Afgelopen zomer kwam het tot een breuk in de Queensrÿche-gelederen. Er werd (en wordt) flink met modder gegooid en dit resulteert in het feit dat Geoff Tate solo gaat en de overige leden met Rising West het gedachtengoed van Queensrÿche willen blijven uitdragen. In zo’n geval betekent het ook altijd dat mensen partij gaan kiezen. Zo vinden we bijvoorbeeld gitarist Kelly Gray en (achtergrond)zanger Jason Ames als muzikant op deze nieuwe cd. Personen die ook aan de laatste Queensryche-cd’s meewerkten. Als Queenryche-fan van het eerste uur beluister ik de lp’s en cd’s van de band ook nog altijd heel graag, maar kernachtig in het geheel is toch wel de stem van de charismatische zanglegende Geoff Tate. Ik heb mijn keus gemaakt en beluister de tweede solocd van hem vol van verwachting. Ik had wel een paar keer nodig om de nummers goed te doorgronden en op waarde te schatten. In tegenstelling tot de eerste solocd van Geoff Tate, die vrij ingetogen klinkt, zijn de nummers op Kings & Thieves kleine, herkenbare pareltjes waarin complexiteit niet erg aanwezig is. Het grooved echter heel goed en menigmaal komt toch een vlaag van herkenning van het Queensrychegeluid. De muziek past helemaal bij Geoff Tate en ik zie hem met mijn ogen dicht al grooven op het podium, zoals ik van hem gewend ben.

Openingsnummer She Slipped Away wordt aangekondigd als een vervolg op het nummer Drive van de cd Dedicated to Chaos. She Slipped Away klinkt weg als een lekkere rocksong, maar ik zie zelf zo gauw geen overeenkomsten met het eerder genoemde Drive. Take A Bullet vervolgt de muziekreis en dit nummer kent eveneens een heerlijke groove en een aanstekelijk refrein. Dit kunstje komt ook naar voren in het nummer In The Dirt. De zang van Geoff balanceert tussen zang en gesproken woord en wederom is het refrein aanstekelijk. Via Say U Luv It (een manier van schrijven die ook op Dedicated al naar voren kwam) komen we bij The Way I Roll. De kracht wordt wat opgevoerd. Het tempo is wat hoger, piano en saxofoon doen hun intrede en de ritmesectie is strak en pompend. Met Tomorrow komt het geluid van Queensryche wel heel dichtbij. Langzaam maar met een uiterst krachtige, doch breekbare atmosfeer en de boodschap “Tomorrow starts today”. Het kenmerkende Tategeluid komt zeker in Evil weer naar boven. Qua zang is het puur genieten. Weer terug naar een meer poppygeluid waarin de politiek er flink van langs krijgt in Dark Money. Ook These Glory Days is gevuld met een moraal. We kunnen niet alles veranderen in de wereld, maar kunnen ons bewust zijn van onze rol in die wereld. En dat in een makkelijk in het gehoor liggend deuntje. Change is de vreemde eend in de bijt. Episch, waarin piano en orkest het geheel opluisteren en samen met de zang het nummer dragen. Waiting is de afsluiter. Klinkt wat afwijkend van het geluid van de andere nummers. Meer een beetje rhythm’and blues met ruime aandacht voor gitaar en saxofoon en samenzang.

Geoff Tate heeft aan mijn verwachtingen voldaan. Het klinkt helemaal naar Geoff Tate zelf, met een vleug Queenryche. Elementen uit American Soldier en zelfs Operation Mindcrime spelen op de achtergrond mee, maar over het algemeen staan er op Kings & Thieves gewoon goede rocknummers. Met als belangrijk aspect natuurlijk het stemgeluid van meneer Tate zelf. Uiterst tevreden leun ik achterover.