De organisatoren van het Headbanger’s Balls Fest in Izegem kunnen terugkijken op opnieuw een geslaagde editie. Het indoorfestival strandde op een zucht van het bordje uitverkocht, maar dat kon de pret niet drukken. Geen enkele band stelde teleur en in de zaal zag je niets dan blije gezichten.

 

Headbanger’s Balls Fest is niet alleen één van de grootste indoormetalfestivals in Vlaanderen, het heeft ook de beste reputatie, zowel bij de bands als bij het publiek. Over elk aspect wordt nagedacht en de beste optie gekozen. Ook over de affiche wordt lang gewikt en gewogen, want meer nog dan andere metalfestivals ga je naar Izegem voor de bands en misschien net iets minder ‘voor de sfeer’. Zo kwamen ze bij HBF deze keer uit bij vier Belgische topbands en drie uitstekende internationale toppers.

 

Al vroeg in de namiddag mocht Carneia aan de bak. Deze postmetalband bracht zopas het uitstekende album Voices Of The Void uit en liever dan met een eigen releaseshow, wat toch altijd een beetje preken voor eigen kerk is, stellen ze dat album voor op twee festivals. De eerste show was aan de vooravond van Headbanger’s Balls Fest, maar dat kon je niet merken aan Carneia. Wel hadden hun fans moeite om op dat uur reeds de weg naar Izegem te vinden. De grote zaal van De Leest was nog maar halfvol toen zanger Jan Caudron  het podium opstapte. Hem kan je kennen van het intussen veel ‘grotere’ King Hiss. Of het nieuwe album van Carneia hetzelfde effect kan hebben als Mastosaurus voor King Hiss, dat is koffiedik kijken. Het geluid van beide bands is naar elkaar toegegroeid, omdat de nieuwe drummer van Carneia de nummers nog iets meer naar sludge en stoner stuwt dan naar de postmetal van de eerste opnames. Tool en Baroness zijn de beste referenties voor de set die Carneia op Headbanger’s Balls Fest bracht.

Carneia begint met Lay Down uit hun debuut White Coma Light uit 2008.  Daarna volgt een trio uit het nieuwe album met The Making Of The Universe, Black Coffee en het knappe Blood en Candy. Even verderop zit ook nog het nieuwe Alter Ego in de set, tussen de Carneia-klassiekers Red Lights Are For Redheads (blijft een heerlijke songtitel) en het venijnige White Collar. Een mooie dwarsdoorsnede uit het verzamelde werk van de band en ze gingen er ook volledig voor, maar in het publiek was nog niet iedereen wakker.

 

De death/thrashband Chalice timmert al 21 jaar aan de weg en stond in De Leest voor de honderdste keer op het podium. Dat werd gevierd met een nieuw nummer in de set, dat ze intussen ook al aan het opnemen zijn. De band heeft het blijkbaar wat gehad met de lange periodes tussen het opnemen van albums en wil het eerder eens proberen met singles en video’s. Het nieuwe nummer Why lijkt daarvoor ideaal. Daarnaast ging natuurlijk alle aandacht naar het vorig jaar uitgebrachte Ashes Of Hope, met puike versies van Amongst The Damned, Cult Of Serpents en Eternal Sleep. Chalice verkeert in bloedvorm en voor de band voelde het een beetje als thuiskomen op dat grote podium in Izegem. Musings On The Bank, hun track met de meeste blackmetalinvloeden, droeg zanger Pieter op aan Moonspell. Naar goede traditie werd de set afgesloten met het intense A Death Without Warning. Op aangeven van drummer Niels begon het publiek het ritme van de intro onmiddellijk mee te klappen. Ook eerder al gingen de vuisten vaak in de lucht en de hoofdjes op en neer. Het was dan nog steeds vroeg in de namiddag, maar Chalice kreeg het publiek wel wakker. Binnenkort speelt Chalice nog eens in Breda als een nieuwe halte om Nederland te veroveren.

 

Komah hield het publiek nog wat langer bij de les met zijn furieuze metalcore. Deze Waalse band leek op papier een beetje een gok van de organisatie, want echt populair lijkt Komah niet in Vlaanderen. Maar zet ze samen op de affiche met hun Franse metalcore-collega’s van Dagoba en dan heb je meteen een ander verhaal. Die van Komah zijn ook geen nieuwkomers. Ze speelden zopas nog op de Eindhoven Metal Meeting en vooral, twee bandleden van Komah zitten in de liveband van Pro-Pain. In Izegem had Komah vooral aandacht voor hun jongste album Flashing Nightmare (2015), met in een eerste salvo Bullets Replaced Words, Walking Ghosts en Flashing Nightmare. Daarna volgde ouder werk met o.m. A Humbling Experience, The King Of Raptors en Not Alone, om in de finale terug te keren naar Flashing Nightmare met Buried en Earthquake.  Mooie set, maar nu mag dat nieuwe werk toch stilaan beginnen komen. Het publiek deed aardig mee, maar stond eerder vanop een afstandje te genieten, wat uiteraard niet de bedoeling is bij metalcore. De mosh/circle-pit was daardoor eerder bescheiden, maar een feestje was het wel.

