Na het uitbrengen van het album The Sorceress heeft zanger/componist Mikael Åkerfeldt besloten om eens even rust te nemen en zich te richten op het schrijven van nieuw werk, zonder druk van boven- of onderaf of van opzij. Dat was bij The Sorceress toch anders, waarbij hij zich toch liet leiden door wat anderen wilden. Uiteindelijk is In Cauda Venenum een album van Opeth. Een album dat het verdient om beluisterd te worden. Niet als achtergrond, maar als instrument, als muzikaal schilderij dat je in je opneemt en waar je over na gaat denken.

Dat moet ook wel, want In Cauda Venenum is niet een standaard album geworden, hoewel een groot aantal fans zeker de muziek op het nieuwe album kan waarderen. En dan is het de vraag of je de Zweedse of de Engelse versie aanschaft. Voor Mikael is de Zweedse versie de basis van het geluid op het nieuwe album. Het is het meest natuurlijk voor hem, maar hij heeft dan voor het grote publiek ook een Engelse versie gemaakt. Toch is het uniek voor Opeth om vanuit de moerstaal een album op het publiek af te vuren.

Opener Livet’s Trädgård (Garden Of Earthly Delights) opent verrassend met koorzang en een pulserend keyboardgeluid, dat overgaat in een enkele pianoklank en een sample met kinderstemmen waarmee Svekets Prins (Dignity) wordt ingezet. Hier gaat Opeth echt van start met een repeterend progspel met een heerlijke gitaarsolo. De luisteraar wordt in het, niet zo heel complexe, progspel getrakteerd op een akoestische setting waarin het loepzuivere stemgeluid van Mikael tot de verbeelding spreekt. Daarnaast ontpoppen stevige stukken zich als paddestoelen in een herfstbos. Een goede melodie verschuilt zich in complexe docht toegankelijke stukken.

Die verschuiving van stevige progstukken naar een meer akoestische setting past Opeth niet alleen in Svekets Prins in. Hjärtat Vet Vad Handen Gör (Heart In Hand) kent eenzelfde principe. Ook hier die verschuiving in een setting die heel Opethiaans te noemen is. Fans van de band kunnen hier hun hart ophalen. Het ademt kracht, is licht onregelmatig en zeker wisselend van karakter. Daarbij is het keyboardgeluid lekker prominent aanwezig alhier. Dit is genieten van een opzwepende progsetting. De melodie klinkt daarbij vertrouwd, misschien wel bekend en dat heb ik ook wanneer ik Ingen Sanning Är Allas (Universal Truth) hoor. De zang van Mikael is wat retro te noemen en doet denken aan de muziek van The Beatles. Het geheel is in een rustige setting neergezet, maar zwelt regelmatig aan. Het gebruik van akoestische gitaar, maar ook van strijkers is ook hier aanwezig. Vooral het inzetten van de strijkers is datgene wat Mikael niet eerder zo prominent heeft verwerkt in zijn composities.

Je wordt met De Närmast Sörjande(Next Of Kin) weer lekker rustig alle kanten op geslingerd. Het complete muziekspectrum wordt verkend in deze compositie. Van trage en zware gitaarpartijen naar akoestische oases weet Opeth uiterst smaakvolle melodieën te integreren in het progressieve geluid op In Cauda Venenum.

Tot nog toe blijkt het album (weer) een verkenningstocht te zijn in het muzikale brein van Mikael. Een tocht die je niet een-twee-drie in de vingers heb, maar gaandeweg meer begaanbaar wordt  waar het prettig toeven is.

Eén van de hoogtepunten is zeker Charlatan . Dit is ritmisch gezien progrock pur sang en het keyboardspel zet je zenuwen op topspanning. Daar doorheen weet Mikael met zijn kenmerkende stemgeluid de compositie meer diepte te geven en is het een compositie waarvan je de neiging hebt om hem op repeat te zetten. De sample aan het eind en de Gregoriaanse koorzang laten horen dat Mikael zijn grenzen heeft verlegd. In ieder geval verlegd hij de grenzen van zijn luisteraars.

Dan zijn er helaas ook een aantal composities die minder tot de verbeelding spreken en dat heb ik eigenlijk niet eerder mee gemaakt bij een album van Opeth. Minnets Yta (Lovelorn Crime) heeft voor mij weinig diepgang en het lijkt me dat zeker drummer Martin Axenrot niet heel warm wordt van de partij die hier voor hem weggelegd is. Het kabbelt wat voort en inspireert niet optimaal. Dat het muzikaal mooi is , een dijk van een gitaarsolo heeft en dat Mikael laat horen dat hij over een loepzuiver stemgeluid beschikt, zorgt er toch niet voor dat Minnets Yta echt blijft hangen.

Banemannen (The Garroter) is een andere compositie die óf heel erg moet gaan wennen óf vanuit de basis teveel afwijkt. Een Spaanse gitaar opent de compositie en wordt daarbij aangevuld met een paar pianoklanken totdat een drumslag de boel wakker schudt en in een uiterst jazzysfeertje wordt vervolgd. Hier is de zang van Mikael wat lijzig neergezet, maar over de hele linie ben ik niet gecharmeerd.

Kontinuerlig Drift (Continuum) heeft daarna gelukkig weer alle succesvolle elementen in zich waarmee Opeth zich zo kenmerkt. Met het slotstuk Allting Tar Slut (All Things Will Pass) heeft Mikael gekozen voor een bijna new-age intro. Het geluid bouwt zich langzaam op en hoewel het ritmisch wat voortkabbelt is het geluid er omheen meer pakkend en raakt het meer de progziel. Het licht oosterse accent fascineert en in ruim 8 minuten krijg je het hele Opeth even voor je kiezen.

In Cauda Venenum is een nieuw hoofdstuk in het Opeth oeuvre. Verrassend, toch vertrouwd heeft Mikael een album neergezet vanuit zijn eigen muzikale perspectief. Dat is moedig, zeker wanneer je de Zweedse versie beluistert. Progliefhebbers zullen In Cauda Venenum zeker in hun harten kunnen sluiten, hoewel het album, zoals altijd bij Opeth, zich iedere keer weer in laagjes laat ontdekken.