Het New Yorkse Jolly is een band die, samen met onder andere Haken en Leprous, gerekend mag worden tot de nieuwe stroming progressieve rock- versus metal bands. Het kwartet timmert al geruime tijd aan de weg, maar kwam op die weg ook de nodige voetangels en klemmen tegen. Maar ook blijde gebeurtenissen. De titel van dit vierde album en het eerste na The Audio Guide to Happiness Pt 2 uit 2013 duidt daarop.

Een van de voetangels op de weg was orkaan Sandy. Deze orkaan verwoestte eind 2012 het huis en de oefenstudio van drummer Louis Abramson. Inclusief een groot deel van de apparatuur van de band. Een klem was hun toenmalige platenlabel InsideOut Music. Op dat label werden deel 1 en 2 uitgebracht van The Audio Guide To Happiness. Mooi natuurlijk zo’n platendeal, maar InsideOut Music verwachtte als ‘tegenprestatie’ het nodige van Jolly, zoals touren. Veel touren. En dat was nu net wat de band een ongemakkelijk gevoel gaf. Bovendien kwam dat niet goed uit in de privé levens van een aantal bandleden. Het contract met het Duitse label werd opgezegd en Jolly koos haar eigen onafhankelijke en beter geplaveide weg.

Diegenen die langer bekend zijn met de muziek van Jolly zullen zich met dit album niet laten verrassen. Ook op Family (een hint naar de pas gestichte gezinnen van twee bandleden), klinkt Jolly anders dan anderen. Noem het alternatieve rock. Noem het melodieuze pop. Noem het progressieve metal. Noem het filmmuziek. Feit is dat Jolly al deze stijlen binnen een compositie weet te persen. En in zekere zin zijn er ook overeenkomsten met het eerder genoemde Haken en Leprous. Een flinke dosis galm maakt dat de muziek van Jolly vol en overweldigend klinkt. Waar dit bij menig andere band een zooitje oplevert, weet Jolly dit te vertalen in een goed klinkende sound.

Het openingsnummer Lie To Me etaleert gelijk de kracht van de Amerikanen. Het soms zware en brute geluid waar het mee begint, wordt afgewisseld met rustige passages, meestal vergezeld door een aantal smaakvolle toetsen partijen. De refreinen zijn aanstekelijk en bevatten mooie vocale melodieën. Het aansluitende en stuwende Lazarus (Space Masala) zet de lijn met pakkende refreinen voort. Voor het eerst laat frontman Anadale muzikaal van zich horen met een fraaie gitaarsolo.

Een van de hoogtepunten op het album is Ava. Een intro met een aanstekelijke melodie op toetsen door Joe Reilly en een net zo aanstekelijk refrein zorgen ervoor dat dit nummer lang beklijft. Het album zit hier in een zeer sterke fase. Het korte Who Will Remember (When You Forget) is als het ware de aanzet naar het ruim tien minuten klokkende Let Go. Dit nummer gaat alle kanten op en herbergt een afwisseling van stijlen. Het begint met een eenvoudig maar aangenaam couplet dat overgaat in een fraai georkestreerd piano en akoestische gitaar sectie. Jolly laat zich vervolgens van haar meest heavy kant horen in een passage met Anadale’s zware gitaarriffs en dubbele bassdrum van Louis Abramson. De subtiele geluiden die je hoort zijn niet alleen briljant, maar ook functioneel omdat het lange nummer daarmee fier overeind en aantrekkelijk blijft.

Circuit Heaven opent met een robotstem, waarna zich een technisch en modern klinkend semi-elektronisch nummer ontvouwt wat mij absoluut niet weet te raken. Family sluit in stijl af met With Me. Een rustig begin met een prachtige melodielijn gaat geleidelijk over in een krachtig door gitaar gedomineerd stuk.

Naast de hier besproken versie van het album is er een gelimiteerde versie met een extra cd. Daar staan vijf nummers op waaronder alternatieve versies van Let Go en Ava.

Na zes jaar afwezigheid klopt Jolly met het schitterende Family weer nadrukkelijk op de deur. Ten tijde van publicatie van deze recensie zit een korte Europese tour, met twee optredens in Nederland, er net op. Inmiddels is Jolly veilig teruggekeerd bij hun families…..