 

Ostrogoth mocht het vaderlandse (Belgische) luik afsluiten. Deze band draait reeds mee sinds 1980 en brengt hardrock en heavymetal in een oldschool-jasje. Op nieuw werk zitten de fans en andere metalheads al lang niet meer te wachten, maar een wandeling doorheen de klassiekers is altijd leuk. En dus kreeg het publiek op Headbanger’s Balls Fest alle hits van deze band, met o.m. Paris By Night, Too Hot, Love In The Streets, Stormbringer, Night Queen, Ecstasy & Danger en Full Moon’s Eyes. Dit moet zowat de derde of vierde bezetting van Ostrogoth zijn, met drummer Grizzly als enige oer-lid en zanger Josey als oudgediende. Atticus Myst is een dankbare nieuwkomer in de band, zowel muzikaal als naar attitude op het podium, want dat is toch wat telt voor een band als Ostrogoth. Op het einde van de set maakt Josey zich wat druk om de te korte speeltijd, maar als de band niet elk nummer zelf stillegt of oprekt, was er geen probleem geweest. Voor een band met 39 jaar op de teller mogen we al eens streng zijn.

 

De Franse metalcoreband Dagoba is heel populair in België, maar dan toch vooral  in het zuiden. Er waren een paar technische problemen voor de start van de show, maar eens deze horde op dreef is, moet alles wijken. In metalcore draait alles rond energie en die heeft Dagoba in overvloed. Net als bij Komah blijft het publiek de kat wat uit de boom kijken. Ze zijn best onder de indruk, maar de obligate circlepit is heel bescheiden. Voor een wall of death waren ze in Izegem dan weer wel te verleiden en daarop volgt dan toch een behoorlijke moshpit. De set wordt afgetrapt met I, Reptile en meteen daarna volgen knallers als Abyssal, Black Smokers en Inner Sun. Dagoba raast als een dolle trein, maar kijkt al eens verder dan de diehardfans in de pit. De gitarist spot een wel heel jonge fan in  het publiek, haalt die via de security op het podium en laat die jongedame een eind loos gaan. Heeft ze meteen iets om maandag aan de juf te vertellen.

 

Enforcer was voor heel wat bezoekers van Headbanger’s Balls Fest een onbekende en dan stonden ze ook nog eens net onder de headliner. Deze Zweden grossieren in speed en heavymetal en op hun jongste album Zenith zelfs glam- en hairmetal, waardoor sommigen zich afvroegen of Enforcer niet beter op WildFest zou staan. Toch scoort Headbanger’s Balls Fest door deze band naar een breder publiek te brengen. De Zweden pakten de zaal meteen in met wijdbeens gebrachte speed- en heavymetal. Op Zenith staan een paar tot epische proporties opgeblazen mid-tempo-tracks, maar die hadden ze thuis gelaten of ze kregen een extra dosis snelheid. De set werd geopend met Die For The Devil en Searching For You van Zenith, en dan ouder werk als Undying Evil en From Beyond. Oud en nieuw werk werden mooi afgewisseld en hoe verder in de set Enforcer kwam, hoe meer mensen ze mee kregen. Hard werk loont. Maar ook met een klein gebaar win je het hart van een festivalpubliek. Zanger Olof spot tussen de eerste rijen een jongedame in een rolstoel die heel hard aan het headbangen is. Hij wijst haar aan en zendt haar wat liefde en dankbaarheid. De halve zaal smelt.

Moonspell kan je als de Poulidor van de zomerfestivals bestempelen. Acht keer Graspop en drie keer Alcatraz, maar altijd net geen headliner. Voor dat soort festivals zal dat voor Moonspell wel misschien nooit meer gebeuren, maar op Headbanger’s Balls Fest staan ze heel mooi als absolute topper. Afgemeten aan het aantal shirts in de zaal is dit de band waarvoor veruit de meeste mensen een ticket gekocht hebben.

Fernando Ribeiro’s stem klinkt duidelijk minder helder dan in de begindagen, maar voor een band met 27 jaar op de teller zien we dat meteen door de vingers. Hij compenseert dat overigens door te spelen met de intonatie en een overdaad aan theatrale gebaren. De band is van bij het begin goed op dreef en vooral gitarist Ricardo speelt de pannen van het dak.

 

 

Het jongste album van Moonspell, 1755, was heel goed en toch lieten fans zich afschrikken door de uitsluitend Portugese teksten en omdat ze weinig voeling hebben met het concept van het album (een aardbeving in Lissabon). Fans van het eerste uur zijn ook niet altijd gelukkig met de nieuwe richting die een band al eens inslaat. In Izegem hadden Ribeiro en zijn collega’s daarom gezorgd voor een mooie mix van oud en nieuw materiaal, met daarbovenop een knappe lichtshow en tal van attributen. Uit 1755 speelden ze in Izegem Em Nome De Medo, In Tremor Dei, Ruinas en Todos Os Santos. Bij het oudere werk zaten o.m. Opium, Awake, Night Eternal, Breathe, Extinct en Invaded. In de finale zaten naar goede traditie Alma Mater en Full Moon Madness.

Moonspell was de perfecte afsluiter voor een uitstekende editie van Headbanger’s Balls Fest. Benieuwd welke prachtige affiche ze volgend jaar zullen samenstellen.