Anderhalf jaar na het album Tellurian laat het collectief Soen gelukkig alweer van zich horen. Het geluid op het nieuwe album Lykaia ligt sterk in het verlengde van de eerste twee albums. Nog altijd wordt de luisteraar getrakteerd op progressief klinkende composities die over het algemeen goed te volgen zijn. Binnen dat progressieve karakter weet Soen echter hoogstaande melodieën precair af te wisselen met melancholie, waarin Opeth en Anathema elkaar treffen.

Opal is kenmerkend voor deze elementen. Hoewel de compositie in eerste instantie vrij toegankelijk wegluistert ‘sluipt’ de melancholische kant er gaandeweg prachtig in. Een muzikale vorm van ‘ritsen’ waarbij het als voorbeeld zou mogen en kunnen dienen op een willekeurige snelweg. De melancholiek wordt zeker gevormd door het stemgeluid van Joel Ekelöf die zich enerzijds mooi staande houdt in het progressieve geweld en anderzijds juist de aandacht naar zich toetrekt en zodoende de sfeer bepaalt. In opener Sectarian is zijn stemgeluid sterk leidend. In afsluiter God’s Acre is het opvallend hoe hij binnen zijn karakteristieke vermogen zich eveneens staande houdt in de ‘powerstukken’ van de compositie. De compositie wordt in aanvankelijk gedomineerd door een opgetrokken gitaarmuur waar Marcus Jidell verantwoordelijk voor is. Hij overrompeld je werkelijk met een vloedgolf aan gitaargeluid. Daarbij wordt hij bijgestaan door een sterk en inspirerend drumritme waarbij Martin Lopez trefzeker laat horen waartoe hij in staat is. Een rol die hij eveneens in Sister opeist. Sister is daarmee een mooie dwarsdoorsnede van het totale geluid van Soen. Want ook hier wordt gewerkt naar melancholische stukken en bouwt de compositie zich mooi op om in de refreinen sterk te differentieren in kracht. Bassist Stefan Stenberg mag zich binnen de meer complexe compositie Orison op de voorgrond spelen en laat een sterk geluid horen. De compositie is binnen zijn complexiteit wel goed te volgen en heel even moest ik denken aan het nummer Everywhere I Go van The Call, maar de melodie schoot toch zijn eigen richting op.

Gitarist Marcus Jidell kan de eerder genoemde melancholie ook bewerkstelligen met diverse gitaarsolo’s die een beetje Gilmour aandoen, maar uiterst goed passen in het geluid van de band. In Paragon hoor je hier een voorbeeld van, maar ook in Lucidity sleept de gitaarsolo zich al mediterend voort. Een bijzondere compositie dat goed omschreven zou kunnen worden als een progressieve versie van een Crosby, Stills & Nashnummer.

Een klein uitstapje past goed op het album. In Jinn zijn het de oosterse invloeden die opvallen, terwijl in Stray goed duidelijk wordt waar drummer Martin Lopez uiteindelijk begonnen is. De complexiteit in melodie, zang en muziek en het spelen met kracht zou zomaar bij een band als Opeth vandaan kunnen komen. En dan vooral een Opeth van jaren geleden.

Na Cognitive en Tellurian is Lykaia een prachtig nieuw album dat de Zweedse heren van Soen loslaten op de menigte. Een uur lang is het genieten van de negen composities die afwisselend opgezet zijn, maar toch een grote gemene deler hebben in het totale geluid.