Je kent het wel. Dat album dat steeds weer in je playlist verschijnt. Een plaat die herinneringen oproept. Een klassieker die bekend of onbekend is voor het grote publiek. Rockportaal gaat de komende periode regelmatig een recensie van een classic album plaatsen. Deze keer de band die speedmetal introduceerde, maar daarna al snel zelf een inventiever pad koos.

Het is vaak lastig kiezen bij een band welke plaat nu echt de klassieker is. Ook bij Metallica zijn er argumenten om andere releases te noemen. Denk bijvoorbeeld aan debuut Kill ‘em All (1983). Deze plaat introduceerde de term speedmetal. De tweede plaat Ride The Lightning (1984) doet technisch en wat betreft insteek eigenlijk niet onder voor Master Of Puppets. Zelf heb ik enorm goede herinneringen aan deze plaat. Zeker na het imposante optreden van de band in Paradiso tijdens deze tour (december 1984). Toch kom ikzelf altijd weer terug bij Master Of Puppets als beste plaat van Metallica. Dit heeft meerdere redenen.

 

Dit is natuurlijk de plaat die het einde markeert van een tijdperk. Bassist Cliff Burton overlijdt door een busongeluk tijdens de tour in Scandinavië op 27 september 1986. Zijn eigenzinnige basspel geeft Metallica dat ongekende geluid. Bovendien is de beste man een belangrijke pion in het schrijven en arrangeren van nummers. Master Of Puppets is door dit voorval een ode en imposant afscheid geworden van Cliff Burton.

 

Daarnaast is vanaf opener Battery duidelijk dat deze plaat ongekende paden bewandeld. Het dreigende intro wordt opgevolgd door de speedmetal, met stevige breaks, die we inmiddels van Metallica gewend zijn. Het titelnummer klinkt net zo dreigend als het onderwerp waar het over gaat. Drugsverslaving is een bitch zoals de band (vooral James Hetfield) maar al te goed weet. Wat vooral opvalt is dat de band beter dan ooit de afwisseling in de nummers weet te gebruiken. Van zacht naar hard en van hard naar zacht. Het logge, maar imposante The Thing That Should Not Be laat horen dat de band zonder snel tempo ook weet te imponeren. Met Welcome Home (Sanitarium) zorgt Metallica, met zanger James Hetfield voorop, dat frustratie en dreigend geweld een geluid krijgen. Disposable Heroes, met dat heerlijke meezing refrein ‘Back To The Front’, keert terug naar speedmetal. Het nummer kent zoveel lagen en tempowisselingen dat het toch weer anders klinkt dan anders. Valse predikanten inspireren Leper Messiah tot een log, maar melodieuze aanklacht. Heftig, zwaar aangezet en met weer zo’n heerlijk meeschreeuw refrein. Het instrumentale Orion is een reis op zich. De opbouw en overgangen zijn geweldig gedaan. Tot slot geeft de band met Damage Inc. dat Metallica harder, ruiger en smeriger kan klinken dan ooit tevoren. Master Of Puppets is zo’n plaat waar alles aan klopt. Het instrumentale deel, de productie, de vaak furieuze stem van James, het lekkere gitaargeluid, die bas van Cliff en bovenal acht nummers die geweldig in elkaar steken.

 

Het kost de band wat moeite over de dood van Cliff Burton heen te komen. Muzikaal gezien is …And Justice For All een soort tussenstap. Ondanks het succes van het nummer One. Vooral te danken aan de niet zo indrukwekkende productie en het overwegend slechte drumgeluid. De Black Album kan wel weer in het rijtje met klassiekers. Het is de definitieve doorbraak bij een veel breder publiek zonder dat de band al teveel concessies doet aan het eigen geluid. Daarna wordt het voor mij echter teveel van hetzelfde en te weinig van dat imposante geluid van de eerste drie albums. Ik haak na het kopen van Load dan ook definitief af.

Metallica