laat zijn en laat er niet te veel tijd overheen gaan om te beginnen. Ze kunnen gelukkig leunen op jaren ervaring, het klinkt dan ook wel gelijk goed, alhoewel er nog heel even wat rare issues zijn met de zo bekende microfoon van Chuck, af en toe is hij totaal niet te horen. Dit duurt gelukkig niet lang, want veel tijd hebben ze niet meer over. Ze vinden toch nog de tijd om een aantal nummers te spelen, waaronder Practice What You Preach, het alles zeggende Into the Pit en The New Order. De heren lijken er toch wel plezier in te hebben, maar de set is dusdanig kort dat als het publiek net lekker opgewarmd is, het al weer tijd is om af te zwaaien. Jammer van de korte set, dit had toch echt wel langer verdiend.

Vlak voordat de band opkomt gaan alle lichten op het terrein uit. Het is tijd voor de show van Gojira! De lichtshow, inclusief de verlichte drum kit, komt hierdoor veel beter uit de verf. De CO2 kanonnen doen het ook goed, het geheel komt door de combinatie met de muziek erg imposant over. De sfeer is nu dankzij de lichtshow ineens anders dan voorheen. Waar je bij de voorgaande artiesten nog lekker om je heen stond te kijken en te kletsen wordt je nu bijna naar het podium gezogen. De heren zetten hun hoog niveau technische death metal op standje nucleair, gebruiken pyro en co2 kanonnen vooraan het podium en hebben de stroboscoop verlichting perfect getimed met de enorm harde riffs. Het explodeert werkelijk van het podium. Wat oudere nummers als Flying Whales en Oroborus, maar ook nummers van het nieuwe album Magma, zoals The Shooting Star en The Cell passeren de revue. Ook een persoonlijke favoriet komt langs, het briljante L’Enfant Sauvage van het gelijknamige album maakt deel uit van de set. Na dit nummer geeft drummer Mario even een zeer dikke drumsolo weg. Een tijdje later in de set wisselt hij ook even van plek met Joe, de zanger van de band. Hij blijkt een enorm dikke grunt te beheersen en jammed er even lekker op los. De toegift die de band doet bestaat uit Vacuity en Pray. De set komt met een klap tot zijn einde, namelijk een klap vuurwerk, waarmee ook de dag tot een spectaculair einde komt.

Het festival wordt afgesloten met een dankwoord en een mooi applaus van het publiek richting alle vrijwilligers en een flink aantal mensen begeven zich naar de bar voor een laatste pilsje. Op het festival is het mogelijk om aan het einde je drankbonnen weer terug in te leveren, wat wel erg netjes is, echter zijn de twee kassa’s niet opgewassen tegen de enorme rij die zich vanaf half elf al vormt. Er worden uit nood nog twee kassa’s bij open gedaan, maar wellicht is dit een puntje wat meegenomen kan worden ter verbetering. Voor de rest is alles pico bello in orde op het festival, dit jaar is ook de zijtribune voor het publiek toegankelijk, hier wordt gedurende de dag dan ook zeer veel gebruik van gemaakt. De lineup was op z’n zachts gezegd erg goed, er zat geen slecht moment in de set en alles op en om het terrein voegde allemaal toe aan een enorm vet metal feest. De eerste band voor DMF 18 is al weer bekend: Annihilator!! Wij zeggen houdoe, bedankt en tot de volgende!