The Pretenders is al ruim 40 jaar een gevestigde naam in rockland. De in 1978 door de Amerikaanse zangeres/gitarist Chrissie Hynde opgerichte Britse band maakt nog steeds furore met een mix van punk-achtige rock, new wave en popmuziek. Er werden mega hits gescoord met onder andere Brass In Pocket, Back On The Chain Gang, Don’t Get Me Wrong, I’ll Stand By You en I Got You Babe (met UB40). Wie een van deze nummers niet kent heeft de afgelopen 40 jaar in een grot geleefd.

Zoals tal van groepen is ook The Pretenders er een met een turbulent verleden. Van problemen met drugs gebruikende bandleden (twee bandleden overleden zelfs als gevolg van overmatig gebruik) tot huwelijksperikelen van Chrissie Hynde. Zowel haar huwelijk met Ray Davies (The Kinks) als dat met Jim Kerr (The Simple Minds) waren geen lang leven beschoren. Verder kent de geschiedenis van The Pretenders talloze wisselingen in de groepsbezetting. Uiteindelijk heeft Hynde als enige alle stormen doorstaan en is ze de constante factor. Dat de groep in 2005 werd opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame mag gerust op haar conto geschreven worden.

Terug naar het heden, want anno 2020 zijn we aanbeland bij Hate For Sale. Dit elfde album laat een band horen waar de tand des tijds niet aan geknaagd heeft. Het karakteristieke stemgeluid van Hynde (in 2021 wordt ze 70 jaar) is geen spat veranderd. En op gitaar staat ze nog steeds haar vrouwtje.

Dat de wortels van de band in de punkperiode zitten laat het rauwe titelnummer Hate For Sale horen. Als ware het een ode aan The Damned, zo denderen de tweeëneenhalve minuut (voor punk begrippen vrij lang), inclusief een schurende mondharmonica, over je heen. Op The Buzz wordt gas teruggenomen. Met bijna vier minuten is dit het langste nummer van het album. Wanneer je bedenkt dat het over drugs gaat is dat niet vreemd natuurlijk wanneer je The Pretenders heet.

Lightning Man doet denken aan I Got You Babe. Een nummer met reggae-invloeden wat men eerder deed met UB40. Turf Accountant Daddy is een dampende rocker en een nummer waarbij iedere zaal op haar grondvesten zal kraken. De semi-ballad You Can’t Hurt A Fool is door de sterke en emotievolle zang een parel. En misschien ook het mooiste nummer van de cd. My Love Is In NYC is een vrij doorsnee midtempo stuk met veel gitaarwerk.

Het korte Junkie Walk met een overstuurd klinkende gitaar en jankende solo is weer een aanstekelijke rocker. Het springerige Didn’t Want To Be This Lonely heeft een jaren tachtig atmosfeer die doet denken aan Mud. Net als Turf Accountant Daddy zal dit ongetwijfeld een live favoriet worden. Het slotakkoord is Crying In Public. Misschien een tikje vreemd om een rockalbum af te sluiten met een ballad. Maar wanneer je dit op zijn Chrissie Hynde’s doet en zo mooi, is dat vergeven.

Is er dan niets op het schijfje aan te merken? Misschien dat de speelduur van een half uur aan de magere kant is. Of reflecteert dit mijn verlangen naar nog vijf nummers van drie minuten? Mager of niet, met Hate For Sale schotelt Chrissie Hynde met haar kornuiten de liefhebbers een uitermate vet rockalbum voor.